Nelson Mandela zelf wakkert argwaan in zakenwereld aan; ANC rept weer van nationalisaties

JOHANNESBURG, 4 OKT. Het ANC heeft de argwaan in de zakenwereld over zijn economische koers in een nieuw Zuid-Afrika deze week aangewakkerd met uiterst gevoelige verklaringen van zijn leiders.

Nationalisering van privé-ondernemingen en het herwaarderen van internationale financiële verplichtingen blijken op de agenda te staan van het ANC. De economische beleidsmakers, die op conferenties in binnen- en buitenland het gematigde gezicht van het ANC laten zien, proberen nu met sussende verklaringen de schade te beperken. Zij weten dat deze thema's weinig aantrekkingskracht uitoefenen op buitenlandse investeerders, die het land ook onder een zwart meerderheidsbewind nodig zal hebben om de ruïnes van de apartheidseconomie op te ruimen.

Nelson Mandela zelf opende vorige week vrijdag de doos met stekelige onderwerpen, die enige tijd potdicht was gebleven omdat het ANC bezig is zijn economische politiek te formuleren. Mandela hield een groep zakenlieden aan een banket voor dat een ANC-regering mijnen en financiële instellingen in staatshanden wil laten overgaan, opdat de meerderheid van het volk niet langer de toegang tot de bronnen van de Zuidafrikaanse welvaart wordt ontzegd. Het past in het concept van de "herverdeling van welvaart' na de apartheid, waar zwarte politici veel over praten en theoretiseren - maar zo sterk was het in tijden niet gehoord.

Het bedrijfsleven reageerde meteen. De veelarmige moloch Anglo-American toonde zich in een verklaring “zeer teleurgesteld”, omdat Mandela tegen de verwachting van het zakenleven in weer kwam aanzetten met “het soort archaïsche en failliete gedachten, waarvan we hoopten dat het ANC ze achter zich had gelaten om toe te treden tot de echte wereld van de jaren '90”. In één klap leek de toenadering tussen het bedrijfsleven en het ANC verleden tijd. Nieuw massagewerk wacht Mandela.

De tweede controverse veroorzaakte deze week secretaris-generaal Cyril Ramaphosa op het leerstuk der buitenlandse leningen. Volgens Ramaphosa heeft een toekomstige regering in Zuid-Afrika, hoogstwaarschijnlijk gedomineerd door het ANC, het “recht en de morele plicht” leningen die zijn verstrekt aan het apartheidsregime opnieuw te bekijken op hun voorwaarden, zoals rente en terugbetalingstermijnen. De nieuwe regering kan over die voorwaarden de onderhandelingen met financiers heropenen. Ramaphosa verwees in een vraaggesprek met het gezaghebbende dagblad Business Day naar de recente staatslening, uitgegeven door de Deutsche Bank, Duitslands grootste bank, die twee weken geleden een groot succes werd.

De verwarring binnen de beweging liet niet lang op zich wachten. Trevor Manuel, hoofd economische planning van het ANC, verklaarde voor de televisie dat het ANC “niet getrouwd is met nationalisering”. En het adjunct-hoofd buitenlandse betrekkingen, Stanley Mabizela, liet weten dat comrade Ramaphosa wel zo veel kon vinden, maar dat elke nieuwe regering de internationale verplichtingen van de vorige regering dient over te nemen. “Dat mag een ongelukkige situatie zijn, maar dat zijn de internationale wetten”.

Het dagelijkse bestuur van het ANC, het beleidsbepalende National Working Comittee, liet gisteravond in een verklaring weten dat Ramaphosa met zijn uitlatingen over de leningen de positie van het ANC accuraat had weergegeven. Stanley Mabizela had “een persoonlijke mening” gegeven.

Waarmee is aangegeven dat de ANC-top niet in een tijdelijke fase van ongelukkige momenten verzeild is geraakt, maar bewust de biceps toont: wij komen eraan, hebben weliswaar nog geen stemrecht, maar wil alvast rekening met ons houden. Dat is hoog spel. De economische politiek van het ANC gaat gesluierd door het leven. Pas begin volgend jaar zal een economisch programma worden vastgesteld. En omdat het ANC bewust - hoe groter, hoe sterker - nog geen politieke partij is, maar een bevrijdingsbeweging, lopen de meningen over een toekomstige economische orde sterk uiteen. De Zweedse sociaal-democratie heeft binnen het ANC zijn aanhangers, maar Jozef Stalin evenzeer.

Maar het ANC wil niet wachten tot het via een langdurig proces van onderhandelen en algemene verkiezingen in Zuid-Afrika, al dan niet met andere partijen, aan de macht is. Het wil tot die tijd mee-regeren, hetgeen in zijn herhaalde roep om een interim-regering in de overgangsperiode ligt besloten. Op een aantal gebieden doet het ANC dat al min of meer, zoals bleek bij de totstandkoming van het nationale vredesakkoord drie weken geleden. Maar op de economische politiek heeft het ANC nog weinig greep - het verzet tegen de invoering van een BTW van tien procent op de meeste goederen en diensten haalde deze week niets uit.

Wie nu zaken doet met het “apartheidsregime”, krijgt straks te maken met nieuwe zakenpartners, die niet met de handen op de rug gebonden willen beginnen, lijkt het ANC met dit offensief te willen zeggen. Critici in Zuid-Afrika noemen het een onverstandige en onverantwoordelijke zet, die het vertrouwen in de Zuidafrikaanse economie alleen maar kan schaden. Het werkloosheidspercentage onder de zwarte bevolking bedraagt 43 procent. De formele economie kan van de jaarlijkse stroom van 300.000 tot 400.000 nieuwe toetreders tot de arbeidsmarkt maar hooguit 50.000 werkzoekenden herbergen.

De groei die nodig is om de economie uit het slop te halen kan niet zonder buitenlandse investeerders. Of die willen wachten op het definitieve ANC-gezicht met al die andere verleidelijke opties op het mondiale schaakbord - nieuwe markten in Oost-Europa, een stabieler Latijns Amerika of de Aziatische snelgroeiers - dat wagen de critici te betwijfelen.

    • Peter ter Horst