Staakt-het-vuren maakt eind aan strijd Joegoslavië

LJUBLJANA, 23 SEPT. In Kroatië is gistermiddag een nieuw staakt-het-vuren ingegaan. Het bestand, het vierde sinds augustus, is weliswaar op een aantal plaatsen geschonden, maar er wordt niet meer hevig noch op grote schaal gevochten.

Het staakt-het-vuren werd gisteren overeengekomen tussen de Kroatische president Franjo Tudjman en de federale minister van defensie, Veljko Kadijevic. Zij kwamen overeen dat de vijandelijkheden om drie uur 's middags zouden worden gestaakt en dat de Kroaten hun belegering van de kazernes van het leger zouden opgeven, dat de kazernes weer water en elektriciteit krijgen en dat de telefoonverbindingen worden hersteld.

Verder wordt in de overeenkomst gezegd dat na het bereiken van een staakt-het-vuren onderhandelingen beginnen over de uitvoering van het akkoord van Igalo, dat vorige week dinsdag onder leiding van Lord Carrington werd getekend. Dit akkoord voorziet in de ontwapening van de Servische milities, de demobilisatie van de Kroatische Nationale Garde en de terugtrekking van het federale leger naar de kazernes.

President Tudjman presenteerde gisteren het staakt-het-vuren als een belangrijke zege voor Kroatië. “Het bewijst dat onze tegenstanders ons niet kunnen verslaan en dat ze bereid zijn tot onderhandelingen,” zo stelde de president. Niettemin hebben de federale strijdkrachten en de Servische milities in totaal eenderde tot de helft van het grondgebied van Kroatië onder controle.

Nog geen kwartier nadat het staakt-het-vuren gisteren van kracht was geworden, bombardeerde de federale luchtmacht een hotel in de kustplaats Karlobag. Daarbij kwam een tienjarig meisje om het leven en raakten twee kinderen gewond. Ook in oostelijk Kroatië, bij de steden Vukovar, Osijek en Vinkovci, is nog gevochten, het hardst aan de 24 kilometer lange frontlijn bij Vinkovci. Aan de kust concentreerden de gevechten zich gisteren en vannacht opnieuw rond Sibenik, waar de bevolking haar zevende nacht in de schuilkelders doorbracht. Beide partijen beschuldigen elkaar er opnieuw van als eerste het vuur te hebben geopend. De Kroatische radio meldde vanochtend dat de afgelopen nacht de steden Sisak, Sunja, Osijek en Vinkovci met mortiergranaten zijn bestookt.

Pag.5:

Vlak voor bestand nog zware strijd

Lichtpuntjes vormen echter de berichten dat de federale marine de blokkade van havens aan de Adriatische kust, waaronder Rijeka, Zadar, Sibenik, Split en Dubrovnik heeft opgeheven en dat de kazernes inderdaad weer over water, elektriciteit en telefoonverbindingen beschikken.

Voor het ingaan van de wapenstilstand werd door beide partijen nog een gevoelig verlies geleden. Kroatische eenheden moesten zich zaterdag terugtrekken uit het ten zuiden van Zagreb gelegen Petrinja, dat in handen viel van Servische milities en het federale leger. De chef van de crisisstaf van Banië, Ivan Bobetko, beschuldigde het leger ervan in Petrinja gifgassen te hebben gebruikt. Zondagmorgen gaf de commandant van het federale leger in de ten noorden van Zagreb stad gelegen stad Varazdin zich over en werd de Kazerne ingenomen door de Kroatische Nationale Garde.

In Bosnië heeft het transport van reservisten van het federale leger door deze republiek naar Kroatië tot felle reakties geleid. Kroaten en moslims hebben zelfs gedreigd de reservisten met geweld uit de republiek te verjagen. De reservisten zijn afkomstig uit Montenegro en op weg naar Kroatië. Volgens het onafhakelijke televisie station Yutel plunderde dronken reservisten zaterdagavond de winkels en vielen woningen binnen in dorpen even ten zuiden van Mostar, waar Kroaten wonen. De president van Bosnië, Alija Izetbegovic, eiste gisteren van het staatspresidium dat “de reservisten teruggestuurd worden naar waar ze van daan kwamen”.