Publiek bij een crime passionnel

Keje Molenaar heeft als advocaat het recht en de plicht de misdadiger die nu eenmaal in elke beroepsvoetballer schuil gaat te verdedigen.

Dat hij ooit zelf voetbalde maakt 't hem alleen maar gemakkelijker zich te verplaatsen in de griezelige denkwereld van de atiesten van het groene gras. Molenaar betoogde vorige week voor de commissie van beroep van de voetbalbond dat de straf die Jan Wouters (Ajax) en John de Wolf (Feyenoord) hebben gekregen buiten proportioneel hoog is. Wouters en De Wolf kregen een rode kaart omdat ze een tegenstander een reële scoringskans ontnamen. Wouters greep de doorgebroken Burleson van Volendam om zijn middel, De Wolf brak een aanval af door opzettelijk hands te maken. De strafcommissie legde drie en vier wedstrijden schorsing op. De raadsman van de voetballers vroeg zich af welke straf er wordt opgelegd als zo'n fraaie kans niet met een "schone' overtreding, maar met een flying tackle wordt ontstolen. Krijgen we dan straffen van een half jaar?

In de zaak die de FIFA heeft aangespannen zijn de prestatiegerichte trainers en spelers de daders en is voetbal het slachtoffer. Niet de individuele handeling van de ene speler tegen de andere wordt beoordeeld, maar de aanslag op het spel. Elke overtreding tegen een doorgebroken voetballer is een rode kaart waard, bepaalde de FIFA. Ze belet de spelers het scoren en treft daarmee de sport in de ziel. De spelersvakbond en trainers als Leo Beenhakker en Rinus Michels zijn het met die opvatting niet eens en ondersteunden - met een briefje aan de commissie - het betoog van Molenaar. Michels vindt dat er rekening moet worden gehouden met de evolutie in het voetbal, dat ruwer en harder is geworden.

Als "onze' jongens een heel zware straf krijgen voor een "schone' overtreding zullen ze het rechtstreekse duel gaan schuwen, betoogde Molenaar en dat zal volgens hem funest zijn in internationale ontmoetingen met als gevolg vroege uitschakelingen in de Europa Cups en een Nederlands elftal dat meer (nog meer?) moeite krijgt zich te plaatsen voor grote toernooien. Wat de spelers willen is een milde straf, waarbij rekening wordt gehouden met de aard van de overtreding, die maakt dat misdaad straks weer loont. Als de voetbaloppositie dat doel bereikt is de hele FIFA-maatregel voor niets geweest en helpen spelers wekelijks de sport om zeep waarvan ze zeggen te houden. En is een wedstrijd niet veel meer dat een crime passionnel met publiek.