Congres steunde Wim Kok, maar niet zijn plannen

Wat is er afgelopen zaterdag toch met de Partij van de Arbeid gebeurd? Zelfs de Internationale moest het aan het slot van het congres ontgelden. Het "sterft gij oude vormen en gedachten' werd hierdoor dit keer wel zeer letterlijk genomen. Het congres danste niet, het congres debatteerde niet en het congres zong tenslotte ook nog niet eens. Het was het congres van de adhesie. Kok mag blijven zei tachtig procent van de aanwezigen. En daarmee sprak de PvdA-achterban uit dat op dit moment regeren moet worden verkozen boven opnieuw oppositie voeren. Maar heeft de PvdA nu ook massaal gekozen voor radicale vernieuwing? Dat valt nog maar te bezien. Wim Kok werd gesteund, niet zijn plannen.

Het was geen goed congres, maar vooral een onwezenlijk congres. Al was het alleen maar omdat Kok als partijleider met een ferme openingsspeech de toon kon zetten. Vanzelfsprekend? In andere partijen wellicht wel, maar niet in de PvdA. Koks voorganger Den Uyl heeft menigmaal moeten ervaren dat hij op congressen pas aan het woord kon komen na een uitvoerig ordedebat. Maar een congres op verzoek van de partijleider is dan ook een bijzonder congres. De afgevaardigden kwamen om te stemmen, discussie was eigenlijk niet meer gewenst. En waarom ook? Alle argumenten waren de laatste weken wel gewisseld. Het was al van tevoren bekend dat het in Nijmegen niet om de inhoudelijke vraag zou gaan, maar om de machtsvraag. Niet verwonderlijk dus dat het congres, nadat zeventig sprekers in de gebruikelijke twee minuten spreektijd aan het woord waren geweest, geen behoefte had aan een tweede ronde. Wilt u afronden zei het congres tegen zichzelf. Kok had na al die weken nu wel lang genoeg gebungeld en had recht op duidelijkheid, was de stemming.

Een onwezenlijk congres. De meeste congresgangers waren met hun gedachten zo verstrikt in de "WAO annex PvdA-problematiek' dat het hen geheel was ontgaan dat de Amerikaanse president Bush enkele uren daarvoor met zoveel woorden een bijna-kernwapenvrij Nederland had aangekondigd. Hoe kort is het nog maar geleden dat Joop den Uyl met opstappen moest dreigen, om tenminste nog twee kerntaken in Nederland te houden? Hoe kort is het nog maar geleden dat de kruisrakettendiscussie de PvdA verlamde? En was het ook niet nog maar twee jaar geleden dat op het verkiezingscongres een levendige discussie werd gevoerd over de "derde nuloptie'? Het buitenland helpt de partij van haar strijdpunten af, maar de PvdA zou de PvdA niet zijn als daar niet ogenblikkelijk enkele nieuwe voor in de plaats worden gezet. Dus hebben de nucleaire kerntaken plaats gemaakt voor de kerntaken in de sociale zekerheid om de PvdA verdeeld te houden.

Want verdeeld blijft de partij, ook na zaterdag. In die zin heeft het congres nog maar weinig opgelost. Kok had gelijk door zijn politieke voortbestaan te koppelen aan instemming van zijn partij met de WAO-besluiten. Bij cruciale beslissingen kunnen beleid en persoon onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Kok stelde terecht in zijn openingstoespraak niet verder te kunnen als mocht blijken dat voor een zodanig essentieel onderdeel van het beleid het vertrouwen zou ontbreken. Dus sprak het congres over de WAO èn Kok, maar wat had men graag beide zaken apart behandeld. En hoe anders zou de uitkomst voor de WAO dan zijn geweest.

Nu reeds zeggen dat Kok versterkt uit de strijd is gekomen en dat er een draagvlak is voor vernieuwing, zoals PvdA-fractievoorzitter Wöltgens doet, is rijkelijk voorbarig. Het verwerpen van de WAO-plannen zou wegens het onvermijdelijke vertrek van Kok kiezen voor de chaos zijn geweest. De partij heeft begrijpelijk gekozen voor rust, maar dat is wat anders dan kiezen voor vernieuwing. Het is juist de paradoxale uitkomst van het congres dat terwijl de onderstroom er één was van behoud van verworven rechten, de partijtop volop gaat werken aan inhoudelijke vernieuwing. Het vernieuwen zal - om in PvdA-jargon te blijven - van "au' gaan.

Wat moet die vernieuwing trouwens inhouden? Daarover was partijleider Kok in zijn Nijmeegse rede toch weer vooral vaag. Omdat het onder de beschermende paraplu van vader Staat wat erg vol is geworden, moet er wat veranderen, zei hij. “Wie het alleen naar heeft over verworven rechten, verworven rechten en nog eens verworven rechten, miskent wat er aan de hand is”. Maar wàt moet er dan gebeuren? Het probleem van de PvdA is nu juist dat de analyse over wat er mis is door slechts door weinigen wordt betwist, maar dat de ellende begint zodra het op concrete maatregelen aankomt. Zie de WAO en ziektewet discussie. Maar zie ook de discussie over het minimumloon.

Kok kwam weer niet verder dan abstracte begrippen als een sociaal zekerheidsstelsel dat naast bescherming ook vrijheid moet kennen, herstel van het evenwicht tussen rechten en plichten, van verzorgingsstaat naar participatiestaat, emancipatie in solidariteit en het omgaan met de spanning tussen sociale zin en eigenbelang. Want juist in een “individualiserende samenleving moet saamhorigheid zijn”. Maar als al die begrippen nu eens worden betrokken op de discussie die de afgelopen weken is gevoerd dan is duidelijk hoe het werkelijk met het draagvlak voor dit soort veranderingen in de PvdA is gesteld.

Kok wil nu hij het vertrouwensvotum van het congres heeft gekregen “vol overtuiging” leiding gaan geven aan de vernieuwing van het programma. Terwijl hij daarmee bezig is, gaat de partij op zoek naar een nieuwe voorzitter. Het is de zoveelste vreemde constructie in een partij waarvan in elk geval tot voor kort het levenssap bestond uit procedures. Er zal zich straks maar een voorzitterskandidaat melden die er geheel andere programmatische ideeën op nahoudt. Of levert de vernieuwer de voorzitter er vanzelf bij?

Kok heeft hoog ingezet en, zoals zaterdag bleek, overduidelijk gewonnen. Een politiek leider mag zijn achterban zo nu en dan, zoals Kok het zelf uitdrukte, “voor een verduiveld moeilijke afweging plaatsen”. Als Den Uyl dat bijvoorbeeld in 1977 had gedaan, was dat tweede kabinet er hoogstwaarschijnlijk inderdaad gekomen. Het machtswoord hoort bij de politiek.

De sociaal-democratie staat op een kruispunt van wegen, zei Kok zaterdag. Vanzelfsprekend beschouwt hij de uitslag van de stemming als een keuze voor de weg waarop hij de PvdA door de jaren negentig wil loodsen. Daarom is zijn oproep aan de tegenstanders om de partij toch vooral trouw te blijven, vanuit de familiegedachte wel begrijpelijk, maar voor het overige niet erg verstandig. Een harde keuze vergt harde consequenties. Kok is op dit moment meer gebaat bij een afscheiding dan bij een permanent intern debat over de koers. De afsplitsing van de PvdA-ers die zich later groepeerden in DS '70 heeft de PvdA indertijd van heel wat discussie verlost, terwijl er van die partij nooit een echte electorale bedreiging is uitgegaan. Een afsplitsing ter linkerzijde zou wel eens hetzelfde effect kunnen hebben. Laat mensen als Moor, De Visser en Van der Scheur, de socialisten in de PvdA en de werkgroep "PvdA weer sociaal' maar hun eigen partij oprichten. Dan zal het draagvlak voor de vernieuwing van de PvdA pas echt blijken. Een draagvlak waarover Kok zich dan pas echt geen zorgen meer hoeft te maken.