Invoerheffing VS treft eigen industrie

NEW YORK, 27 SEPT. De Verenigde Staten lijken zich in hun eigen vingers te hebben gesneden met een importbelasting op Japanse computer-onderdelen, bedoeld als straf voor “dumping” en ter bescherming van Amerikaanse fabrikanten.

Toshiba heeft deze week aangekondigd dat het produktie van de VS zal terugbrengen naar Japan, en enkele Amerikaanse bedrijven - waaronder IBM en Apple - zeggen dat zij grote schade lijden door de maatregel. Apple zal misschien produktie verhuizen naar Singapore of Ierland.

Begin augustus hief de Amerikaanse overheid een belasting van 63 procent op een hoogst geavanceerde categorie beeldschermen voor draagbare computers, de zogenaamde “active matrix” schermen. Die worden in slechts een klein percentage van alle draagbare computers verwerkt; maar de beeldschermen zijn zeer gewild omdat ze een uiterst scherp beeld bieden, in kleur, en snel veranderen (in oudere beeldschermen is de overgang van bijvoorbeeld de ene "pagina' naar de andere een stuk trager). Draagbare computers, de "laptop' en "notebook' modellen, vormen bovendien de snelstgroeiende categorie computers.

De VS legden het importtarief op omdat zij tot de conclusie waren gekomen dat Japanse producenten de beeldschermen onder de kostprijs in de VS verkopen om de markt te veroveren. De belasting diende niet alleen als straf voor “dumping,” maar ook om enkele Amerikaanse fabrikanten de ruimte te geven hun eigen produkten te ontwikkelen.

Het probleem is dat die Amerikaanse fabrikanten nog niet voldoende produktiecapaciteit hebben om aan de vraag te voldoen. Daarom zijn fabrikanten in de VS, waaronder IBM, Apple en de Amerikaanse fabriek van Toshiba, nog steeds op de Japanse produkten aangewezen.

Toshiba zei deze week dat het de assemblage van de computers zou overhevelen van de VS naar Japan, totdat de importbelasting wordt opgeheven. Een van de Japanse fabrikanten van de beeldschermen, Hosiden, vertelde gisteren in de New York Times dat hij verscheping van de beeldschermen naar de VS had gestaakt “omdat onze klanten niet willen betalen voor de fabricage in de VS,” aldus een woordvoerder.

Apple Computer heeft al verschillende keren gezegd dat het de assemblage van draagbare Macintosh computers zal overhevelen naar Singapore of Cork (in Ierland). De importbelasting geldt alleen voor de beeldschermen, niet voor computers waarin die schermen zijn verwerkt.

Apple, IBM en Compaq hadden deze zomer fel geprotesteerd tegen de importbelasting.

De mogelijkheid bestaat nu dat Amerikaanse werkgelegenheid verloren gaat als Apple bij zijn dreigement blijft en IBM volgt. Toen het tarief in augustus werd opgelegd zei een IBM-woordvoerder: “Dit is een soort ontruimingsbevel van de Amerikaanse overheid voor de snelstgroeiende sector van de Amerikaanse computerindustrie.”

Toen enkele maanden geleden de Verenigde Staten en Japan hun ruzie over halfgeleiders bijlegden, werd een importheffing van 100 procent op complete computers afgeschaft, als onderdeel van dat akkoord. Daardoor werden produktiekosten in de VS en Japan gelijkgeschakeld. Door het nieuwe tarief op beeldschermen is het plotseling een stuk goedkoper geworden om computers in Japan te laten maken, dan in de VS.