Bouwen in bamboe

Bouwen in bamboe is goedkoop en aardbevingbestendig. Een Nederlands project, uitgevoerd in Costa Rica, krijgt deze week een prijs van de Verenigde Naties.

In Costa Rica werd in 1987 een project begonnen om met bamboe woningen te bouwen. Woningbouw is daar hard nodig: op een bevolking van 2,5 miljoen mensen is er een tekort van 156.000 woningen.

De gebruikelijke bouw materialen zijn hout en betonsteen, maar beide zijn nogal duur. Hout is bovendien schaars aan het worden door de sterke ontbossing, en beton gedraagt zich slecht bij aardbevingen.

In 1987 kregen enkele mensen in Costa Rica het idee om met bamboe te gaan bouwen. In Colombia is dat heel gewoon, maar in Costa Rica in het geheel niet. Het idee werd uitgewerkt tot een projektvoorstel, dat door Nederland werd betaald: twee kwartjes per Nederlander.

Met eigen handen

Je kunt niet zomaar met mensen een zelfbouwprojekt beginnen. Er moet eerst een sociale struktuur zijn: de dorpelingen moeten samenwerken in een coöperatie. Die mensen moeten zich dan eerst ook nog bewust zijn van hun slechte huivesting, en ze moeten leren inzien dat ze er met hun eigen handen iets aan kunnen doen. De staf van het projekt reist daarvoor naar elke coöperatie die zich heeft aangemeld om mee te mogen doen.

Het probleem is dat de dorpelingen op de eerste avond een houding hebben van: "Jullie komen uit de stad; zeg maar wat we moeten doen'. Het vraagt heel wat avonden praten om hen ervan te overtuigen dat dat niet de bedoeling is, maar dat hun eigen ideeën serieus worden genomen.

Dit praten gaat maanden lang door, een avond per week. Het idee moet groeien dat zij zelf hun woningprobleem kunnen oplossen. Dan moet ook nog duidelijk worden dat bamboe een geschikte techniek is voor hun bouwopgave.

Als je zover bent, kun je met de mensen gaan praten over de indeling van het nieuwe huis. Dat is iets heel nieuws voor ze: het krot waar ze nu in wonen kent geen indeling. Het idee dat ze een huis kunnen krijgen met kamers is iets waar ze aanvankelijk van duizelen. Samen pratend en overleggend en met begeleiding van de projektstaf komen ze tot het ontwerpen van plattegronden die beantwoorden aan hun ideeën.

De leden van de coöperatie kunnen dan overgaan tot de technische training. Elke week is er op een avond les over wat ze de volgende week moeten bouwen, een soort avond-ambachtsschool. Die lessen worden gegeven door technische medewerkers van het projekt. Op de zaterdag wordt het geleerde in praktijk gebracht in de bouw van één huisje, een oefenobject dus, wat na gereedkomen verder dienst doet als kantoor van de coöperatie. De week erna bouwt elk gezin aan het eigen huis. In de regel zijn de huizen na zes maanden klaar.

De opzet van een bamboe huis is als volgt. Een huis is tussen 36 en 50 vierkante meter groot. In zo'n huis zijn drie slaapkamers: een voor de ouders, een voor de jongens en en voor de meisjes. Er is een keuken, een douche met toilet en een woonkamer. De woonkamer is niet erg groot want het meeste leven speelt zich buiten af. Soms is de keuken buiten; dat hangt af van de plaatselijke gewoonten.

Technisch zit het huis eenvoudig in elkaar. Het begint met een fundering van gewapend beton: een balkje van ongeveer 15 bij 20 centimeter rondom. Daar komt het skelet op te staan, wat van bamboe moet zijn, maar wat nu nog veelal van houten latten is omdat er nog niet genoeg bamboe is. De wanden worden verder ingevuld met opengevouwen bamboe, en dat wordt aan twee kanten afgepleisterd. Het dak bestaat uit golfplaat, en de vloer is een dun laagje beton.

Het is een duurzaam huis en goed schoon te houden. Meestal is er water en elektriciteit. Het afvalwater komt terecht in een kleine zinkput. Tot nu toe liep al het vuile water over de grond rond het huis. Kippen, varkens en kinderen lopen er doorheen.

Bamboe plantages

Voor bamboe woningen heb je bamboe nodig, maar dat was er in 1987 in Costa Rica nauwelijks. Daarom is het projekt begonnen met het aanleggen van bamboe plantages, bij elkaar 200 hectare. Het vochtige en warme klimaat, en de vruchtbare vulkanische bodem maken een snelle groei van bamboe beter mogelijk dan waar ook ter wereld.

Het aanplanten van bamboe is goed voor verbetering van een streek die geteisterd is door ontbossing. Helaas zijn er in Costa Rica maar al te veel van zulke streken. Een andere belangrijke winst bij het aanleggen van bamboe plantages is het tegengaan van ontbossing voor woningbouw van hout: een plantage van 70 ha is voldoende om elk jaar 1000 huizen van bamboe te bouwen, en dat scheelt elk jaar 600 ha ontbossing. (Toen ik dit voor het eerst hoorde vond ik het ongeloofwaardig, maar het is echt zo.)

Probleem is dat het een paar jaar duurt voordat een bamboe plantage volwassen is en begint te produceren. Daarom zijn er tussen 1987 en nu slechts 550 huizen gebouwd. Als de plantages volop produceren, vanaf 1993, worden er elk jaar 3000 huizen gebouwd. Aan de andere kant is zo'n langzame aanloop voor een projekt wel goed; in het begin zijn er toch wel moeilijkheden te overwinnen.

Een bamboe woning van 50 m² kost in zelfbouw ongeveer 5000 gulden. De andere systemen in de woningbouw zijn ongeveer 20% duurder. Alleen een houten huis is ruwweg 5% goedkoper, maar hout is duur in onderhoud. Het bamboeprojekt richt zich op mensen met een maandinkomen van minder dan 250 gulden. Over de afbetaling mogen zij 15 jaar doen. De rente is 1% - symbolisch want de normale rente daar is meer dan 20%.

De coöperaties krijgen het geld uit de aflossingen. Met dat geld gaan zij kleine bedrijfjes beginnen. Het meest voor de hand ligt om als klein aannemertje bamboehuizen te gaan bouwen voor mensen die iets meer geld hebben - en dat gebeurt ook.

Verder komen er in het projekt zelf heel wat arbeidsplaatsen beschikbaar. Van de 200 ha plantages komen elk jaar 600.000 bamboe stammen. Die moeten allemaal gekapt worden, behandeld tegen schimmels en vervoerd. Verder wordt er gekeken naar het vervaardigen van prefab bamboe panelen voor de 3000 huizen per jaar, naar bamboe meubels en naar bamboe triplex. Vier studentes van de TU Eindhoven hebben studies verricht naar de haalbaarheid van dergelijke ideeën. De conclusies zijn heel positief.

Elastisch

Een huis van bamboe is licht van gewicht, en elastisch. In april 1991 is er een zware aardbeving geweest aan de kant van de Atlantische oceaan, met een kracht van 7.5 op de schaal van Richter. Bij toeval stonden er twintig huizen dicht bij het epicentrum. Na de aardbeving stonden zij er allemaal zonder enige schade. In de direkte omgeving zijn veel huizen van hout of betonsteen verwoest of zwaar beschadigd. Maar de bamboehuizen staan erbij alsof er niets is gebeurd.

Eind 1990 werd een evaluatie verricht door een missie samengesteld uit vertegenwoordigers van verschillende internationale organisaties en van de Nederlandse regering. Het oordeel was heel gunstig. Het projekt wordt in het bijzonder gecomplimenteerd voor het samenbrengen van woningbouw, herbebossing, bewustwording en training. Verder zijn de oorspronkelijke doelstellingen redelijk gehaald, soms zelfs overtroffen.

Dit gunstige oordeel wordt nog versterkt doordat de Verenigde Naties (om precies te zijn, het United Nations Centre for Human Settlements, Habitat, in Nairobi) aan het project de Habitat Scroll of Honour voor 1991 heeft toegekend, met als motivering: "In recognition of promoting the new use of bamboo as an affordable, pleasant and earthquake-resistant construction material in low-cost housing, generating new economic activities, undertaking reforestation to arrest soil erosion and contributing to environmental improvement.' De prijsuitreiking is 7 oktober.

Er is nu een aanvraag voor voortzetting van steun door de Nederlandse regering. Het is de bedoeling dat dit de tweede keer is dat het projekt gesteund wordt. Vanaf 1994 moet het projekt op eigen benen verder kunnen. Gezien het voorgaande moet dat mogelijk zijn.

De auteur is van het begin af aan bij het projekt betrokken geweest, en heeft nu de technische supervisie namens de VN en de Nederlandse regering.

    • Jules J.A. Janssen