Delft Instruments moet inkrimpen door Amerikaanse sancties

ROTTERDAM, 23 SEPT. Bij Delft Electronische Producten, onderdeel van Delft Instruments, in het Drentse Roden komen 80 van de 180 arbeidsplaatsen te vervallen. Bovendien zal een vestiging in Veendam met 40 arbeidsplaatsen worden afgestoten.

Volgens Delft Instruments is de markt voor onderdelen voor nachtkijkers voor de defensiesector gedaald en voelt het concern de invloed van Amerikaanse overheidssancties.

De Amerikanen verboden export van onderdelen naar Delft Instruments op 22 februari, nadat tijdens de Golfoorlog apparatuur van Delft Instruments was gevonden in tanks van het Iraakse leger. Op 22 augustus werd het verbod verlengd, omdat volgens de Amerikanen Delft nog geen interne maatregelen had genomen om herhaling van de overtredingen te voorkomen. Delft Instruments ontkent dit. Het concern voorziet mede door de boycot voor dit jaar een verlies van tenminste 34 miljoen gulden. Morgen zal de directie van Delft op een buitengewone aandeelhoudersvergadering nadere mededelingen doen over de oorzaken en de schade van de boycot.

Hoewel Delft enige jaren geleden de koers heeft gewijzigd en steeds meer medische en industrieel-wetenschappelijke produkten verkoopt, kan de genoemde teruggang niet opgevangen worden. “Aanpassing aan de nieuwe marktomstandigheden is onvermijdelijk. Het is niet zo dat de werknemers weer aan de slag kunnen, wanneer de boycot van de Amerikanen wordt opgeheven”, aldus een woordvoerder van Delft Instruments.

De produktievestiging van Delft-dochter Kipp en Zonen in Veendam wordt te koop aangeboden, maar dit moet volgens een woordvoerder niet worden gezien als een gevolg van de Amerikaanse boycot. In Veendam worden onder meer laboratoriumrecorders gemaakt voor de Delftse vestiging van Kipp. De markt voor deze recorders neemt af en staat onder sterke prijsdruk. De produktie zal worden geconcentreerd in Delft.