CVSE: nieuw beleid mensenrechten

MOSKOU, 4 OKT. De 38 landen die in Moskou deelnemen aan de CVSE-conferentie over de rechten van de mens hebben gisteren besloten dat internationale onderzoeken naar schendingen van de rechten van de mens verplicht kunnen worden gesteld. De Sovjet-Unie vond het voorstel niet ver genoeg gaan, maar legde zich er uiteindelijk wel bij neer.

Tot dusverre hebben de landen van de Europese Veiligheidsconferentie - alle Europese landen, de VS en Canada - steeds het principe van de niet-inmenging in elkaars aangelegenheden voorrang gegeven boven het recht, zich actief te bemoeien met schendingen van de rechten van de mens. In een gisteren aangenomen, 24 pagina's tellend document komen ze evenwel tot de conclusie dat de rechten van de mens alle andere landen aangaan. Ze stemden in met het principe, dat internationaal onderzoek verplicht is wanneer er redenen zijn om aan te nemen dat de rechten van de mens in een deelnemend land worden geschonden.

De Sovjet-Unie, tot voor kort een voortdurend doelwit van kritiek in verband met de eerbiediging van de mensenrechten, vond deze bepaling niet ver genoeg gaan; volgens de Sovjet-delegatie zal ze schendingen van de rechten van de mens niet kunnen verhinderen. Ze steunde een Duits voorstel waarin sprake was van de mogelijkheid sancties te nemen tegen landen waar de mensenrechten worden geschonden. Dat Duitse voorstel haalde het echter niet. Sovjet-delegatieleider Sergej Kovaljov, een voormalig politiek gevangene, zei dat het ontbreken van effectieve mechanismen voor het automatisch en verplicht controleren van de stand van de mensenrechten “een bittere nasmaak” nalaat. Volgens hem is het onmogelijk doelmatig op te treden zolang de CVSE het principe van de unanimiteit en consensus handhaaft. “Het hele CVSE-proces is volstrekt ondoelmatig en hulpeloos”, aldus Kovaljov.

Ook de Britse delegatie had moeite met de uiteindelijke resolutie, omdat die voorziet in het verplicht toelaten van onderzoeksmissies. Volgens bronnen rondom de CVSE-conferentie hadden de Britten daarmee vooral de situatie in Noord-Ierland in gedachten. De Nederlandse delegatieleider Van der Stoel, die namens de Twaalf optrad, was evenwel zeer tevreden. Hij zei dat de resolutie de eerbiediging van de rechten van de mens ten goede komt.

In de resoluitie is besloten tot de samenstelling van een “reservoir” van specialisten op het gebied van de mensenrechten. Dat reservoir wordt aangesproken als men, met of zonder instemming van het betrokken land, tot de conclusie komt dat er een onderzoek nodig is naar schendingen van de rechten van de mens in een van de 38 landen. (AP)