Vissersbond keert zich tegen plan deel Noordzee te sluiten

EMMELOORD, 19 SEPT. "Help, de visserij verzuipt!!' is de titel van een rapport van de Nederlandse Vissersbond dat zich keert tegen een voorstel van het Nederlandse Instituut voor Onderzoek der Zee (Nioz) om een gebied van 10.000 vierkante kilometer in de Noordzee te sluiten voor de visserij. Het gaat hier om Het Friese Front en De Klaverbank, wat voor de Nederlandse visserij belangrijke visgronden zouden zijn.

De Vissersbond betoogt dat de branche door de jaren heen al 25 procent van de visgronden in de Noordzee heeft ingeleverd. De twaalf mijlszone langs de gehele kust van de Noordzee alsmede een "scholbox' en een "kabeljauwbox', beschermde gebieden waar de jonge vis kan opgroeien, kosten ruimte. Maar ook de 160 booreilanden, stortplaatsen voor munitie, militaire oefengebieden en (vuil)verbrandingsgebieden zijn van invloed. Als nu ook nog de bovengenoemde gebieden worden afgesloten komt het totale verlies op 33 procent, aldus de vissers.

De aanbeveling van het Nioz is gebaseerd op de schade die het milieu zou oplopen door de visserij. Onderzoek naar het ecologisch effect op de Noordzee van de boomkorvisserij (een methode waarbij de zeebodem wordt omgewoeld) is volgens het instituut ingrijpend, zeeëgels en schelpdieren zouden deze methode niet overleven. Jaarlijks zou de hele Noordzeebodem meermalen worden “omgeploegd”.

Volgens de Vissersbond berusten de negatieve veronderstellingen op “ondeugdelijk onderzoek”. Het rapport van de vissersbond baseert zich op beweringen van “drs. Beukema onderzoeker bij Rijkswaterstaat”. Drs. A.A. Beukema, hoofd afdeling beleidsontwikkeling van Rijkswaterstaat, weerspreekt dat. Volgens hem is niet hij, maar bioloog N. Daan van het Rijksinstituut voor Visserij Onderzoek deze mening toegedaan. Volgens Beukema zijn de ministeries van landbouw, economie, VROM en waterstaat in goed overleg van mening dat de aanbeveling van het Nioz moet worden uitgevoerd.

“Het Nioz-rapport is gekleurd door de Nederlandse behoefte op dit terrein iets te ondernemen”, zegt N. Daan van het Rivo. “Wat het nuttige effect zou zijn van de voorgestelde afsluiting, wordt uit dat rapport niet duidelijk. Voor september volgend jaar komt er een internationaal rapport dat is samengesteld door wetenschappelijke instituten in meerdere landen. Nederland doet er goed aan daarop te wachten.”