"EG-beleid computers moet worden verbeterd'

VENETIË, 27 SEPT. De Europese overheden en de EG moeten de noodlijdende computerindustrie in Europa veel beter beschermen tegen de concurrentie uit de Verenigde Staten en Japan. Hiertoe hebben de toplieden van de grote Europese computerconcerns, Bull, Siemens-Nixdorf en Olivetti, donderdag opgeroepen tijdens een conferentie in Venetië. Dat meldt het Britse dagblad Financial Times op vrijdag.

Volgens de Europese computerproducenten hebben hun Amerikaanse en Japanse tegenspelers de voordelen van een sterke thuismarkt en een uitstekende relatie met de plaatselijke overheden. Meer dan negentig procent van de staatsopdrachten in de twee landen gaan bijna routineus naar de nationale bedrijven. In Europa hebben de computermakers maar dertig procent van overheidsorders voor computerprojecten in handen. Zolang deze situatie niet verandert, ziet de toekomst er niet erg rooskleurig uit, zo verklaarden de topindustriëlen.

De topman van Bull, Francis Lorentz, maakte duidelijk dat de groep geen protectie door de EG zoekt. Eerder pleiten de fabrikanten voor een samenhangend beleid van Brussel dat het belang van de Europese computerindustrie nu eens duidelijk onderstreept. Daarnaast willen ze in een vroeg stadium worden betrokken bij de ontwikkeling van Europese computerprojecten om zo betere kansen te krijgen bij de latere verdeling van de opdrachten.

Achter de schermen van de conferentie in Venetië speelde zich nog een kleine rel af rond het Britse ICL, dat vorig jaar in handen kwam van het Japanse Fujitsu. De directievoorzitter van ICL, Peter Bonfield, was in eerste instantie uitgenodigd om deel te nemen aan de Europese gespreksronde, maar onderlinge dreigingen met het boycotten van de bijeenkomst maakte dit later onmogelijk. Bonfield, beschouwd als een Japans paard van Troje in Europa, kon zijn zegje uiteindelijk doen in een overlegronde waarbij ook IBM en Digital bij aanwezig waren. De topman van ICL pleitte daar overigens voor een sterke Europese thuismarkt.