Joegoslavië

Er zijn verschillende zware argumenten voor een snelle erkenning van Kroatië en Slovenië.

- Erkenning geeft in volkenrechtelijke zin een houvast; ingrijpen door de Verenigde naties bijvoorbeeld is niet mogelijk zolang het Servisch-Kroatische conflict juridisch gezien een "interne aangelegenheid' van Joegoslavië is.

- Erkenning heeft tot gevolg, dat het veroveren van Kroatisch (en Sloveens!) grondgebied volkenrechtelijk ongeoorloofd is. Op het ogenblik is het nog zo, dat zowel Kroatië als Slovenië zonder volkenrechtelijke consequenties onder Servische controle kunnen worden gebracht. Voor het huidige militaire Servië betekent dat niets minder dan een prikkel om de veroveringstocht voort te zetten, "zolang het nog kan'.

- Het Joegoslavische federale leger heeft er in positieve zin reeds blijk van gegeven uiterst gevoelig te zijn voor erkenning of het dreigen daarmee door de EG. Toen in juni Slovenië veroverd dreigde te worden door een grote colonne van federale tanks en pantserwagens, deed het overeenkomstige EG-dreigement de colonne ogenblikkelijk rechtsomkeert maken. Aldus werden dankzij de erkenningsdreiging van de EG vele mensenlevens gespaard.

- Het slagen van vredesbesprekingen blijkt in het algemeen sterk afhankelijk van een daaraan voorafgaand handelend optreden. Dit is onder andere gebleken na het militaire ingrijpen tegen Irak en het kernwapenbesluit van de NAVO. Van deze beslissingen is Van den Broek telkens een warm voorstander geweest. Het valt daaorm niet gemakkelijk in te zien, waarom hij ditmaal voor iedere EG-beslissing - ook de ogenschijnlijk actievere van het sturen van WEU-troepen - de overeenstemming van alle partijen in het conflict wenst. Zo'n overeenstemming is een illusie, omdat de partij die zich het minst aan de regels van het spel houdt, namelijk Servië, zich er wel voor zal wachten de EG-waarnemers, in welke aantallen die ook mogen komen, een kijkje in zijn keuken te gunnen. Erkenning is dan een goedkoper, en tegelijk veel sterker drukmiddel.