Juridisch steekspel na terugkeer DDR-spionagechef

BONN, 25 SEPT. De terugkeer van de vroegere DDR-spionagechef Markus Wolf naar Duitsland en zijn daarop gevolgde aanhouding hebben gisteren direct tot een juridisch steekspel en tot zeer uiteenlopende politieke reacties geleid. Zowel dat steekspel als die reacties gaven weer hoe verdeeld het verenigde Duitsland is over de politieke en juridische vraag wat er met, mogelijk strafbare, gewezen DDR-prominenten moet gebeuren.

Nadat hij zich 's morgens aan de Oostenrijks-Duitse grens had gemeld en was overgebracht naar het gerechtshof in Karlsruhe werd Wolf na een urenlang verhoor gisteravond eerst op last van de rechter-commissaris tegen een borgsom van 50.000 mark voorlopig op vrije voeten gesteld. Het aanhoudingsbevel tegen hem werd tevens opgeschort in afwachting van een oordeel over de vraag of hij metterdaad zal worden vervolgd wegens spionage voor de DDR en omkoping van Westduitsers voor zulk spionagewerk.

Het ging gisteren in eerste aanleg in feite alleen over het vluchtrisico. De rechter-commissaris achtte dat kennelijk kleiner dan de procureur-generaal, Alexander von Stahl, die daarom onmiddellijk in beroep ging. Stahls beroep slaagde, waarna Wolf, die in Karlsruhe met zijn vrouw was gaan eten, alsnog in voorarrest werd genomen. Wolf had tijdens het “vermoeiende” verhoor geweigerd namen te noemen van niet ontdekte ex-DDR-agenten in West-Duitsland, van wie een aantal nu zou werken voor de Sovjet-inlichtingendienst KGB.

Na zijn terugkeer naar Duitsland moet nu binnen enkele dagen over voortzetting van Wolfs voorarrest (lees: over de kans dat hij vlucht) definitief worden beslist. Over de vraag of mensen als hij metterdaad wegens spionage voor de DDR kunnen worden vervolgd moet worden geoordeeld door de hoogste Duitse rechter, het constitutionele hof, dat daarover vermoedelijk pas begin volgend jaar een uitspraak zal doen. De rechtbank in Berlijn, waar een proces loopt tegen vier vroegere Oostduitse grenssoldaten die februari 1989 aan de Muur een jongeman doodschoten die (volgens DDR-recht: illegaal) naar West-Berlijn wilde vluchten, heeft deze vraag aan het constitutionele hof voorgelegd.

Het oordeel van dat hof is maatgevend voor een hele serie strafprocessen die nu in de Bondsrepubliek lopen of in voorbreiding zijn, bijvoorbeeld tegen Wolfs opvolger en andere hoge medewerkers van de Oostduitse spionagedienst. Het Duitse eenwordingsverdrag van vorig jaar zegt dat de Westduitse wet niet met terugwerkende kracht toegepast mag worden op vroegere DDR-burgers. Juridisch ingewikkeld is ook dat de Westduitse grondwet altijd van één Duitse natie is uitgegaan. DDR-burgers waren dus Duitsers die slechts in een andere Duitse staat leefden. Daaruit vloeit voort dat de hoogste rechter tevens de vraag moet beantwoorden of, zo gezien, Duitsers wel tegen Duitsers konden spioneren.

Niettemin was er op de Duitse radio en televisie gisteren al een komen en gaan van volksvertegenwoordigers die (hoewel leden van de wetgevende macht) een oordeel hadden over wat het openbaar ministerie in het geval-Wolf te doen staat. De Bondsdagfractie van de PDS, de opvolgster van de in de vroegere DDR heersende SED, kritiseerde een eventuele vervolging van Wolf bij voorbaat als “overwinnaarsrecht”. Ook de juridische expert van de liberale FDP-fractie, Hirsch, zei dat Wolf niet kan worden vervolgd voor spionagewerk voor de DDR. Zijns inziens kon de DDR als destijds volkenrechtelijk erkende staat net zo aan spionage doen als de Bondsrepubliek en andere landen.

Hirsch' oordeel was mede interessant omdat zijn geestverwant Kinkel, de Duitse minister van justitie, ooit als topman van de Westduitse inlichtingendienst BND “collega” van Wolf was. Geconfronteerd met de opvatting van Hirsch zei Kinkel dat er een groot verschil is tussen spionage voor een democratie als de Bondsrepubliek of een dictatuur als de DDR.

Het agenten-net dat Wolf als DDR-spionagechef opzette, tussen 1958 en het midden van de jaren tachtig, omvatte over de hele wereld circa 4.000 mensen (2.000 in West-Duitsland). In de Bondsrepubliek behoorde daartoe bijvoorbeeld de later naar de DDR uitgeweken Westduitse contraspionagetopman Tiedge. Voor Wolf werkte ook de in de vroege jaren zeventig gevluchte agent Günter Guillaume, adviseur van de toenmalige kanselier Willy Brandt, wiens ontmaskering leidde tot Brandts aftreden.

Rond "Mischa' Wolf, eertijds heel lang nooit gefotografeerd en daarom in West-Duitsland onbekend-bekend als “de man zonder gezicht”, heeft ruim twintig jaar een soort romantisch waas gehangen. Hij was als tienjarige jongen met zijn joods-communistische ouders in 1933, na de brand in de Rijksdag, via Zwitserland en Frankrijk naar Moskou gevlucht, waar hij voor spionagewerk werd getraind. Zijn veronderstelde nauwe connecties met de Sovjet-veiligheidsdienst KGB maakten hem nadien in de DDR zó gevreesd dat hij, hoewel plaatsvervangend minister van staatsveiligheid (Stasi), spionage-chef en Stasi-generaal, toch nooit lid van het SED-politburo werd (wel van het Centraal Comité).

Wolfs techniek wilde dat hij zijn, vaak uit Oost-Duitsland afkomstige, agenten eerst lange tijd “slapend” carrière liet maken bij Westduitse ministeries en veiligheidsdiensten voor hij hen op een hoger niveau activeerde als spionnen. Westduitse veiligheids-specialisten menen, tot genoegen van Wolf zelf trouwens, dat hij mede wegens deze methode model heeft gestaan voor een van de hoofdpersonen in John le Carré's spionageroman The Spy who came in from the Cold.

Na zijn vertrek, midden jaren tachtig, als spionagechef gold Wolf voor de SED-top als aanhanger van Michail Gorbatsjov en diens gewantrouwde hervormingen in de Sovjet-Unie. Zijn boek Die Troika, voorjaar 1989, leek dat min of meer te bevestigen. Najaar 1989 mislukten echter zijn pogingen om een belangrijke rol te spelen bij de omwenteling in de DDR. Hij werd toen als "Wendehals' bij een rede voor honderdduizenden demonstranten op de Oostberlijnse Alexanderplatz uitgefloten. Na de Duitse eenwording (3 oktober 1990) vluchtte hij voor de Duitse justitie via Oostenrijk naar de Sovjet-Unie. Daar werd de grond hem na de mislukte staatsgreep van vorige maand ook te heet onder de voeten zodat hij weer naar Oostenrijk terugkeerde, vanwaar hij zich gistermorgen bij de Duitse justitie meldde. Hij werkt de laatste maanden aan een kinderboek.