Saddam moet weg

HET MIDDEN-OOSTEN en aangrenzende gebieden zijn voorlopig aan een groot gevaar ontsnapt.

Wat al vele jaren werd vermoed en waarvoor steeds meer aanwijzingen kwamen, is gisteren onomstotelijk gedocumenteerd: Saddam Hussein heeft zich het vermogen willen verwerven om kernwapens te bouwen. Sterker, ondanks de vernietigende bombardementen door de geallieerde luchtmachten, ondanks de nederlaag van begin dit jaar, ondanks het gebod van de Verenigde Naties alle wapens voor massale vernietiging te laten registreren en te vernietigen, ondanks de aanwezigheid van VN-inspectieteams sindsdien heeft Saddam Hussein de uitvoering van zijn plannen voortgezet. De documenten waarin een en ander staat beschreven, zijn gisteren in een vakbondskantoor in de Iraakse hoofdstad door een team van de Volkerenorganisatie achterhaald. De ballistische raketten waarover Irak beschikt, eenmaal uitgerust met chemische en kernwapens, hadden Saddam een regionaal machtsoverwicht verschaft dat, gezien de persoonlijkheid van deze leider, niet onbenut was gebleven.

Behalve de naargeestige zekerheid die is ontstaan met betrekking tot Saddams bedoelingen, weten we nu ook dat de Iraakse leider niet tot de orde is te roepen. De jongste en zwaar aangezette kritiek uit Washington echoot de schimpscheuten van president Bush van een jaar geleden toen aan Amerikaanse kant verbale intimidatie nog niet werd gedekt door feitelijke militaire macht. De oproep van het Witte Huis dat de economische boycot onder de gegeven omstandigheden niet mag worden verminderd, is wel het minimum dat is vereist om Saddam Hussein tot inkeer te bewegen. Er zal waarschijnlijk meer nodig zijn dan dat.

DE WERELD IS niet geholpen met het in herinnering roepen van de “tweehonderd lege mijlen” die generaal Schwarzkopf op de laatste dag van het geallieerde offensief scheidden van Bagdad. Er waren toen zwaarwegende overwegingen van geallieerde politiek om die mijlen leeg te laten en de agressor niet uit de macht te stoten. Maar het gevolg is wel geweest dat Saddam Hussein zoveel vrijheid van handelen heeft weten te behouden, dat hij nog steeds voor zeer onaangename verrassingen kan zorgen. Dat heeft de vondst van gisteren aangetoond.

De toestand is opnieuw ernstig genoeg voor een zorgvuldige evaluatie. Het zenden van gevechtsvliegtuigen om de helikopters van de inspectieteams te beschermen zou een nuttige maatregel zijn. De veiligheid van de inspecteurs wordt erdoor bevorderd en de maatregel zou ook een meer algemeen afschrikwekkende werking kunnen hebben op dwarsliggende Iraakse functionarissen. Maar of een incident zoals zich dat gisteren voordeed - het inspectieteam werd ervan weerhouden de belastende documentatie mee te nemen - met vliegtuigen kan worden voorkomen of gecorrigeerd staat nog te bezien. Een gewapend escorte op de grond is in ieder geval geen luxe.

SADDAM HUSSEIN heeft er niets bij geleerd en de zware schade en verliezen die Irak en de Irakezen zijn toegebracht, hebben op hem nauwelijks indruk gemaakt. Hij is destijds beschreven als een calculerende despoot, maar dan toch iemand die zich niets aantrekt van de negatieve uitkomst van zijn berekeningen. Die constatering tilt het vraagstuk naar een ander niveau. Afschrikking en afstraffing kunnen tijdelijk verbetering afdwingen, maar zolang Saddam Hussein in Bagdad heerst, moet de wereld zich onzeker voelen. De risico's zijn groot, de consequenties van halve maatregelen onaanvaardbaar. Saddam Hussein moet verdwijnen.