FNV-bond eist 4,5 procent loon erbij

ROTTERDAM, 25 SEPT. De Industriebond FNV zal in het overleg over collectieve arbeidsvoorwaarden in 1992 een loonsverhoging van 4,5 procent eisen. Daarenboven wil de bond 1,75 procent "loonruimte' opeisen voor korter en gezonder werken.

De leden van de industriebond hebben vanmorgen met deze eisen ingestemd. Bij de geclaimde loonruimte van 6,25 procent voor verbetering van de arbeidsvoorwaarden heeft de bond geen rekening gehouden met de compensatie die wordt geëist als de kabinetsplannen met Ziektewet en WAO doorgaan.

Met de looneis van 4,5 procent zit de grootste bond in de marktsector 0,75 procent boven de gemiddelde loonstijging die het kabinet verantwoord acht met het oog op de koppeling tussen lonen en uitkeringen. De bond blijft binnen de loonstijging die premier Lubbers begin deze maand in de Tweede Kamer noemde. De premier kondigde toen aan op te stappen bij een gemiddelde contractloonstijging in de marktsector die zou uitkomen boven de 5 procent.

De looneis is hoger dan die welke de meeste andere FNV- en CNV-bonden tot dusver hebben bekendgemaakt. Zij eisen er volgend jaar tot 4 procent loon bij. Alleen de Unie BLHP, een vakbond voor kaderpersoneel, acht volgend jaar een loonsverhoging van 6 tot 7 procent nodig om de koopkracht van de werknemers op peil te houden.

De Industriebond FNV gaat bij de looneis uit van een vergoeding voor gestegen prijzen van 3,5 procent en 1 procent voor verbetering van de inkomens. De formule van de vakcentrale FNV om uit te gaan van het geschoonde prijsindexcijfer van 2,75 procent vindt de bond “wat mager omdat dan vrij zeker de koopkracht daalt”.

In de marktsector moeten volgend jaar onder meer de CAO's in de kleinmetaal en de chemie worden vernieuwd.