Strijd laait weer op in Banië en delen Slavonië

LJUBLJANA, 25 SEPT. De gevechten in Kroatië zijn na enige dagen van relatieve rust opnieuw opgelaaid. De in oostelijk Kroatië gelegen steden Vukovar en Vinkovci werden gisteren door de federale luchtmacht gebombardeerd.

Bij de bombardementen zijn volgens officiële Kroatische cijfers tien mensen, volgens ooggetuigen tientallen mensen, om het leven gekomen.

Volgens de Kroatische radio werden bij de bombardementen splinter- en gifgasbommen gebruik. Kroatië beschuldigde het leger er zaterdag al van gifgas gebruikt te hebben in Petrinja. De stadjes Pakrac en Lipik, in Banië, werden door zware granaten van het federale leger en Servische milities met de grond gelijk gemaakt. Ook de hoofdstad van Banië, Sisak, werd met granaten beschoten. In het westen van Kroatië wordt gevochten in de regio Lika. De gevechten concentreren zich daar vooral rond een kazerne in het dorpje Sveti Rok. Het dorpje is door de Kroatische Nationale Garde omsingeld.

Werd het zondag door de Kroatische president Tudjman en minister van defensie Kadijevic overeengekomen staakt-het-vuren de afgelopen dagen in de media een "breekbaar bestand" genoemd, vandaag was men het er in krantencommentaren over eens dat het bestand was “opgebrand”. De Kroatische regering heeft gisteren geëist dat het fedrale leger zich uit deze republiek terugtrekt.

In de republiek Bosnë leidt de aanwezigheid van zo'n drieduizend reservisten van het federale leger, afkomstig uit Montenegro, tot een verscherping van de etnische tegenstellingen tussen enerzijds Serviërs en anderzijds Kroaten en moslims. Van de 4,2 miljoen inwoners van Bosnië is 40 procent moslim, 32 procent Serviër en 19 procent Kroaat. De reservisten bivakkeren ten zuiden van Mostar waar vrijdagavond zijn aangekomen. Aangenomen wordt dat zij op weg zijn naar Kroatië. Volgens televisie Sarajevo hebben dronken reservisten huizen beschoten in de dorpen Nevesinje, Stolac en Capljina. Kroaten en moslims zijn de afgelopen dagen massaal uit deze dorpen gevlucht. De regering van Bosnië zegt geen troepentransporten naar Kroatië over haar grondgebied toe te staan en heeft van Kadijevic geëist dat “de reservisten worden teruggestuurd naar waar ze vandaan komen”. Het ministerie van defensie heeft Sarajevo laten weten dat zij niet bereid is zich van die eis iets aan te trekken. “De eenheden zullen hun opdracht tot het einde uitvoeren”, aldus het ministerie. De regering van Bosnië overweegt nu in de regio van Mostar de uitzonderingstoestand uit te roepen en haar Territoriale Verdediging te mobiliseren.

De Servische Democratische Partij van Bosnië geeft de pers en de regering van Bosnië de schuld van wat zij “de negatieve houding ten opzichte van het Joegoslavische volksleger” noemt.

In Kosovo hebben vertegenwoordigers van de Albanese meerderheid laten weten een referendum op touw te willen zetten over de onafhankelijkheid van deze tot Servië behorende provincie. De afgelopen jaren heeft Servië de Albanezen van Kosovo al hun vertegenwoordigende organen en de provincie haar autonomie ontnomen. Het referendum zou tussen morgen en eind deze week moeten worden gehouden. Hoe de Albanezen het willen organiseren, is niet duidelijk.

De Joegoslavische president, Stipe Mesic heeft gisteren gezegd niet naar New York te reizen om de Algemene Vergadering van de VN toe te spreken. “De federale diplomaten hebben alles in het werk gesteld mijn optreden in New York al vooraf in diskrediet te brengen”, aldus Mesic, de Kroatische vertegenwoordiger in het staatspresidium, die voor de periode van een jaar de funktie van president vervult.