Steun van VN verwacht voor optreden EG

NEW YORK, 23 SEPT. Frankrijk en Groot-Brittannië proberen de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties ertoe te brengen deze week een uitspraak te doen over Joegoslavië. Maar in kringen van de EG-ministers van buitenlandse zaken, die op dit moment in New York de Algemene Vergadering van de VN bijwonen, gaat men er vanuit dat de Veiligheidsraad niet verder zal gaan dan steun uit te spreken aan de bemiddelingspogingen van de Europese Gemeenschap.

Minister Van den Broek van buitenlandse zaken gelooft, na een gesprek met zijn Sovjet-collega Pankin in New York gistermiddag, niet dat de Veiligheidsraad de kwestie-Joegoslavië snel naar zich toe zal trekken. Pankin maakte duidelijk dat de EG-activiteiten in Joegoslavië worden gesteund, en dat deze zeker niet door de Veiligheidsraad zullen worden overgenomen.

Uit de woorden van minister Van den Broek viel op te maken dat hij nog sceptisch staat tegenover de inschatting dat de Veiligheidsraad de kwestie deze week al zal behandelen. “Ik zou dat het liefst willen, maar we moeten van de zijde van de Europese Gemeenschap niet te hard aandringen.” De EG zou ook graag zien dat de VN een wapenembargo tegen alle strijdende partijen in Joegoslavië opleggen.

Van den Broek noemde het “hoopvol"" dat de partijen in Joegoslavië gistermiddag tot een wapenstilstand zijn gekomen zonder directe aanwezigheid van derden. “We blijven uiteraard optimistisch totdat alles achter ons ligt.” Hij gaf gisteravond nog eens duidelijk aan wat zijn wensen zijn ten aanzien van het conflict in Joegoslavië: wapenstilstand en verdere bemiddeling door de EG. Het liefst zou hij daarbij een vorm van ondersteuning door de Veiligheidsraad willen, met als doel aan te tonen dat de wereldgemeenschap achter de Europese inspanning staat.

In sommige landen, zoals Duitsland, wordt gesproken over erkenning van het zelfbeschikkingsrecht van Slovenië en Kroatië. Van den Broek is daar niet principieel tegen, maar ziet op dit moment geen materieel voordeel in een dergelijke erkenning. “De vraag is bijvoorbeeld wie deze onafhankelijkheid dan vervolgens garandeert.”

Vrijdagavond, kort nadat hij in New York was gearriveerd, kreeg Van den Broek vanuit de Nederlandse ambassade in Belgrado te horen dat het federale leger niet langer de blokkade accepteerde door Kroatische eenheden van federale kazernes in Kroatië. Van den Broek heeft daarop de Kroatische president Tudjman gebeld, die zei dat hij zojuist had aangeboden de blokkade op te heffen in ruil voor een niet-aanvalsverklaring van de federale troepen. In eerste instantie kreeg, aldus Van den Broek, Tudjman die toezegging niet. In het weekeinde heeft de Nederlandse minister daarop nog eens met de verschillende partijen gebeld. Die kwamen gistermorgen uiteindelijk met elkaar overeen om 15 uur 's middags een staakt-het-vuren in acht te nemen.

Hoewel de partijen zich niet volledig aan die wapenstilstand houden, is er sprake van een zekere bevriezing van de situatie, aldus de Nederlandse minister. Hij hoopt dat ook de aangekondigde gesprekken komende donderdag tussen vertegenwoordigers van de Joegoslavische partijen en bemiddelaar Lord Carrington kunnen worden hervat. Vóór die datum zal er een voorstel op tafel liggen van de kant van de Westeuropse Unie om eventueel een vredesmacht naar Joegoslavië te sturen.

De Britse minister Hurd en zijn Franse collega Dumas proberen deze week nog de Veiligheidsraad bijeen te krijgen om over Joegoslavië te spreken. Of dat lukt, was vanmorgen nog de vraag. Bovendien moeten deze beide landen wel eerst weten welke kant de stemming opgaat, anders lopen zij kans dat hun ontwerp-resoluties zodanig worden aangepast dat het resultaat heel anders wordt dan wat zij beogen.