Meer bevoegdheden VN bepleit

NEW YORK, 25 SEPT. De Verenigde Naties moeten, nu het Oost-West conflict is opgelost, zich ook kunnen mengen in wat tot nu toe het heilige domein van de “interne aangelegenheden” van staten was. Er dienen nieuwe regels te komen, op grond waarvan kan worden opgetreden tegen staten en regimes die zich misdragen tegenover hun burgers.

Niet alleen Westerse staatshoofden en ministers dringen daar in deze dagen op aan in de Algemene Vergadering van de VN in New York. Ook Sovjet-minister Boris Pankin kwam gisteren met gedetailleerde voorstellen waarin, zoals hij zei, de principes van soevereiniteit, zelfbeschikking en niet-inmenging “worden gecombineerd” met de noodzaak voor staten te voldoen aan hun verplichtingen, zoals die in het VN-Handvest staan en andere internationale wettelijke instrumenten.

De Sovjet-minister was met zijn uitspraken op dit punt concreter dan president George Bush een dag eerder in zijn rede voor de VN. Deze zei meer in algemene zin dat de kans op werkelijke uitvoering van de regels van het Handvest nu dichterbij waren dan ooit en dat de Verenigde Staten een "Pax universalis' willen, “gebouwd op gedeelde verantwoordelijkheden en aspiraties”.

Wel concreet was vanmiddag in zijn rede voor de Algemene Vergadering de Duitse minister Hans-Dietrich Genscher, die zei dat schending van mensenrechten “niet meer als interne aangelegenheid van staten mag worden voorgesteld. Zij is een interne aangelegenheid van de statengemeenschap als geheel”. Als mensenrechten met voeten worden getreden, “dan is de volkengemeenschap niet tot toezien veroordeeld, maar kan en moet zij ingrijpen”, aldus Genscher in zijn toespraak, die van Duitse zijde was gepresenteerd als “het visitekaartje van het buitenlands beleid van het herenigde Duitsland”. De Duitse minister was daarnaast van mening dat ook de milieuzonden van staten door de internationale gemeenschap met dezelfde voortvarendheid mogen worden aangepakt.

Genscher stelde de Algemene Vergadering voor om een internationaal VN-gerechtshof in te stellen, “waar misdaden tegen de menselijkheid, misdaden tegen de vrede, volkerenmoord, oorlogsmisdaden en milieumisdaden aangeklaagd en veroordeeld kunnen worden”. Iedereen die zich in zijn mensenrechten voelt aangetast moet zich tot dit gerechtshof kunnen wenden. Medewerkers van de Duitse ministers verklaarden dat Genscher hiermee niet het internationale hof van justitie in Den Haag bedoelt, maar een nieuw in te stellen orgaan.

Minister Van den Broek, die gistermorgen zijn rede voor het VN-forum hield, pleitte eveneens voor een uitbreiding van de bevoegdheden van de Verenigde Naties, in het bijzonder de Veiligheidsraad. Kernbegrip was voor hem een “verantwoordelijker gedrag tussen staten”. Er moet een nieuwe manier van denken komen, aldus de Nederlandse minister die zijn rede deze keer als EG-voorzitter hield. “Een repressieve wijze van regeren leidt tot een onverantwoordelijke wijze van regeren”, aldus Van den Broek. Er is een gemeenschappelijke verantwoordelijkheid voor het leven van alle mensen; om daaraan concreet gestalte te kunnen geven, moeten naar zijn inzicht de VN worden hervormd.

In een gesprek enkele dagen geleden legde Van den Broek de nadruk op het feit dat men niet meer met twee maten mag meten, zoals tegenover communistische en socialistische regimes altijd gebeurde. Die regimes schonden bij voortduring mensenrechten, maar ze konden gewoon in de statengemeenschap blijven meedoen en meepraten. “Alle staten moeten met dezelfde meetlat worden gemeten”, zei hij bij die gelegenheid. Net als bij Genscher strekt voor Van den Broek die gemeenschappelijke verantwoordelijkheid voor mensenrechten, vrijheid en democratie zich ook uit tot het milieu, terwijl er bovendien een recht op ontwikkelingshulp uit voortvloeit.

De Franse minister van buitenlandse zaken tenslotte riep in zijn rede voor de VN op tot “het opstellen van formules die bij onze tijd passen”. Ook hij wil dat doen door een versterking van de Verenigde Naties. “Waarom nemen we geen gedragscode aan, die het recht bevestigd op menselijke bijstand elke keer als de integriteit en het overleven van een volk worden bedreigd?” De Verenigde Naties, aldus Dumas, zijn te veel een "grande dame' geworden die gebrek aan respect aanvaardt, in de vorm van staten die zich niet aan de VN-regels houden.

Een belangrijke vuurproef is de kwestie-Joegoslavië, omdat het hier in tegenstelling tot met de Golfoorlog om een conflict handelt dat zich beperkt tot Joegoslavië zelf. De kwestie-Joegoslavië toont ook aan hoe gevoelig deze zaak nog ligt, ondanks de brede, bijna afgesproken oproep van Westelijke zijde tot versterking van de VN. In de Belgisch-Frans-Britse ontwerp-resolutie, zoals die vanavond aan de Veiligheidsraad wordt voorgelegd wordt de bevoegdheid van de Veiligheidsraad gezocht in de vaststelling dat de situatie in het land “een bedreiging van internationale vrede en veiligheid” vormt. Maar als niet de Joegoslavische federale regering zelf de bijeenkomst van de Veiligheidsraad had gesteund, zouden veel landen, in het bijzonder uit de Derde wereld, die vergadering niet hebben toegejuicht. In de ontwerp-resolutie wordt een wapenembargo uitgesproken tegen Joegoslavië, terwijl alle activiteiten van de Europese Gemeenschap tot nu toe op dat terrein geheel worden gesteund.

Sovjet-minister Pankin stelde in zijn rede vast dat het hier gaat om een “verdere ontwikkeling van het principe van soevereiniteit in het internationale recht”. Dat principe moet opnieuw bekeken worden in het kader van wat hij “nieuwe werkelijkheden” noemde en in dat van de noodzaak van universele interactie tussen staten. Het belangrijkste nieuwe beginsel moet naar zijn mening zijn om “nationale, regionale en wereldwijde belangen met elkaar in harmonie te brengen”. Er moet naar zijn mening een universele schaal worden opgesteld van democratische waarden, die voorzien in keuzevrijheid voor iedereen, diverse methoden van sociale ontwikkeling, economische en politiek pluralisme en de suprematie van het internationale recht en van mensenrechten”.

De Verenigde Naties, zei Pankin tenslotte, zijn het belangrijkste veiligheidsorgaan van de wereld geworden. Het Handvest moet geheel in stand blijven, maar tegelijkertijd worden uitgebreid met constructieve hervormingen. Hoe snel deze voornemens worden omgezet in concrete wijzigingen of aanvullingen van het VN-Handvest is niet te voorspellen. Een medewerker van minister Genscher zei gisteren, dat dergelijke zaken jaren tijd kosten; het gaat nu eenmaal niet sneller. “De praktijk van de verdere bemoeienis van de Veiligheidsraad met Joegoslavië vormt daarbij een praktisch testcase.”