Meer Frankrijk in Afrika is beter voor Afrika en ook beter voor Europa

Zaïrezen hebben de winkels geplunderd nadat hun leider, Mobutu Sese Seko, het land vijfentwintig jaar plunderde. In de Galérie Présidentielle, het winkelcomplex van Kinshasa, is alles gestolen of kort en klein geslagen. Voor korte tijd is er respijt, dan knaagt de honger weer en blijken de winkels niet meer te bestaan.

De plundertocht zal Zaïrezen niet zo rijk maken als hun president-profiteur die zich in geval van nood kan terugtrekken in zijn buitenverblijven te Nice, Genève of Brussel. Het arme Afrikaanse land, de rijke dictator. Zaïre zakt in elkaar, so what? De wereld draait rustig door. België en Frankrijk evacueren hun burgers. En als het echt mis gaat kan Nederland, in een vlaag van samaritaanse gevoelens, een gironummer openen. Maar de meesten schrijven landen als Zaïre af, tropische oorden met bananen en gelijknamige republieken.

Maar zo eenvoudig ligt dat toch niet. Als West-Europa Afrika laat vallen, komt Afrika naar Europa. Dat klinkt enigszins pathetisch, maar krijgt steeds meer een letterlijke betekenis. Frankrijk, Italië en ook België ondervinden de toestroom van economische vluchtelingen uit Afrika. Ze beseffen goed dat de Middellandse Zee in de global village een smalle beek is en dat de spoeling aan de noordkant dun wordt als sloebers uit het zuiden naar de vetpotten gaan. Het lot van Afrika, met landen als Zaïre, is verbonden met Europese belangen. De villabewoner zal niet rustig slapen als daklozen hun krotten neerzetten voor zijn deur.

De plunderingen in Zaïre zijn daarom meer dan een lokale en kleurrijke strijd om de macht. Als dat immense land verkommert, uiteenvalt of in burgeroorlog ten onder gaat, kunnen België en Frankrijk zich opmaken voor een extra stroom economische vluchtelingen. België en Frankrijk sturen para's, voor evacuatie van hun burgers. Dat is begrijpelijk, de grote moordpartijen van 1978 onder de Belgen in Shaba veroorzaakten een angstreflex. Maar de uittocht van duizenden Europeanen is een ramp voor de Zaïrese economie. Deze zal verder inzakken. De troepen handhaven voorlopig de orde: zij treden op als gendarmes van Zaïre. En daarna? Blijft Mobutu in het zadel, of komt er een verandering van regime?

De plunderingen zorgden voor een politiek impasse. Mobutu is gebleven, en de oppositie - verenigd onder de naam Union Sacree - mag meeregeren. Dit is geen "Belgisch compromis', maar een voorlopige pauze in de machtsstrijd. In deze schimmige toestand zal de Zaïrese leider, de zwarte Machiavelli, proberen de opposanten tegen elkaar uit te spelen. Patrice Lumumba, Joseph Kasavubu en Moïse Tshombe: Mobutu overleefde ze allemaal, en hij wil ook de opposanten van nu overleven. En niemand weet hoe hecht de band is tussen de oude Joseph Ileo (christen-democraat), de opportunist Karl Nguza-i-Bond (liberaal) en Etienne Tshisekedi (sociaal-democraat), de spreekbuis van de oppositie.

Ideologische etiketten zeggen weinig, op de achtergrond smeulen tribale fricties. Mobutu weet dit. De drie waren ooit deel van het regime, zij het in zijn gloriedagen. Tshisekedi zal proberen Mobutu's positie uit te hollen, Mobutu zal proberen de oppositie te laten vastlopen in onderling gekibbel. Mobutu Sese Seko Kuku Nguendu Waza Banga, zo luidt de Bantoe-naam van de Zaïrese leider: Mobutu, de haan die alle kippen dekt. De Zaïrese haan wil heersen, hij is een meester in het machtsspel, hij weet dat er voor hem één alternatief is: de chaos.

Belgen en Fransen moeten zich daarom niet beperken tot ordehandhaving, maar een changement de régime orchestreren. Van Belgie is dat te veel gevraagd: de de regering struikelde er zelf bijna over haar binnenlandse conflicten. Een land dat amper zichzelf kan regeren, heeft niet de interne kracht om elders te interveniëren. Belgie mist een Afrika-politiek. Brussel kent alleen partij-politiek waarbij de regerende coalitie sacrale betekenis heeft. Zaïre werd een terrein van hobbyisten. Enige jaren geleden brak Brussel met Mobutu, maar aan "politieke alternatieven' werd nooit gewerkt. Bekende opposanten als Tshisekedi werden in Brussel geregeld door rijkswachters opgepakt. Over hem werd erg lacherig gedaan. Nu is hij de nieuwe Zaïrese premier, speelt hij een sleutelrol in Kinshasa en kruipen Brusselse politici zich voor hem. Witte paters zullen de laatste restanten blijven van de Belgische aanwezigheid in Midden-Afrika. Belgie is te klein voor Zaïre. Dat is helemaal geen schande, voor Nederland zou dat niet veel anders zijn.

Het enige Europese land dat een "ordetaak' in Afrika kan spelen is Frankrijk. Parijs heeft historische banden met het continent, bezit het cynisme dat nodig is voor een machtspolitiek en de middelen om macht tot gelding te brengen. De Afrikaanse landen die Frankrijk als moederland hadden, staan er het beste voor, of beter gezegd: het minst slecht. Frankrijk heeft Afrika nooit als een boef verlaten. De Franse cultuur werd altijd opengesteld voor Afrikanen, ook na de dekolonisatie bleven de banden intensief. Zo hebben de Fransen in Ivoorkust en Senegal veel invloed achter de officiële macht, vaak regeren zij mee. Parijs kent het zwarte continent, het kan er vrienden maken en zonodig hakken met het bijltje.

Nu het relatieve gewicht van Frankrijk in Europa vermindert, zou Europa het Franse gewicht in Afrika moeten versterken. De Duitse eenheid heeft Frankrijk in het L'Europe des Nations op het tweede plan gezet, de force de frappe heeft in de nieuwe strategische verhoudingen de waarde van een kermisattractie. De Duitse invloed stroomt oostwaarts, Parijs ziet het met lede ogen aan. Het zou goed zijn de Franse frustratie te verminderen door het herstel van Afrika te aan te pakken onder Franse leiding. Frankrijk kan achter de schermen een effectieve administratie opzetten, wat in Zaïre nu een absolute vereiste is voor herstel. De Franse Afrika-politiek is niet gebaseerd op sympathieën of filantropie, maar op belangen. Geen enkele leider hoeft bij falen te rekenen op speciale steun. Dat ervoer Bokassa, ex-keizer van de Centraal Afrikaanse Republiek. Mobutu heeft ook voor Parijs afgedaan, hij is een heerser van het verleden wiens vertrek moet worden geënsceneerd. Frankrijk kan dat beter dan welk ander Europees land ook. Meer Frankrijk in Afrika is beter voor Afrika, en beter voor Europa. Dat laatste is wellicht een cynische overweging met een vleugje Europees eigenbelang, een concept uit de dagen van Bismarck. Maar eigenbelang is doorgaans het betrouwbaarste richtsnoer voor elk buitenlands beleid.