Jorritsma roept hulp in van Nederlandse arbiters

BERLIJN, 21 SEPT. Hockey-wereldkampioen Nederland heeft na het 4-3 verlies tegen Australië bij de strijd om de Champions Trophy slechts het schamele totaal van drie punten uit vier wedstrijden.

De kansen op een medaille zijn met nog één duel te gaan in Berlijn, morgen tegen Sovjet-Unie, zeer klein. Hans Jorritsma zit daar niet echt mee. Het enige doel van Oranje is de Olympische Spelen van volgend jaar in Barcelona en de coach vindt het belangrijker dat de ploeg door de magere resultaten in Berlijn met de neus van de feiten wordt gedrukt. “Dit komt eigenlijk mooi op tijd.”

Tegen Australië bleek dat Nederland minder agressief, hard en snel speelde dan de tegenstander. Duitsland, de koploper in Berlijn, ligt op die fronten momenteel ook ver voor op Jorritsma's team. De coach wil daar snel verandering in brengen. Hij zegt daarvoor de hulp van de Nederlandse scheidsrechters nodig te hebben. Die zouden volgens Jorritsma in de toekomst soepeler moeten gaan fluiten. Hij wil de arbiters straks ook voor een gesprek uitnodigen. “Op internationaal niveau wordt veel meer toegelaten dan in onze nationale competitie.” Jorritsma noemt de Nederlandse hoofdklasse een fluitenfestival. Dat is volgens de Amsterdammer in het nadeel van de internationals. Hij vergeleek gisteren na de wedstrijd de beide spelverdelers en aanvoerders van Nederland en Australië met elkaar, Delissen en Birmingham. “Dan zie je gewoon dat Delissen veel cleaner speelt. Dat moet hij in Nederland.”

Het is typerend dat Bastiaan Poortenaar in Berlijn de beste Nederlander is. De speler van SCHC uit Bilthoven, de nieuwe club van ex-bondscoach Rob Bianchi, viert bij de strijd om de Champions Trophy zijn rentree in Oranje waaruit hij twee jaar geleden na hetzelfde toernooi in dezelfde stad om studieredenen verdween. Sindsdien hockeyde hij niet één keer meer op internationaal niveau. Toch handhaaft Poortenaar zich moeiteloos tussen de wereldtop. Tegen Australië speelde hij zelfs op drie verschillende plaatsen in het elftal en niet eens op de positie waar hij bij SCHC loopt, als centrale middenvelder.

Het goede spel van Poortenaar heeft mede met zijn instelling te maken. De meeste andere Nederlandse spelers vertonen daarentegen af en toe een laconieke houding. Dat heeft vooral in de verdedigend opzicht consequenties. Er werden gisteren achterin opmerkelijk veel fouten gemaakt. Australië scoorde in de eerste helft dan ook vier doelpunten. Nederland stond toen met 4-2 achter, maar liet het na rust niet verder ontsporen. Het kwam zelfs nog tot 4-3 terug door een treffer van Weterings. Doelman Frank Leistra moest nog wel twee keer ingrijpen om een doelpunt te voorkomen. Aan de andere kant had Nederland nadat een schot een tegenstander op zijn lichaam raakte een strafbal verdiend, maar kreeg slechts een strafcorner. “Het zit ons deze week ook niet echt mee”, constateerde Jorritsma.

Bij één van de Australische treffers, de tweede, was er zelfs sprake van dubbele pech voor Oranje. Leistra liet, zoals gebruikelijk bij hockeykeepers, een schot dat van buiten de cirkel kwam lopen. De bal ging echter niet naast of in het doel, maar tegen de paal en de rebound werd door de attente Wansbrough ingetikt. Bij de inleidende actie raakte Cees-Jan Diepeveen geblesseerd. Hij werd boven de wenkbrauw van zijn rechteroog door de stick van Lewis geraakt. Teamarts Bon behandelde de fors bloedende Diepeveen langdurig op het veld en hechtte de wond. De veteraan speelde verder, maar vroeg twaalf minuten later wegens zware hoofdpijn om een wissel.

Jorritsma sprak van een aderlating. Hij vindt Diepeveen met Poortenaar de positieve uitzondering binnen het team. Ondanks de fouten die in de defensie worden gemaakt ligt Jorritsma's grootste zorg momenteel in de aanval. “We zijn te aardig in de voorhoede”, vond de coach. Van den Honert en Parlevliet, gisteren wisselspeler, spelen bij de strijd om de Champions Trophy matig en Weterings voldeed alleen bij vlagen tegen Australië. Jorritsma was wel tevreden over Stephan Veen. De 21-jarige HGC'er stond gisteren tijdens het toernooi in Berlijn voor het eerst in het basisteam en nog wel als centrumspits. Hij speelt bij zijn club op rechts. Veen scoorde, in zijn vijftigste interland, het tweede Nederlandse doelpunt. Jorritsma zal hem in de komende tijd ongetwijfeld meer gaan inzetten.