Transfer naar Bayern grootste erkenning Belgische doelman; Pfaff en het einde van een schone carrière

Is hij een moderne editie van de Man van La Mancha, zij het wat handiger? Een anti-held, die altijd verkeerd is begrepen? Of is hij de aardigste Belg die er is? Vast staat dat Jean-Marie Pfaff een hele goede doelman is geweest. Ruim een jaar na zijn afscheid als actief voetballer organiseert hij zijn eigen afscheidsduel. Een posthuum eerbetoon voor zichzelf omdat hij meent daar recht op te hebben? of altruïsme?

BRASSCHAAT, 24 SEPT. Er bestaat in het voetbal een heel circuit van afscheidswedstrijden voor (vermeende) vedetten uit het internationale voetbal. Pfaff heeft de afgelopen jaren op menig gala (zelfs op dat van Willy van de Kerkhof) acte de présence gegeven. Het kostte dan ook weinig moeite een elftal op te trommelen ter opluistering van zijn eigen voetbalfeestje. Morgen speelt hij in Antwerpen met het succes-elftal van de Rode Duivels uit de jaren tachtig tegen een "wereldelftal' met onder meer spelers als Beckenbauer, Kempes, Platini en N'kono.

Opmerkelijker is dat het Belgische elftal van voormalige internationals, met wie Jean-Marie in 1986 in Mexico bij het WK de vierde plaats behaalde, vrijwel zonder uitzondering (alleen Gerets heeft verplichtingen bij PSV) zijn medewerking heeft toegezegd. Want Jean-Marie mocht dan een geweldig doelman zijn, hij was ook een onbegrepen wonderkind wiens gedrag hem vaak in aanvaring bracht met zijn medespelers. Eén van de meest curieuze incidenten was een onschuldig zetje in de rug in het zwembad van Jean-Marie door BRT-verslaggever Jan Wauters, waarbij de ongelukkige keeper die niet zwemmen kon een fikse slok chloor binnen kreeg. In paniek verdween Jean-Marie naar zijn kamer, achtervolgd door aanvoerder Jan Ceulemans die hem dringend verzocht aan de lunch plaats te nemen. Voordat de pers er achter zou komen en een nieuwe affaire over niets zou zijn geboren. Maar zo licht dacht Jean-Marie er niet over. Er waren lieden die hem bewust trachtten kapot te maken, dacht hij.

Terugkijkend op dit soort incidenten schudt Pfaff zelfs nu nog mismoedig het hoofd. “Wat was het geval?”, geeft hij zelf het antwoord. “Bij het nationale team had je er vier van Standard, vier van Brugge en vier van Anderlecht. Die zaten aan verschillende tafeltjes met elkaar te kaarten. Vandenbergh en ik kwamen van een gemeenteploegje en vielen daarbuiten. Je zit er effetjes bij, je gaat effetjes alleen wandelen en dan is het in de pers: "Jean-Marie loopt er alleen bij en wordt niet geaccepteerd in de groep'. Dat is de prijs die ik heb moeten betalen voor mijn trouw aan Beveren. Ik heb daar meer dan tien jaar gevoetbald omdat ik me daar thuis voelde. Waarom Anderlecht nooit geweest is? Dat snap ik ook niet. Er was wel geld voor Rensenbrink of een Geels, maar niet voor mij. Terwijl ik geen appartement hoefde te hebben of een auto. Ik kostte helemaal niets.”

Zelfs de transferprijs van 900.000 D-Mark die Bayern München in 1982 aan Beveren overmaakte vormde wat dat betreft een schijntje voor een keeper die 64-voudig international is geweest, in België de Gouden Schoen ontving en in 1987 werd uitgeroepen tot beste keeper van de wereld. Pfaff: “Mijn transfer naar Bayern is de erkenning geweest die ik als keeper heb gekregen. De hoogtepunten lagen echter in België. Met het nationale team heb ik aan vier grote kampioenschappen deelgenomen. De ontvangst in Brussel toen we van de Mundial in Mexico terugkwamen bezorgt me nog steeds kippevel alleen wanneer ik er al aan denk. Ik heb een schone carrière gehad. Maar ik hou niet van terugkijken. Ge moet vooruit in het leven.”

In zijn nadagen speelde Pfaff nog een seizoen bij Lierse en één jaar bij het Turkse Trabzonspor. Eigenlijk clubs onder het niveau van de nu 38-jarige ex-keeper. Echtgenote Carmen, moeder van zijn drie kinderen: “De mensen moeten zich een sportman herinneren op het hoogtepunt van zijn carrière. Anders moet je stoppen. Het was toch triest zoals een groot sportman als Eddy Merckx na vijf Tour-overwinningen en drie WK-titels op een gegeven moment achter in het peloton fietste? Dat is Jean-Marie bespaard gebleven.”

Niettemin meent Pfaff dat hij bij wat minder tegenwind gemakkelijk de honderd interlands had kunnen halen. “Maar er is altijd op een ongezonde manier over mij geluld”, zegt de zakelijk-financieel geslaagde Pfaff. “En waarom eigenlijk? Vriendelijkheid kost niets. Maar wie heeft onze lieve Heer verraden? Degene die rechts naast hem zat. Ik heb ook de pest aan mensen die vals vriendelijk zijn. Dat zijn de ergsten. Ik heb liever dat ze in mijn gezicht zeggen dat ik een clown of een charlatan ben. Maar dat gebeurt niet. Neem VTM. Ze zenden mijn wedstrijd niet uit maar ik heb wel altijd klaar gestaan voor hun spotjes. In Levenslijn ben ik opgekomen voor de kankerbestrijding. Ik ben benieuwd of ze nu ook wat geld overmaken op mijn bankrekening. Niet voor mij, maar voor het goede doel waar de totale opbrengst naar toe gaat.” Dat is een fonds voor fysiek gehandicapten.

Momenteel heeft Pfaff zich zakelijk verbonden aan Jan Maas, Marc de Schutter en Piet van Riet (JMP-productions), die een holding van bedrijven beheren, variërend van horecafirma's, café's, onroerend goed, videoketens, publiciteitsfirma's en een vertaalbureau dat de tekst van de televisie-serie Dallas in het Vlaams transformeert. JMP biedt zijn talrijke zakenrelaties de mogelijkheid aan om de naam van Jean-Marie Pfaff in te schakelen op elk niveau. Het feit dat zijn naam in België en ver daarbuiten nog steeds een begrip is komt goed van pas. Daar is zelfs geen afscheidswedstrijd voor nodig. Maar kan Pfaff zich voorstellen dat nog steeds veel Belgen zich afvragen of hij iedereen niet in de maling neemt met zijn fratsen? Moet hij af en toe niet om zichzelf lachen?

Pfaff: “Begint u nu weer? Ik sta voor iedereen open en gedraag me zoals ik ben, tegenover iedereen hetzelfde. Ik vraag niet om al die interviews en al die publiciteit. Die worden mij aangeboden. Mijn huis staat voor die mensen open want een geïnterviewde die op alles ja of nee zegt is op zijn zachtst uitgedrukt niet erg interessant voor de media. Daarom geef ik de mensen graag wat ze willen hebben. Maar als dat als Pfaff-verheerlijking wordt uitgelegd kan ik erg boos worden. Want dat slaat allemaal nergens op.”

Bovendien vindt Pfaff dat het publiek en België het volste recht hebben om een zo'n groot keeper te eren en nogmaals in actie te zien. Pfaff: “Zoals Neeskens, Cruijff, Krol, Rensenbrink etcetera, de belangrijkste ambassadeurs in de wereld van Nederland waren in de jaren zeventig, zo waren Pfaff, Ceulemans, Vercauteren etcetera dat in de jaren tachtig voor België. Wij waren de grote vedetten van het Belgische voetbal. Maar niets ten nadele van de jeugd. In de luxe die de jeugd van vandaag heeft gaat veel verloren, maar we moeten het allemaal ook niet overdrijven. Voetballers mogen van mij best veel geld verdienen. Zeker wanneer je het afzet tegenover allerlei andere praktijken in de maatschappij waarmee grof geld verdiend wordt. Daarbij hoef je niet eens alleen aan de drugshandel te denken. Dan kies ik toch voor het voetbal en zie ik het toch liever zo.”