Tadzjieken dwingen president tot aftreden

MOSKOU, 7 OKT. Na massale protestacties van de oppositie, die twee weken hebben aangehouden, is gisteren de president van de Sovjet-republiek Tadzjikistan, Rachmon Nabijev, afgetreden. Volgens radio-Moskou heeft Nabijev voorgesteld later dit jaar directe presidentsverkiezingen te houden.

Het aftreden van de president is de derde zege van de anti-communistische oppositie op rij. Vorige week al bereikten ze dat eerst de staat van beleg werd opgeheven en dat er vervolgens een eind werd gemaakt aan de activiteiten van de communistische partij, in afwachting van de resultaten van een onderzoek naar haar houding ten tijde van de staatsgreep in Moskou, midden augustus.

Na de mislukking van die staatsgreep schorste de toenmalige president van Tadzjikistan, Aslonov, de communistische partij, maar het door de communisten gedomineerde parlement kwam tegen die maatregel in opstand. Op 23 september werd Aslonov ontslagen, en Nabijev, een orthodoxe communist die de partij tot 1985 heeft geleid, werd tot zijn opvolger gekozen en de partij werd in ere hersteld.

Daartegen kwam het Tadzjiekse volksfront in opstand. Twee weken lang is op het centrale plein van de hoofdstad Doesjanbe een wake gehouden, die uiteindelijk heeft geleid tot Nabijevs aftreden. Een belangrijke rol werd daarbij overigens gespeeld door een groep vertegenwoordigers van president Gorbatsjov, die naar Doesjanbe is gestuurd om te bemiddelen. Een van de leden van die groep was Anatoli Sobtsjak, de burgemeester van St. Petersburg. (Reuter)