Debâcle in Oosterpark tegen vertwijfeld Rot Weiss Erfurt; Crisis bedreigt FC Groningen

GRONINGEN, 19 SEPT. Uit Erfurt waren gisteren twee bussen met supporters aangekomen om hun favorieten in het Oosterpark aan te moedigen tegen FC Groningen. De Duitse fans van de club uit de Oberliga raakten zó enthousiast over de 1-0 overwinning in de eerste UEFA-Cupconfrontatie met de Nederlanders, dat zij na het laatste fluitsignaal uit hun supportersvak een bommetje op het veld lieten ontploffen, waarvoor arbiter King uit Wales in de reguliere speeltijd de wedstrijd vrijwel zeker zou hebben stilgelegd.

Het is voor Groningen niet te hopen dat de officiële UEFA-waarnemer Michel Vautrot, in zijn glanzende carrière als toparbiter al een mannetje dat graag de puntjes op de i zette, een negatief rapport over het incident zal opmaken. Want een zware financiële straf of erger is wel het laatste wat Groningen kan gebruiken in een periode van sportief faillissement dat de club in een steeds sterkere wurggreep houdt.

Het woord crisis is nog net niet gevallen in het Oosterpark, maar na het sportieve debâcle tegen Rot Weiss Erfurt stond de prangende vraag centraal waarom Groningen er zelfs tegen deze vertwijfelde tegenstander, die met één punt uit negen wedstrijden (doelsaldo 5-28) onderaan staat in de Duitse Oberliga, niet in slaagde om een doelpunt te produceren. “Als er een crisis uitbreekt dan begint die niet in de spelersgroep”, meent middenvelder Olde Riekerink. “Eén hele goede wedstrijd en de problemen bij Groningen zijn opgelost.” Aanvaller Hennie Meijer, door zijn collega's in het betaalde voetbal uitgeroepen tot speler van het jaar, constateert dat er de laatste tijd zelfs weer ruzie op de training wordt gemaakt, waarbij de spelers elkaar ter plekke ongezouten de waarheid vertellen. Een goed teken volgens hem in een atmosfeer die wat gezapig dreigde te worden en waarin niemand verantwoordelijkheid wilde nemen.

Maar de realiteit op het speelveld was dat Groningen tegen het door de rijke Duitse clubs uit het westen leeggeplukte voormalige Oostduitse voetbalgezelschap - Erfurt raakte onder meer spits Vogel voor 900.000 D-Mark kwijt aan landskampioen Kaiserslautern - met zijn stereotiepe aanvalsspel nauwelijks een opnening wist te forceren. Terwijl de tegenstander, als rechtgeaarde Duitsers, ook niet te intimideren viel of op conditie bleek te kloppen.

Trainer Hans Westerhof van Groningen stond er na afloop met de videoband van de wedstrijd ("misschien bekijk ik die vannacht nog wel, ik kan na een wedstrijd toch nooit slapen') wat beteuterd bij. In het Nieuwsblad van het Noorden had hij op de dag van de wedstrijd de tactiek, die in zes hoofdpunten uiteenviel, uiteen gezet waarmee het vooraf kansloos geachte Duitse formatie zou worden overspeeld. Een 2-0 overwinning zou het volgens Westerhof minimaal toch wel worden.

Alles was daarbij gericht op de terugkeer van Harris Huizingh. Deze politieman is in de lucht onklopbaar is en met zijn kopballen diende hij voor het vijandelijke doel voor zo veel verwarring te zorgen dat anderen daarvan zouden kunnen profiteren. Hoge ballen voor het doel, trekballen vanaf de achterlijn, een hoog tempo en Erfurt beletten aan de eigen opbouw toe te komen, dat vormden het voetbal-abc waarmee het karwei wel even zou worden opgeknapt. Maar toen Schmidt de bal al na twee minuten uit een aanval uit het boekje achter de Groningse doelman Lodewijks had gedeponeerd bleek het tegendeel eerder het geval.

Ondanks ettelijke mogelijkheden voor het wonderkind Djurovski, die Groningen in zijn laatste Europa-Cupwedstrijd in 1989 toen nog als speler van Partizan Belgrado ook al de das om deed, kwam Groningen in zijn eenentwintigste Europa-Cupwedstrijd niet aan scoren toe. Djurovski miste zelfs een penalty, Roossien trof één keer de paal.

De Duitsers incasseerden vier gele kaarten, maar weerden het geweld verder simpeltjes af. Niet gek voor een elftal dat vooraf lager werd ingeschat dan een gemiddelde Nederlandse eerste divisieclub en dit seizoen al aan zijn derde hoofdtrainer bezig is. “Toch vind ik crisis wel een groot woord”, zegt Westerhof over de ontstane impasse. Hij moet oppassen dat hij niet binnen enkele maanden van een gevierd oefenmeester, die de race om het landskampioenschap met PSV en Ajax tot in de slotweken van de afgelopen competitie volhield, verandert in de kop van Jut.

Voor het herstel gokt Westerhof echter op een revanche in Erfurt over veertien dagen. “Ik denk dat het daar net zo'n wedstrijd wordt als hier vanavond”, zegt de nuchtere trainer. “En het is onmogelijk dat je in twee duels waarin je zo veel kansen krijgt niet één keer scoort. Dat wil er bij mij niet in.”

Hoewel in enigszins andere bewoordingen kreeg Westerhof onverwachte bijval van zijn collega van Erfurt, Josip Kuze. In gebroken Engels meende de Joegoslaaf: “Europa-Cupvoetbal moet je altijd projecteren op twee wedstrijden. Wat dat betreft denk ik dat we het in Erfurt nog moeilijker zullen krijgen dan hier in Groningen, waar we beschikten over een excellente keeper en ook een beetje geluk hadden.”