Abortus niet meer onderzocht

ROTTERDAM, 20 SEPT. Het Centraal Bureau voor de Statistiek is al vier jaar niet meer geïnteresseerd in de mening van de Nederlander over abortus provocatus. Dat is tekenend voor de stabiliteit rondom dit onderwerp, aldus dr. R. Veenhoven, hoofddocent sociale wetenschappen aan de Erasmusuniversiteit op het symposium "Nooit meer terug naar de breinaald'. Daarmee werd gisteren het twintig-jarig bestaan van de Rotterdamse Dr. W.F. Stormkliniek gevierd, vernoemd naar de laatste arts die in 1953 gevangen werd gezet wegens het plegen van abortus provocatus. Hij moest - welhaast symbolisch - negen maanden zitten.

De verwachting van een gynaecoloog - begin jaren zeventig - dat "het abortarium Rotterdam een puinhoop wordt' is niet bewaarheid. “De oppositie tegen abortus erodeert”, zegt Veenhoven. “Ongeveer tachtig procent van de bevolking blijkt zich de laatste tien jaar in de bestaande wetgeving te kunnen vinden en 55 procent vindt dat de vrouw in principe beslist.” Wanneer de discussie over abortus van de laatste twintig jaar in drieën wordt gedeeld kunnen de eerste zeven jaren als stormachtig worden gezien. Abortusklinieken kwamen tegen de verdrukking in van de grond en bleken in een veel grotere behoefte te voorzien, zowel voor binnenlandse als buitenlandse vrouwen, dan ooit werd gedacht. “Ze wisten niet eens wat ze met het geld aan moesten. Het stond in schoenendozen onder de bedden”, zegt de Utrechtse socioloog dr. P. Schnabel. En de politiek durfde het onderwerp nauwelijks met een tang aan te pakken.

De tweede zeven jaar trad normalisering en professionalisering in, gepaard gaande met een golf wetenschappelijk onderzoek. De laatste zeven jaar is de situatie gestabiliseerd. Abortus wordt door het ziekenfonds vergoed, ziekenhuizen verwijzen liever naar abortusklinieken, protestacties zijn zeldzaam geworden. Toen "klein rechts' dit voorjaar in de Tweede Kamer om een grote evaluatie van de abortuspraktijk verzocht, sprak PvdA-woordvoerster Haas Berger voorzichtig: “Laten we deze wet maar zo laten en er geen draden uittrekken”. Een overgrote meerderheid wees het voorstel van de hand. “Het avontuurlijke is er nu volledig af”, aldus Schnabel.

Pag.3:

Abortus blijvend geaccepteerd

Valt er te vrezen voor een terugslag? Is de tolerantie misschien een zaak van één generatie? Er is immers geen jongere meer, die nog weet wat "moeten trouwen' is. “Ze trekken niet alleen massaal naar de kapper, maar hechten ook aan traditionele samenlevingsvormen. Het oude arbeidsethos wordt weer gerestaureerd. Toch is het niet aannemelijk dat daarvan een terugslag is te verwachten. Ook bij jongeren blijkt de acceptatie van abortus stevig verankerd.”

“Maar,” zegt Veenhoven, “ook de anti-abortuslobby moeten we heel dankbaar zijn. Die groeperingen hebben de tegenstand op een dood spoor gereden. "Dominee Doornbos' is onze redding. Wie zich nu immers tegen abortus uitspreekt identificeert zich met "religieus rechts'. Je moet er niet aan denken dat de New Age of macro-biotisch Nederland zich over het onderwerp had ontfermd.”

Volgens de Leidse hoogleraar vrouwenstudies, dr. J. Oudshoorn valt hier niet te vrezen voor krasse wetswijzigingen, wel voor gemorrel aan definities. Begin jaren zestig waren het de artsen die het taboe rond abortus openbraken door een rode hondepidemie en de Softenonaffaire. Er was sprake van schade aan de vrucht. De vraag om abortus een "psychiatrisch probleem', een pathologisch geval. “Een gevolg van relatie-problemen of een onverwerkte moederbinding.” Waren het voorheen moraaltheologen, ethici, justitie en politie, nu kreeg de medische stand de macht over de definitie. “Zonder de druk van belangengroepen met hun nadruk op mondige vrouwen die het beste hun eigen situatie kunnen beoordelen, zou abortus een deskundigenprobleem zijn gebleven,” zegt mevrouw Oudshoorn.

Door de medische technologie dreigen artsen zich nu opnieuw meester te maken van de definitie. “Dit kan leiden tot een restrictievere praktijk, waarbij sluipenderwijs het zelfbeschikkingsrecht weer ondergraven wordt.” De betere levensvatbaarheid van de foetus buiten de baarmoeder, prenatale diagostiek, behandeltechnieken van het ongeboren kind en reageerbuisbevruchting kunnen nieuwe discussies doen oplaaien. “Deze ontwikkelingen kunnen de macht van artsen vergroten, juist als de overheid er niet uitkomt.”

Heeft de éénwordend van Europa gevolgen? Volgens de deskundigen niet. Hier loopt het verhaal parallel met "religieus rechts' in Nederland. Lidstaat Ierland heeft abortus immers grondwettelijk verboden en is daarmee zo onwrikbaar, dat het onderwerp waarschijnlijk nooit op de agenda zal komen.