Eerste regie van nieuw artistiek leider Peter De Baan bij RO Theater

Tartuffe met twee botsende stemmenVoorstelling: Tartuffe van Molière door het RO Theater. Regie: Peter de Baan; vertaling: Peter Verstegen; decor: André Joosten; kostuums: Dorien de Jonge; spelers: Ruurt de Maesschalck, Debbie Korper, Stefan de Walle e.a. Gezien 28-9 Schouwburg, Rotterdam. Te zien t-m 6-10 aldaar. Daarna t-m 30-11 elders in het land.

Komediespelen is een heimelijke samenzwering tussen toneelspeler en toeschouwer. Het ene personage knipoogt naar de zaal terwijl het andere door zijn toedoen te gronde gaat. Een komediant zoekt geen weerklank bij zijn medespelers, maar aan gene zijde van de vierde wand. Speel een blijspel van Molière, zoals Tartuffe (1664), en maak het toneel zo groot als de schouwburgzaal.

Een komedie moet blij eindigen; maar dat blije slot is pure ironie. Dat was in Molières tijd zo, dat is nog steeds zo. Natuurlijk is zwart, tragisch garen geweven door het flonkerende zijde van het blijspel. Maar dat ene draadje zwart verandert niet zomaar het genre. Het laatste bedrijf van een blijspel moest voor Molière vooral kort en snel zijn. Of zoals hij schreef: "Ik doe er goed aan deze komedie snel te beëindigen, anders is het geen komedie meer." Scherper en trefzekerder kon hij het verschil tussen komedie en tragedie niet aanduiden. Het heeft met duur te maken, waardoor een komedie vanzelf in een drama eindigt. Dat geldt voor alles: een korte omhelzing is feestelijk, een omhelzing van drie uur krijgt iets huiveringwekkends. Tijd beheerst de genres.

Met Tartuffe treedt Peter de Baan als regisseur en artistiek leider van het RO Theater voor het voetlicht. Uit zijn eerste regie spreken twee stemmen, voortdurend in conflict met elkaar. Er klinkt nog de stem van het vroegere politieke theatergezelschap Sater, waarvan Peter de Baan schrijver en regisseur was. En er is de stem die spreekt van verlangen naar de grote zaal, waarheen veel toeschouwers stromen.

Tartuffe weerspiegelt die innerlijke strijd. Enerzijds is Peter de Baan erin geslaagd met een cast van merendeels voortreffelijke spelers en met tal van subtiele, sublieme regievondsten de stijl van het komediespelen dicht te naderen. Hij is niet bang voor grote effecten, Schmiere, festijn op de speelvloer en rechtstreekse impact. Dat aspect van De Baan is nieuw voor me. Hij weet zijn acteurs en actrices zodanig te bewegen dat ze, ogenschijnlijk zonder schroom, de zaal in het complot van de voorstelling betrekken.

Maar nu de tegenstem. Er is altijd veel te doen geweest over het vijfde en laatste bedrijf van Tartuffe. Molière zou het verhaal over de hypocriete Tartuffe die de keurige, maar onnozele en tirannieke huisvader Orgon listig berooft van vrouw, kroost en huis terwille van de koning aan het slot finaal omgekeerd hebben. Liet Molière het stuk eindigen met de inrekening van aartshuichelaar Tartuffe op bevel van de genadige koning, dus een blij einde met ironie, dramaturgen van velerlei slag en grauwe pluimage hebben bij hoog en bij laag beweerd dat Molière een gruwelijke en hem onwaardige knieval maakte voor de monarch.

Ook het RO Theater is door deze bacil aangetast. Men heeft Guus Baas de opdracht gegeven het laatste bedrijf te herschrijven, volgens de consequenties uit de voorafgaande bedrijven. Waar Molière alle lijnen op het laatst verbreekt en de hele zaak duchtig op zijn kant zet, denkt Guus Baas verder mee met het plot en laat de dochter van Orgon huwen met Tartuffe. Toegegeven, bijtender kan de kille hypocrisie van de mensheid niet worden uitgebeeld, maar het vreemde is, dat Molière in het stuk al zoveel aanwijzingen geeft voor deze ontwikkeling, dat de toeschouwer die afloop allang zelf heeft bedacht. En tegelijk in gedachten heeft uitgewist, want dat is al te makkelijk.

Dat wist Molière ook. In de omkering in het laatste bedrijf, die snel en slagvaardig moet gebeuren omdat de tragiek de komedie op de hielen zit, schuilt de kracht van het stuk. Als toeschouwer weet ik nu dank zij de bewerking "eens te meer" hoe hyprocriet en op eigen winstbejag uit de mensen zijn. Maar dat wilde ik helemaal niet "eens te meer" weten. Ik wil liever het ongebreidelde, oorspronkelijke slot zien.

Uit deze tweede stem van De Baan spreekt de angst verkeerd begrepen te worden. Dat is overbodig. De acteurs en actrices in Tartuffe weten hoe ze een blijspel met tragische ondertoon uitbeelden. Zoals Debbie Korper als de door Tartuffe verleide Elmire glimmert met haar ogen, zoals Stefan de Walle als Valère in zijn hachelijke rol als afgewezen minnaar groots is of zoals Ruurt de Maesschalck met een enkele oogbeweging de toeschouwer medeplichtig maakt aan zijn gedrag dat eerder zelfbegoocheling is dan huichelarij: onberispelijk. Molière schreef voor acteurs en niet voor dramaturgen; en vooral voor de ongerijmde dubbelzinnigheid en oprechte gemeenheid van acteurs. Daar geniet ik het meest van; daarvoor is theater bestemd. Het RO Theater heeft die kwaliteit van spelers en regisseur in huis. De volgende regie is van goud.