Nederlandse bedrijven zijn niet zuinig op het ...

Nederlandse bedrijven zijn niet zuinig op het menselijk talent binnen de eigen onderneming.

Is in Nederland slechts één op de vier managers ouder dan 60 jaar, in de Verenigde Staten geldt dit voor meer dan de helft van de managers en in Japan is al bijna driekwart van de directeuren boven de 60. De gemiddelde leeftijf van het Nederlandse management ligt zo laag omdat de pensioensregelingen hier vaak beter zijn dan die in het buitenland. Ook kennen de meeste andere landen niet een VUT of een soortgelijke regeling voor vervroegde uittreding. Alleen Oostenrijk scoort in deze vergelijking beduidend lager dan Nederland: slechts 14 procent van de Oostenrijkse managers ouder is dan 60 jaar. Veel pensioenregelingen in Oostenrijk gaan niet uit van de leeftijd maar van het aantal dienstjaren. In Oostenrijk wordt een werknemer bij 35 dienstjaren pensioengerechtigd. Dit betekent dat iemand die begint te werken op zijn 25ste, op zijn 60ste wordt gepensioneerd. Ondernemingen beseffen meer en meer dat naast het investeren in jong talent het ook belangrijk is om de oude garde te behouden. In de eerste plaats om kennis en ervaring te behouden maar ook omdat het aanbod op de arbeidsmarkt afneemt door de toenemende vergrijzing van de bevolking. De "baby boom' is afgelopen en er studeren dus minder mensen af. Voor de jongere generatie heeft dit als voordeel dat de onderlinge concurrentie afneemt en de kansen op een carrière toenemen. Ter illustratie: bij het chemiebedrijf Bayer daalde tussen 1986 en 1990 het aandeel van mensen jonger dan 35 jaar van 34 naar 20 procent, ofwel met ruim 40 procent.