Op het gerinkel van gordelkleinodiën; Bloemlezing van 3000 jaar Chinese poëzie

W.L. Idema (samenst. en vert.): Spiegel van de klassieke Chinese poëzie: van het Boek der Oden tot de Qing-dynastie. Uitg. Meulenhoff, 663 blz. incl. voorwoord en register.

In het begin van deze eeuw onderging de westerse poëzie, door toedoen van bewegingen als het "imagisme', een niet geringe gedaantewisseling. Harriet Monroe, redacteur van het gezaghebbende Amerikaanse tijdschrift Poetry: A Magazine of Verse, omschreef het gemeenschappelijk streven van de "nieuwe' dichters eens als volgt: “Imagism [is] the beginning of a search for the Chinese magic.” Lotusbloesem en dauw, een melancholiek-mysterieuze natuur, bevolkt met exotische flora en fauna, bespiegelende observaties, een vleugje Zen: het hoort allemaal bij de Chinese magie, die in de loop van de huidige eeuw de beeldspraak van een keur van westerse dichters heeft beïnvloed. De beeldende kwaliteit van Chinese karakters (door Ezra Pound ooit omschreven als "true images') heeft hier zeker ook haar steentje aan bijgedragen.

Laten we eens kijken naar een "echt' Chinees gedicht, in de achtste eeuw van onze jaartelling geschreven door de beroemde "natuurdichter' Wang Wei.

IN DE BERGEN

Witte rotsen steken uit de beek,

Door kilte zijn de rode blaren schaars.

Het bergpad - toch valt er geen regen:

Het hemelblauw doorweekt je kleren.

Als je zo'n laatste regel leest, is het als westerse lezer inderdaad moeilijk om niet in vervoering te raken. Juist de eenvoud van het beeld doet ons vermoeden dat er van alles achter moet zitten. Termen als "mysterie' en "magie' zijn dan snel gevonden. Toch durf ik te beweren dat de achtste-eeuwse Chinese lezer daar volstrekt anders over gedacht zal hebben. De oude Chinese dichters schreven binnen een traditie die fantasie en oorspronkelijkheid in hoge mate als niet ter zake doend veroordeelde en juist de nadruk legde op realisme, duidelijkheid en navolging van voorbeelden. Voor wie in zo'n traditie leeft, heeft het gedicht van Wang Wei slechts één betekenis, die bij eerste lezing direct duidelijk is. Klassieke Chinese poëzie is "de meest vakkundige expressie van de meest toepasselijke emotie'. Niet meer en niet minder. Gelukkig hoeven wij ons daar niet aan te storen en kunnen wij, omdat wij de traditie toch niet kennen, met de Chinese gedichten doen wat we willen. En dat hebben onze dichters in de loop der jaren dan ook gedaan, op allerhande manieren en met vaak indrukwekkende resultaten.

Het gedicht van Wang Wei is opgenomen in de onlangs bij Meulenhoff verschenen Spiegel van de klassieke Chinese poëzie, die is vertaald en samengesteld door de sinoloog W.L. Idema. Om maar meteen met de deur in huis te vallen: de "spiegel' van Idema is de beste vertaalde bloemlezing van klassieke Chinese poëzie die ooit in het Nederlands is verschenen en zal dat ook altijd blijven. De combinatie van vertaaltalent, eruditie en toewijding die Idema in dit boek ten toon spreidt, is dermate uniek dat ik niet geloof dat het resultaat ervan ooit nog door iemand overtroffen zal worden.

Alleen al de omvang van het boek is indrukwekkend. Ruim 650 pagina's met vertalingen die de hele, drieduizend jaar lange Chinese traditie beslaan. Dit alles wordt dan ook nog eens op gedegen wijze in een historische context geplaatst met behulp van een verhelderende inleiding, voorwoorden bij ieder hoofdstuk en een functioneel (dat wil niet zeggen: niet te groot) aantal voetnoten. Idema neemt de lezer als het ware bij de hand en leidt hem mee door de Chinese (poëzie)geschiedenis. Er bestaan in andere westerse talen, met name in het Engels, vergelijkbare bloemlezingen, maar nog nooit is bij mijn weten een dergelijk werk door één persoon verricht.

Consequent

Laat ik echter terugkeren naar de "Chinese magie'. Bij het overbrengen daarvan hangt veel af van de manier waarop vertaald wordt. De grammaticale structuur van het klassiek Chinees is, vooral wanneer het wordt toegepast in poëzie, relatief rudimentair en staat soms open voor uiteenlopende interpretaties. Wie ver wil zoeken, kan ver gaan en dat is in het verleden door vertalers die de "magie' onder woorden wilden brengen (opnieuw Ezra Pound) dan ook gedaan. Idema blijft wat dat betreft veel dichter bij huis. En terecht: rudimentair of niet, het klassiek Chinees heeft wel degelijk een grammatica. Als er staat: “man, slaan, hond” dan betekent dat “de man slaat de hond”, desnoods “de mannen slaan de honden”, maar nooit “de hond slaat de man” of “mannen slaan: hond!” Idema prefereert over het algemeen de "letterlijke' vertaling. Dat er dan nog genoeg "magie' overblijft, mag blijken uit het volgende voorbeeld: op bladzijde 87 van de "spiegel', in het gedicht "Getroffen door kwellingen' van Qu Yuan (339-278? v. Chr.) treffen we de volgende regel aan: “Ik loop graag op de maat van het klinken van mijn gordelkleinodiën.” In de belangrijkste Engelse vertaling van dit gedicht (door David Hawkes) luidt deze regel als volgt: “I will follow my natural bent and please myself.” Inderdaad was “op de maat lopen van het klinken van gordelkleinodiën” een soort vaste uitdrukking voor “to follow one's natural bent”, maar in dit geval klinkt de letterlijke vertaling wel zo fraai.

Natuurlijk kun je twisten over het gebruik van woorden als "kleinodiën'. Idema schuwt, zoals hij in zijn voorwoord ook toegeeft, "ouderwets' taalgebruik zeker niet. Dat wordt gedeeltelijk gerechtvaardigd door het feit dat veel van de gedichten heel oud zijn en dat ook de nieuwere in de klassieke schrijftaal geschreven zijn, zodat de woordenschat, vergeleken met het moderne Chinees, ongetwijfeld vele archaïsmen bevat. Het heeft echter ook te maken met een ander kenmerk van Idema's vertaalmethode. Het Chinees kent niet weinig woorden die, wanneer je ze vertaalt, allemaal ongeveer hetzelfde betekenen. Idema lijkt erop gespitst om, met behulp van zijn ook al niet geringe kennis van de Nederlandse taal, voor verschillende Chinese woorden ook verschillende Nederlandse vertalingen te bedenken en komt dan soms uit op woorden die de gemiddelde Nederlander niet zo een-twee-drie kent. Zo wordt bijvoorbeeld een dubbele aanduiding van het begrip "klotsen' in de vertaling van Idema tot "zwalpend klotsen' en de alom bekende Gele Rivier wordt "de Gele Stroom', omdat een ander karakter, dat ook "rivier' betekent, al als "rivier' vertaald is. Zo'n manier van vertalen is een hachelijke onderneming, die niet altijd geweldige resultaten oplevert, maar dat is nu eenmaal het nadeel als alles door één vertaler wordt vertaald. Opnieuw blijkt in het voorwoord dat Idema zich hiervan terdege bewust is. Het blijft een kwestie van smaak. Ik vermoed dat in een werk van een dergelijke omvang inconsequentie een groter euvel geweest zou zijn.

Mysterie

Een ander probleem bij het vertalen van poëzie is wat je moet doen met rijm en metrum. Aangezien vrijwel alle klassieke Chinese gedichten aan strakke rijm- en vormvoorschriften voldoen, gaat er veel verloren als je daar in je vertaling helemaal geen aandacht aan besteedt. Aan de andere kant leiden berijmde vertalingen maar al te vaak tot verkrachting van het origineel. De methode die Idema hanteert, is onder vertalers vrij bekend. Hij laat de Nederlandse regel een even groot aantal beklemtoonde lettergrepen bevatten als het aantal karakters in het Chinese origineel. Daarnaast houdt hij vaak de in de regel aanwezige "cesuur' (over het algemeen vóór de laatste drie karakters van een regel) in het oog. Ook hier is sprake van een mysterie, want hoe het mogelijk is dat een zo vreemde taal als het klassiek Chinees zich vrij gemakkelijk op een dergelijke manier in het Nederlands (en overigens ook in het Engels) laat vertalen, begrijpt eigenlijk niemand. In ieder geval lezen de vertalingen van Idema dankzij dit procédé zeer vlot en behouden zij tenminste iets van het ritmische karakter van het origineel. De weinige voorbeelden van echt "vrije' vertalingen in Idema's boek zijn waarschijnlijk vooral tot stand gekomen onder de druk van deze werkwijze. Ik haast me echter erbij te vermelden dat Idema wat dit betreft de consequentie niet volledig doorvoert. Als het echt niet kan, gaat hij zich niet in vreemde bochten wringen om alsnog het gewenste resultaat te bereiken.

Trouw zijn aan het origineel en de gedichten voor zichzelf laten spreken is het devies dat Idema hanteert. Het resultaat is een uiterst leesbare en gevarieerde bloemlezing, die, in plaats van een ontnuchterende "onttovering' te bewerkstelligen, veeleer de magie versterkt.