Academische specialisten zorgelijk over stelselherziening ziektekostenverzekering; "Plan-Simons laat van keuzevrijheid weinig over'

ROTTERDAM, 5 OKT. Hoewel het "plan-Simons' is bedoeld om de gezondheidszorg beter en efficiënter te maken, zal zij slechter en duurder worden. Dat voorspelt prof.dr. J. Jeekel. Hij is voorzitter van de Academische Specialisten Vereniging (ASV), die 2.200 artsen in Nederlandse academische ziekenhuizen vertegenwoordigt. “In die plannen wordt met geen woord gerept over academische ziekenhuizen”, zegt Jeekel, “maar wij maken ons wel ernstige zorgen. Het doel van academische ziekenhuizen is enerzijds moeilijke gevallen op te vangen door specialistische kennis en kunde en anderzijds door onderzoek verbeterde behandelmethoden te ontwikkelen. Dat is dus een kwestie van kwaliteit en dat begrip komt in de plannen evenmin aan de orde.”

Jeekel verbaast zich over de drang van de overheid zich in een zo vergaande mate te bemoeien met de inrichting van de gezondheidszorg. “Dat lijkt mij in de eerste plaats een zaak van patiënten, verzekeraars en artsen. Patiënten betalen premies aan verzekeraars en artsen bieden hun diensten aan. De overheid betaalt daar hoegenaamd niets aan mee. De gemiddelde gezondheidszorg in dit land is zeer goed. Ik durf te stellen: beter dan in de meeste Westerse landen. En op het oog lijken die kosten uit de hand te lopen, maar welbeschouwd vormen die al een jaar of acht zo'n negen procent van het Bruto Nationaal Produkt. Er is een soort status quo”, zegt Jeekel. “Is het dan zo nodig om daar zo heftig verandering in te gaan brengen?”

In het nieuwe stelsel van ziektekostenverzekeringen is het de bedoeling dat instellingen met elkaar gaan concurreren. “Dat komt slecht uit”, zegt Jeekel, “want wij kunnen helemaal niet concurreren. In academische ziekenhuizen wordt aan opleiding en onderzoek gedaan. De infrastructuur is duur, er zijn grote intensive-care-afdelingen, er staat kostbare apparatuur omdat er dingen worden gedaan die elders vaak niet kunnen. Academische ziekenhuizen worden wel beschouwd als "the last resort', het laatste toevluchtsoord voor patiënten met een slecht vooruitzicht. In die hoedanigheid kun je niet concurreren met een algemeen ziekenhuis, dat het zonder twijfel veel goedkoper kan, maar die specifieke zorg niet biedt.”

Om aan te tonen dat de uitgaven zullen oplopen verwijst Jeekel onder meer naar berekeningen van de Contactgroep Personeelsfondsen Ziekenfondsen (CPZ), de Ziekenfondsraad en de particuliere verzekeraars, verenigd in het KLOZ. Die instanties hebben becijferd dat de beheerskosten van het verzekeringsapparaat zullen stijgen met globaal 50 procent. Daar wordt dit jaar 3,3 miljard gulden aan uitgegeven, hetgeen dus zou stijgen met anderhalf tot twee miljard gulden. “Vergeet niet dat straks drie partijen moeten gaan administreren. Artsen en para-medici moeten geweldig gaan rekenen omdat ze met de verzekeraars moeten gaan onderhandelen. Er moet over transacties worden gepraat. Er moet voor ieders eigen statistiek informatie worden verzameld en de kosten moeten nauwkeurig worden geregistreerd door al die partijen om toe te zien hoe het met de doelmatigheid gaat. Dat geldt dus zowel voor de overheid, die achter de Centrale Kas zit, de verzekeraars en wij, de aanbieders. Er zullen straks naar schatting vijftig verzekeraars overblijven, die kris-kras door het hele land al concurrend contracten moeten gaan afsluiten met 30.000 medici. Dat komt - extreem gesproken - al op anderhalf miljoen nieuwe contracten uit.”

Maar ook de patiënt zal voor een forse druk op de voorzieningen gaan zorgen, zo vrezen de academisch specialisten. “Wat dat basispakket allemaal gaat omvatten is niet helemaal duidelijk, maar zeker is dat er geen enkele prikkel tot terughoudendheid zal zijn voor wat er wel in zit. Wie een eigen risico of eigen bijdrage moet betalen voor gezinszorg of verpleeghulp krabt zich twee keer achter het oor. Maar als dat zonder meer in het basispakket zit ben je gek als je er geen beroep op doet. We zien dat nu al met taxi-bonnen, die we moeten aftekenen. Iemand komt uit de regio voor controle na een operatie en mag een taxi nemen. Als je vraagt of zoon of dochter niet even had kunnen rijden kijkt zo'n patiënt je verbijsterd aan. Hoezo, je mag toch een taxi nemen? En zo iemand heeft nog gelijk ook.”

Er zal volgens Jeekel een ongebreidelde vraag ontstaan naar alles wat in het basispakket zit. Dat blijkt volgens hem nu al: ziekenfondspatiënten maken dertig tot veertig procent meer gebruik van de zorg dan particulier verzekerden, hetgeen naar zijn mening goeddeels verklaarbaar is uit het feit dat er voor ziekenfondsverzekerden nagenoeg geen prikkels zijn tot beheersing. “Sinds de ambulante psychiatrie onder de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten is gekomen keren verzekeraars het dubbele uit”, zegt Jeekel.

Niet alleen de kosten zullen stijgen in zijn optiek, ook de kwaliteit zal achteruit gaan. “Er is sprake van een volksverzekering, ook al mag die niet zo heten en dan dringt zich de vergelijking op met de Britse National Health Service. Omdat er sprake is van een onbegrensde vraag, is er altijd per definitie te weinig geld óf het is er niet op tijd. Dat zal zich onmiddellijk vertalen in wachtlijsten, want niet alleen het geld, ook het aanbod is beperkt. De ontwikkeling in het Verenigd Koninkrijk laat zien dat rijke patiënten geen boodschap hebben aan wachtlijsten. Er zullen dus privé-klinieken ontstaan, die vanzelfsprekend de krenten uit de pap gaan pikken, relatief snelle en gemakkelijke ingrepen waar vlot geld mee kan worden verdiend”, zo voorspelt Jeekel. “Als er in dergelijke klinieken iets mis gaat - en laten we wel wezen er gaat in ziekenhuizen nogal eens iets mis gaat - dan wordt het te laat herkend, als het al wordt herkend. In het beste geval moet zo'n patiënt worden vervoerd naar een "echt' ziekenhuis en wordt een beroep gedaan op de intensive-care. Dat alles is levensbedreigend of berokkent de patiënt op z'n minst schade. Tegelijkertijd wordt het werk in het ziekenhuis relatief duurder en zwaarder, want de vlotte, gemakkelijke ingrepen worden elders gedaan. De spoeling wordt heel dik.”

Het begrip kostenbeheersing, zoals het nu in de plannen is verwoord laat zich volgens de hoogleraar maar op één manier uitleggen: de aanbieder die de verzekeraar voor een bepaalde vorm van zorg het laagste bod doet, wordt "de opdracht gegund'. “Dat kan niet anders dan ten koste gaan van de kwaliteit, die bovendien heel marginaal in de gaten wordt gehouden door de overheid.”

Ook op een ander punt verdraagt het plan-Simons zich volgens Jeekel niet met wat in Nederland altijd als een waardevol goed is gezien, de vrije keus van arts en ziekenhuis. “Wat daar van overblijft is me niet helemaal duidelijk. Als het straks echt op concurrentie aan gaat komen heb je als patiënt maar af te wachten met welke arts of met ziekenhuis je zorgverzekeraar in zee gaat. Van een echte vrije keus kan haast niets overblijven. Dat zou onder andere voor het religieuze deel van onze samenleving wel eens een groot probleem kunnen worden. Al met al ontstaat een averechts effect op kwaliteit, kosten en toegankelijkheid”, aldus Jeekel.