Tegenvaller van 463 mln gulden in zorgsector

DEN HAAG, 23 SEPT. In de gezondheidszorg is vorig jaar 463 miljoen gulden meer uitgegeven dan het ministerie van WVC had geraamd.

Het grootste deel van de overschrijding is veroorzaakt door de uitgaven voor geneesmiddelen (134 miljoen), specialistische hulp (98 miljoen), hulpmiddelen (66 miljoen), ziekenhuiszorg (56 miljoen) en extramurale voorzieningen zoals huisartsenhulp en fysiotherapie (153 miljoen).

Dat blijkt uit het Financieel Overzicht Zorg 1992 dat vanmiddag door minister d'Ancona (WVC) en staatssecretaris Simons (volksgezondheid) is gepresenteerd.

De uitgaven in de zorgsector (gezondheidszorg plus maatschappelijke dienstverlening zoals bejaardenzorg) bedroegen in 1990 ongeveer 48,4 miljard gulden, tegenover 45,5 miljard in 1989. WVC verwacht dat de uitgaven in 1995 opgelopen zullen zijn tot ruim 61,2 miljard gulden.

De overschrijding bij de medisch specialistische hulp lijkt volgens WVC vooral toe te schrijven aan een sterke stijging van het aantal verwijskaarten. Bij bij de extramurale voorzieningen is de overschrijding vooral het gevolg van een toenemend gebruik van de huisartsenhulp, de fysiotherapie en de tandheelkundige hulp. WVC verklaart de kostenoverschrijding bij de genees- en hulpmiddelen uit een toenemend gebruik en uit een “niet aflatende” verschuiving naar duurdere middelen. Aan hulpmiddelen (zoals gehoorapparaten, incontinentiemateriaal) werd vorig jaar 20 procent meer uitgegeven dan in 1989.

In overleg met de verzekeraars wil WVC onderzoeken hoe de uitgavengroei voor hulpmiddelen kan worden beperkt. Op het gebied van geneesmiddelen verwacht WVC besparingen als gevolg van het Geneesmiddelen Vergoedingssysteem, dat 1 juli in werking is getreden. Volgens dat systeem, op 1 januari ook van toepassing op particuliere verzekerden, krijgen verzekerden medicijnen tot een bepaalde prijs vergoed. Voor medicijnen die duurder zijn dan een bepaald prijsgemiddelde moet de verzekerde uit eigen zak bijbetalen. Fysiotherapeuten moeten volgend jaar 50 miljoen inleveren. WVC denkt daarbij aan een verlaging van de praktijkkostenvergoeding, met name bij meermanspraktijken.

De medische specialisten zullen de overschrijding van de uitgaven moeten compenseren door een verlaging van de tarieven bij de specialismen die verantwoordelijk zijn voor de kostenoverschrijding. Daarover werden eind 1989 afspraken gemaakt in het Vijfpartijenakkoord, tussen specialisten, ziekenhuizen en ziektekostenverzekeraars. Afgesproken werd de uitgaven voor specialistische hulp te bevriezen op het niveau van 1989, wat neerkwam op een bedrag van ongeveer 2,1 miljard gulden. Het akkoord regelt dat per 1 juli van het jaar volgend op de overschrijding compensatie in de tarieven wordt verrekend.

Staatssecretaris Simons gaf vorige week in de Tweede Kamer nog blijk van zijn bezorgdheid over de toenemende kosten van specialistische hulp. Daar kreeg hij de goedkeuring om de Wet Inkomens Vrije Beroepsbeoefenaren in te trekken. Het schrappen van deze wet die de overheid de mogelijkheid verschaft de inkomens van medische specialisten vast te stellen, was voor de specialisten voorwaarde om in te stemmen met het Vijfpartijenakkoord.

Los van de compensatie voor de overschrijdingen van vorig jaar moet in 1992 365 miljoen gulden worden bezuinigd in de gezondheidszorg. Deze maatregel is onderdeel van de afspraken die begin dit jaar in de Tussenbalans werden gemaakt. Tot en met 1994 mogen de uitgaven met 1.045 miljard gulden minder toenemen dan was gepland. De grootste besparingen verwacht WVC te behalen door het terugdringen van het ziekteverzuim in de gezondheidszorg: in 1992, '93 en '94 120 miljoen gulden per jaar.