Resten Romeinse Corbulo-gracht ontdekt

VOORBURG, 24 SEPT. Archeologen van de provincie Zuid-Holland hebben bij Voorburg en Leidschendam de resten gevonden van een ongeveer 15 kilometer lang kanaal uit de Romeinse tijd. Ze denken dat het gaat om de gracht die de Romeinse veldheer Domitius Corbulo in de winter van 47 liet graven door zijn troepen. Het gaat om een van de eerste kanalen van deze schaal in Nederland. Deze Corbulo-gracht was bekend uit de literatuur: de Romeinse geschiedschrijver Tacitus schreef er over. Maar waar de gracht liep was onbekend.

“En in die winter heeft hij zijn mannen bezig gehouden. Hij heeft hen tussen de rivier de Rijn en de Maas over een afstand van 23.000 voet een kanaal laten graven, om daardoor de onzekerheid en onveiligheid van de Oceaan te vermijden“ Zo beschrijft Tacitus in zijn Annales (XI 20) hoe in de winter van het jaar 47, onder leiding van de veldheer Domitius Corbulo de verbinding tussen Rijn en Maas werd aangelegd. Vanaf het begin van deze eeuw hebben archeologen en historici zich het hoofd gebroken over de plaats van dit kanaal. Lag het in het oosten van ons land, ter hoogte van Nijmegen, of juist in het westen ter hoogte van de Voorburg? Omdat in de tekst van Tacitus de onveiligheid van de zee als reden wordt genoemd voor de aanleg van deze gracht nam men algemeen aan dat een westelijke ligging het waarschijnlijkst was. Maar tot voor kort was er van de gracht van Corbulo nog geen spoor gevonden.

Volgens de provinciaal archeoloog van Zuid Holland Wilfried Hessing is de kans echter groot dat het probleem van de gracht van Corbulo nu definitief tot het verleden behoort. Tijdens recente opgravingen zijn in een polder vlak buiten Voorburg op een aantal plaatsen de overblijfselen van een in de Romeinse tijd gegraven kanaal aangetroffen.

“ Het nu gevonden deel van dit kanaal ligt ten noorden van de Vliet daar waar dat water een flauwe bocht maakt“ aldus Hessing. Omdat dit kanaal in het veen was uitgestoken was het niet nodig om overal beschoeiing aan te brengen, maar we hebben toch op een aantal punten houten constructies gevonden en met behulp van jaarringenonderzoek is vast komen te staan dat die in het jaar 49 zijn aangebracht. Dat past natuurlijk uitstekend bij wat we van Tacitus weten.”

Volgens Hessing bestaat er dan ook weinig twijfel meer dat dit 15 meter brede kanaal inderdaad de beroemde gracht van Corbulo is. Want niet alleen wat betreft de datering past deze vondst in het door Tacitus geschetste beeld.

“Een kanaal op deze plek, aan de binnenkant van de duinen bood niet alleen bescherming tegen de zee in geval van overstromingen. Deze waterweg, die de mondingen van de Rijn en de Maas met elkaar verbond, bood de schippers ook de mogelijkheid om de gevaarlijke passage over open zee te vermijden. Dat was des te belangrijker als we ons realiseren dat het grootste deel van het bulk transport in deze tijd per schip plaats vond. De situatie in deze streken was zodanig dat de de Romeinen in tegenstelling tot overal elders nauwelijks grote wegen hebben aangelegd. Daarvoor was de grond te drassig. Ze hebben voor het transport vooral gebruik gemaakt van de bestaande waterverbindingen.”

En Corbulo is, stelt Hessing, wat dat betreft een meester geweest. “Hij heeft werkelijk optimaal gebruik gemaakt van de geografische situatie. Zijn gracht volgt, over grote delen de bestaande waterlopen in dit gebied. Ter hoogte van Voorburg, lag een waterscheiding. Noordelijk daarvan wateren de stromen en kreken af in de Rijn en zuidelijk daarvan in de Maas. Gebruik makend van die bestaande situatie hebben Corbulo en zijn mannen maar betrekkelijk korte stukken echt hoeven te graven. Alleen ter hoogte van de waterscheiding zelf en daar waar de kreken te veel kronkelden.

Nu delen van de gracht zijn blootgelegd blijkt dat men de plek waar de gracht van Corbulo in de Rijn uitmondde al eerder had ontdekt. Al in 1965 werden er op de plek waar de oude Vliet in de Rijn stroomt resten van Romeinse beschoeiing gevonden. En hoewel ook toen al sommigen de gedachte opperden dat het weleens om de beroemde gracht van Corbulo zou kunnen gaan, werd dat idee toen nog niet algemeen aanvaard.

Een aspect van de gracht waaruit Corbulo's waterbouwkundige kwaliteit blijkt is het feit dat het kanaal steeds zo dicht mogelijk tegen de in noord-zuid richting lopende strandwal is aangelegd. Op die strandwal liep een Romeinse weg. Dat is bekend door een vondst van mijlpalen onder andere bij Poeldijk. De aanwezigheid van zo'n weg heeft de aan en afvoer van materiaal vergemakkelijkt waardoor dit toch omvangrijke project toch in vrij korte tijd geklaard kon worden.

De gracht van Corbulo heeft een diepte gehad van ongeveer drie meter en was daardoor uitermate geschikte voor de grote Romeinse platbodems. Het soort schepen dat hier heeft gevaren kennen we precies, zegt Hessing. Er zijn een tiental van dergelijke exemplaren opgegraven in de loop van de jaren, onder andere de schepen van Zwammerdam.

Behalve bij de verbinding tussen Rijn en Maas heeft deze gracht van Corbulo ook een belangrijke rol gespeeld bij de bevoorrading van de Romeinse hoofdstad in dit gebied, Forum Hadriani, tussen Voorburg en Rijswijk. “Ik sluit niet uit dat die plaats een overslagplaats geweest is voor de goederen. Men heeft de natuurlijke waterscheiding als eindstation gebruikt daarmee kon ook de uiterst ingewikkelde en kostbare bouw van een systeem van sluizen worden vermeden. Forum Hadriani lag namelijk precies op de waterscheiding. “Je zou,” aldus Hessing, zelfs de zaak kunnen omdraaien. Die stad is daar onstaan, vanwege die waterscheiding. En de Romeinen hebben daar, handig als zij waren, gebruik van gemaakt“. Een ding is in ieder geval duidelijk Forum Hadriani bezat een haven. Resten daarvan zijn begin deze eeuw bij opgravingen blootgelegd.