Negentien nieuwe Fraunhofer Instituten in Oost-Duitsland

Er komen negentien nieuwe Fraunhofer Instituten in het voormalige Oost-Duitsland, zo meldt het jongste kwartaalblad van deze Duitse tegenhanger van TNO, Der Fraunhofer.

Het tot nu toe vijfendertig instellingen tellende Fraunhofer Gesellschaft behoort samen met de 62 Max Planck Instituten (fundamenteel onderzoek op velerlei terrein) en de dertien Grossforschungseinrichtungen (vooral fundamenteel onderzoek voor de overheid) tot de belangrijkste niet-universitaire onderzoekinstellingen van Duitsland. Het Max Planck Gesellschaft had in maart al besloten tot de realisering van circa 25 onderzoeksprojecten in de voormalige DDR, o.a. aan de universiteiten van Jena, Erfurt, Berlijn, Rostock en Dresden.

Acht van de negentien Fraunhofer-vestigingen krijgen een autonome status. In Berlijn komt er een nieuw centrum voor software- en systeemtechniek, in Brandenburg een Instituut voor Polymeerchemie en in Thüringen zal onderzoek worden verricht naar optica en fijnmechanica. In Dresden komen laboratoria voor onderzoek naar microelektronika, elektronenstraal- en plasmatechnieken, materialen en werktuigen. De overige elf vestigingen zijn dependances van bestaande Fraunhofer Instituten, waaronder het Institut für Microelektronische Schaltungen und Systeme (IMS) in Duisburg. In de meeste gevallen zal aansluiting worden gezocht bij reeds bestaande activiteiten van de voormalige Oostduitse Akademie der Wetenschappen. Daarnaast zal worden samengewerkt met de technische universiteiten van Berlijn, Dresden, Magdeburg, Chemnitz en Jena. Voor deze uitbreidingen zal door het Fraunhofer Gesellschaft en de deelstaten 500 miljoen Mark worden uitgetrokken. Er komen 950 mensen bij deze instellingen te werken.

Het Fraunhofer Instituut für Atmosphärische Umweltforschung (IFU) in Garmisch-Partenkirchen heeft de leiding gekregen van SANA, een samenwerkingsverband van zestien wetenschappelijke groeperingen die onderzoek verrichten naar het milieu in de voormalige DDR.