OAS neemt strafmaatregelen tegen leiders coup in Haïti

WASHINGTON, 3 OKT. De 34 leden van de Organisatie van Amerikaanse staten (OAS) hebben vanmorgen vroeg in Washington unaniem besloten tot sancties tegen het nieuwe militaire regime van Haïti. De resolutie beveelt aan leden van de OAS aan om economische, militaire en politieke banden met Haïti door te snijden.

De secretaris generaal van de OAS, Joao Baena Soares, vliegt met een delegatie van ministers van buitenlandse zaken naar Haïti met de eis dat de junta aftreedt en de gekozen president Aristide in zijn ambt wordt hersteld. Als de missie mislukt, komt de OAS-vergadering opnieuw bijeen om verdere stappen tegen Haïti te bespreken. Volgens de afgezette president Aristide is het voordeel van een missie dat de junta tijdens het hoge bezoek geen bloedbad durft aan te richten.

Er was een andere ontwerp-resolutie met een oproep tot militair geweld, maar die werd niet in behandeling genomen. President Bush zei dat hij “niet geneigd” was tot het gebruik van Amerikaans militair geweld tegen de junta van Haïti. “We hebben een lange geschiedenis van Amerikaans geweld in dit werelddeel, dus moeten we daar erg voorzichtig mee zijn. We zien wel wat de anderen in de OAS willen.”

Bush voelt wel eventueel voor een multinationale strijdmacht van de OAS. De Amerikaanse minister van buitenlandse zaken, James Baker, zei dreigend dat “andere stappen genomen moeten worden” als diplomatieke en economische druk op de junta van Haïti mislukt. “We moeten van Haïti een paria op het Westerse halfrond maken”, zei Baker tijdens de vergadering.

Amerika heeft niet zulke dringende redenen om in te grijpen als eerder in Panama (1989) of in het eiland Grenada (1983). Door het einde van de Koude Oorlog ontfermt de Sovjet-Unie zich niet langer over een land als Haïti als het door het Westen in de steek wordt gelaten. Daar dreigt dus geen gevaar.

In het geval van Grenada maakte de Amerikaanse regering zich zorgen over Cubaanse invloed op dat eiland en de bouw van een vliegveld voor eventueel militaire doeleinden. De invasie in Panama was ingegeven door het Amerikaanse belang in het Panama-kanaal en de vermeende rol van Noriega in de doorvoer van drugs naar de Verenigde Staten. De staatsgreep in Haïti houdt niet dergelijke rechtstreekse bedreigingen van Amerikaanse belangen in.

De OAS staat wel meer dan vroeger open voor ferme stappen tegen een lidstaat. Alle leden zijn democratieën in formele zin. Terwijl OAS-leden in 1989 nog elke vorm van interventie in Panama veroordeelden, bleef deze week een dergelijke verklaring ten aanzien van Haïti uit. De sancties gaan dan ook heel ver. Voor militair optreden is echter de goedkeuring van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties nodig. Haïti bedreigt namelijk niet de collectieve veiligheid van de OAS. De staatsgreep is een binnenlandse affaire voor Haïti, dus volgens VN-regels moeilijk aan te pakken. Afgelopen maandag weigerde de Veiligheidsraad bijeen te komen om de staatsgreep in Haïti te bespreken. De kans bestaat dat de Veiligheidsraad vandaag wel het besluit van de OAS zal aanbevelen.

Vandaag is Aristide in New York om misschien de Algemene Vergadering en de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties toe te spreken. In de vergadering van de OAS werd hij gisteren met een staande ovatie verwelkomd. Voor het witte, neoklassieke gebouw van de OAS demonstreerden honderden Haïtianen voor zijn terugkeer. Aristide was drie kwartier op emotionele toon aan het woord. “Ik geloof dat uw tegenwoordigheid in het land hen zal doen realiseren dat ze niet in het Nationale Paleis kunnen blijven”, zei hij tot zijn internationale gehoor. Hij noemde de junta “gek op macht”. Tijdens een persconferentie na zijn toespraak zei hij dat de politieke problemen in Haïti langs vreedzame weg moeten worden opgelost.

Het Pentagon heeft bij wijze van voorzorgmaatregel 500 mariniers naar de Amerikaanse vlootbasis aan de rand van Cuba, Guantanamo Bay, gestuurd om Amerikanen die door de coup in gevaar komen, eventueel te evacueren. Tot nu toe verkeren er geen Amerikaanse burgers in gevaar.

De Nederlandse ambassadeur in Washington, mr J.H. Meesman kondigde, tijdens de OAS-vergadering gisteren namens de EG aan dat de lidstaten de economische hulp aan Haïti opschorten.

    • Maarten Huygen