Energiebelasting

NRC Handelsblad van 18 september gaf de ideeën weer die professor dr. F. van der Ploeg uitdroeg tijdens het traditionele universitaire debat in Tilburg naar aanleiding van de troonrede. Van der Ploeg verdedigde de aangekondigde maatregel van het kabinet om de energiebelasting in het kader van de WABM te verdubbelen. Volgens hem is het uit oogpunt van het milieu niet zo erg dat een aantal zware industrieën naar het buitenland vertrekken of naar de knoppen gaan.

Dat deze industrieën verantwoordelijk zijn voor een deel van de vervuiling zal niemand ontkennen. Het is echter onverstandig om het ondernemingsklimaat zodanig te verzieken dat deze ondernemingen naar het buitenland vertrekken of verdwijnen.

Ik vrees dat wij deze industrieën hard nodig zullen hebben zolang wij als consumenten niet bereid zijn onze welvaart op te geven en tegelijkertijd het milieu zo min mogelijk willen belasten. En ik kan mij nauwelijks voorstellen dat Van der Ploeg een wereld zonder kunststof beoogt, aangezien de gevolgen voor het milieu rampzalig zullen zijn indien wij weer uitsluitend zijn aangewezen op natuurlijke materialen.

Als Van de Ploeg zijn zin zou krijgen, zullen we in internationaal perspectief per saldo geconfronteerd worden met negatieve milieu-effecten. Nederland loopt immers in milieu-technologie voorop, zodat de kans groot is dat de produkten die wij van deze industrie betrekken in het buitenland op een minder milieuvriendelijke manier worden geproduceerd. Bovendien hebben de lessen uit het voormalige Oostblok ons geleerd dat het milieu uiteindelijk de zwaarste prijs betaalt voor een stagnerende bedrijfstak of economie. Al met al spant Van der Ploeg in milieu-opzicht het paard achter de wagen.

Goed bezien is de verhoging van de WABM-heffing ook geen milieumaatregel. De hoeveelheid beschikbare middelen voor het milieu stijgt immers niet als de lasten worden verschoven van de algemene overheidsmiddelen naar energie-intensieve industrie. Hoewel de overheid hoog over het milieu opgeeft, moeten we feitelijk concluderen dat zij niet bereid is voor haar aandeel van de milieulasten op te draaien. Om het milieubeleid toch te kunnen blijven financieren tracht de overheid een belangrijk deel van haar lasten af te wentelen op derden.