Tropisch hardhout

In het artikel over tropisch hardhout (W&O, 5 sept.) wordt vermeld dat gemeenten die het gebruik van tropisch hardhout op eigen houtje wilden weren, zijn teruggefloten door de Raad van State.

Dit is ten dele juist. In de eerste plaats is het desbetreffende standpunt van de Raad van State niet vervat in een gerechtelijke uitspraak maar "slechts' in een advies aan minister Alders. Zo'n advies heeft geen direct bindende werking. Alle gemeentelijke regelingen over tropisch hardhout zijn dan ook tot op de dag van vandaag onverminderd van kracht.

Verder wordt in het genoemde advies (van de achtste afdeling van de Raad van State) niet geconcludeerd dat de bestaande gemeentelijke regelingen onwettig zijn. Deze regelingen zijn namelijk in het geheel buiten beschouwing gebleven. In het advies wordt uitsluitend geconcludeerd dat belangen buiten de landsgrenzen (zoals tropische regenwouden) niet kunnen worden beschermd met de Woningwet en de Gemeentewet. In aansluiting daarop wordt aan minister Alders geadviseerd een landelijke wettelijke regeling te treffen tot beperking van het gebruik van tropisch hout.

De achtste afdeling acht het door de regering voorgestane keurmerk voor "bosvriendelijk gekapt' hout namelijk niet het meest juiste middel om de beoogde bescherming van de tropische regenwouden tot stand te brengen. Deze aanbeveling heeft de regering vervolgens zonder meer naast zich neer gelegd.

Een van de regelingen die niet is beoordeeld is de tropisch-hardhoutbepaling van de gemeente Dordrecht. Deze bepaling is er niet op gericht de tropische regenwouden als zodanig te beschermen. Deze beoogt namelijk in plaats daarvan de ook in Nederland merkbare gevolgen van de ontbossing (toename broeikaseffect, ontregeling klimaat) te beperken. Het bestaan van deze gevolgen wordt ook in het regeringsstandpunt bevestigd. De Dordtse bepaling dient derhalve primair een Nederlands belang. Dit belang wordt overigens niet direct maar indirect beschermd. De toepassing van tropisch hout heeft uiteraard geen directe nadelen voor de gebruikers van gebouwen.

Bij de beantwoording van de kamervragen over het regeringstandpunt Tropisch Regenwoud heeft de regering medegedeeld dat de Woningwet geen mogelijkheid biedt om indirect werkende maatregelen te treffen (antwoord 48). Deze wet is echter indertijd juist primair ingevoerd om dergelijke maatregelen te kunnen invoeren (rooilijnen t.b.v. de toetreding van voldoende licht en lucht in woningen). Bovendien zijn op basis van deze wet later uitbreidingsplannen vastgesteld die zelfs uitsluitend indirect bijdroegen aan de gezondheid en veiligheid. Ook de meer recente eisen voor warmte-isolatie van gebouwen werken indirect. Deze zijn namelijk primair gericht op het terugdringen van het energieverbruik en derhalve niet op voor de gebruikers van gebouwen direct noodzakelijke warmte-isolatie.

Al met al bieden de huidige en de nieuwe Woningwet (via het Bouwbesluit) zonder meer mogelijkheden voor de invoering van een wettelijke beperking van het gebruik van tropisch hardhout.