"Onzorgvuldige berichten over infiltratie cocaïne-mafia'; Kort geding over actie van BVD

AMSTERDAM, 24 SEPT. De binnenlandse veiligheidsdienst (BVD) is “hoogst onzorgvuldig” geweest met het verspreiden van berichten over infiltratie van de Surinaamse cocaïne-mafia in het Amsterdamse politiekorps. Door deze berichten ondervinden veel agenten van Surinaamse afkomst bij het hoofdstedelijke politiekorps hinder bij het uitoefenen van hun werk. Dat betoogde gistermiddag mr. A.R. Haakmat in een kort geding tegen de BVD en het dagblad Het Parool.

Haakmat trad op als advocaat van de voormalig beleidsmedewerker en chef van bureau werving van de Amsterdamse politie H.M. Bel. Bel, die sinds enkele maanden op non-actief staat wegens een overschrijding met tonnen van zijn wervingsbudget, zegt grote schade te ondervinden bij het zoeken naar een nieuwe baan door recente publicaties over de infiltratie binnen het hoofdstedelijke politiekorps.

Berichten dat er vergaande aanwijzingen bestaan die op een omvangrijke infiltratie wijzen zijn tot nu toe ontkend door de Amsterdamse hoofdcommissaris Nordholt en burgemeester Van Thijn. Volgens Haakmat onderneemt de BVD echter voortdurend “desperate” pogingen om in de media te suggeren dat het aktieve minderhedenbeleid van de Amsterdamse politie - dat er op gericht is in versneld tempo agenten van allochtone afkomst aan te nemen - de infiltratie door de Surinaamse cocaïne bendes heeft bevorderd. Bel was in zijn functie verantwoordelijk voor het minderhedenbeleid bij de werving.

Volgens Haakmat tracht de BVD hiermee de aandacht af te leiden van de werkelijke problemen. Deze bestaan er volgens hem ondermeer uit dat de Centrale Recherche en Informatiedienst (CRI) jarenlang een onderzoek naar Surinaamse drugsbendes had lopen zonder dat de verantwoordelijk minister, toen nog Korthals Altes, hier iets van af wist. “En bovendien liet de BVD op deze manier tegenover de CRI weten dat zij in deze zaak ook iets ondernemen”, aldus Haakmat. Hij eiste namens zijn klant een verklaring van de BVD waarin wordt verklaard dat er geen concrete aanwijzingen zijn dat de Surinaamse mafia in het hoofdstedelijke korps is geïnfiltreerd.

Landsadvocaat mr. A.W. Kist wees de beschuldigingen van de hand. Volgens Kist heeft de Staat nooit berichten verspreid waarin de infiltratie in verband werd gebracht met het wervingsbeleid van de Amsterdamse politie. Wel herhaalde Kist eerdere verklaringen dat er een onderzoek is ingesteld naar de infiltratie en dat dit in een aantal gevallen tot maatregelen heeft geleid.

De BVD, vertegenwoordigd door het ministerie van binnenlandse zaken, zou bovendien uitsluitend in algemene termen over het onderzoek hebben gesproken en meer specifieke vragen niet hebben beantwoord. Geheimhouding, die onder meer is ingesteld om de medewerkers van de dienst te beschermen, maakt een nadere verklaring in deze zaak onmogelijk, aldus Kist.

Van Het Parool eiste Haakmat rectificatie van een bericht waarin een verband wordt gelegd met het minderhedenbeleid van de Amsterdamse politie, de rol van de voormalige chef werving en de mafia-infiltratie vanuit Suriname. Volgens advocaat mr. W.C. van Manen heeft het soepele aannamebeleid van allochtonen de infiltratie in de hand gewerkt.

Dat er geen sprake is van concrete aanwijzingen van infiltratie bij het hoofdstedelijke korps, zoals hoofdcommissaris Nordholt beweert, is volgens Van Manen moeilijk vol te houden. Hij verwees daarbij ondermeer naar uitlatingen van BVD-chef Docters van Leeuwen. Volgens Van Manen is het zeer begrijpelijk dat Nordholt zijn zorg heeft geuit over de positie van de Surinaamse agenten van het korps, maar kan dit een openheid in de deze zaak in de weg staan.

De rechtbank wijst op 3 oktober een vonnis in het geding.