Kroaten en leger nemen sinds middernacht bestand in acht

LJUBLJANA, 8 OKT. Kroatië heeft vannacht, na de zware raketbeschietingen van het federale leger op het centrum van Zagreb, waarbij president Tudjmans paleis een voltreffer kreeg, een rustige nacht beleefd. Hoe lang de rust zal aanhouden is onduidelijk: Kroatië wees vanochtend een aanbod van het door Servië beheerste staatspresidium voor een staakt-het-vuren van de hand.

Het staatspresidium bood gisteravond aan de wapens neer te leggen als Kroatië eerst de belegering van de federale kazernes zou opgeven. Vanochtend maakte een Kroatische regeringswoordvoerder duidelijk dat die voorwaarde onaanvaardbaar is: het leger is begonnen met vechten en het leger moet zich dus terugtrekken voordat er sprake kan zijn van een bestand, aldus de woordvoerder.

Het staatspresidium, waarin nog slechts de vertegenwoordigers van Servië, Montenegro en de Servische provincies Kosovo en Vojvodina actief zijn, eiste vannacht dat Kroatië vóór middernacht vandaag onder toezicht van waarnemers van de EG de blokkade van de kazernes opheft en de federale troepen met hun materieel ongehinderd uit de kazernes laat vertrekken. Van de EG werd een garantie geëist dat Kroatië zich aan het staakt-het-vuren zal houden. Als Kroatië in gebreke blijft zal het leger zijn militaire actie, bedoeld om de kazernes te bevrijden, hervatten.

Tot vannacht twaalf uur werd in alle crisisgebieden in Kroatië nog fel gevochten. Daarbij zijn tientallen doden gevallen. Volgens sommige berichten zijn alleen al in Dubrovnik in Dalmatië deze week bij beschietingen door federale troepen 150 mensen omgekomen.

Gistermiddag voerde de federale luchtmacht een raketaanval uit op het paleis van de Kroatische president Tudjman. De raketten richtten zware schade aan aan het zes eeuwen oude gebouw. De presidentiële werkkamer, waar Tudjman, de Joegoslavische president Stipe Mesic en de federale premier Ante Markovic voor een werkbespreking bijeen waren, werd grotendeels vernield.

De geëmotioneerde Tudjman sprak van een moordaanslag. Ook de Joegoslavische premier Markovic repte van “een poging tot moord”. Hij stelde zijn eigen minister van defensie, Kadijevic, verantwoordelijk en eiste diens aftreden. Bovendien zei Markovic niet meer naar Belgrado te zullen gaan zolang Kadijevic in functie is. Het federale leger ontkende later gisteren alle verantwoordelijkheid voor de raketaanval.