Lof voor 's Rijks schatkistbewaarder

DEN HAAG, 18 SEPT. “'k Mot ze eigenlijk niet, die vrinden van de rooie familie, maar de boekhouder die ze nu leveren, kan zo hoofd afdeling financiële planning bij mij worden.” De beheerder van “een groot pensioenfonds” toont zich in zijn nopjes met 's Rijks schatkistbewaarder. Voorzichtig nipt hij aan zijn fluitje gevuld met champagne en een randje met suiker. “Niet vies.”

Het lijkt de omgekeerde wereld wel, dinsdagmiddag in het Haagse theater Diligentia. Topman drs. H. Heemskerk van F. van Lanschot Bankiers N.V. ("sinds 1737'), die de heren beleggers en bankiers heeft uitgenodigd, steekt Wim Kok - “al is hij mijn politieke kleur niet” - zelfs een riante pluim op de hoed voor deze “verstandige” en “afgewogen” begroting. Want voor de beleggers is het regeringsbeleid, zeker op langere termijn, “zonder meer positief”. Zeker nu het voornemen - het kabinet had er in februari nog mee gedreigd - om de fiscale rente-aftrek te beperken en de dividend-vrijstelling af te schaffen van de baan is.

Koks thesaurier-generaal, drs. C. Maas, één van de gastsprekers, vraagt zich na al deze complimenten af: “Wat doe ik dan nog hier?” Om daarna de gelegenheid aan te grijpen de aanwezige beleggers “alvast wat op te warmen”. Voor de verbetering van de infrastructuur is immers tot het jaar 2010 het lieve bedrag van 158 miljard gulden nodig, en particuliere financiering is daarbij uiterst welkom. Maar, waarschuwt Maas zijn toehoorders, dat kunnen dank zij de geliberaliseerde kapitaalmarkt ook buitenlandse beleggers zijn.

De thesaurier-generaal doet een dringende oproep aan heel Nederland - werkgevers, vakbonden en overheidsinstanties - de inflatie niet “omhoog te praten”. Want: “Er zijn leugens, grote leugens en statistieken”. Het inflatiecijfer is de jaarlijks gemiddelde stijging van het prijsindexcijfer, en niet de stijging over de laatste twaalf maanden. Daarom komt het Centraal Planbureau voor 1992 uit op 3,25 procent, en niet op 4,5 procent, aldus Maas.

Zijn oproep vindt vooralsnog weinig gehoor, zo blijkt enkele uren later in diverse televisie-uitzendingen. VVD-leider Bolkestein en voorzitter Rutten van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid voorspellen met veel fanfare dat de lonen volgend jaar wel met “vier à vijf procent” zullen stijgen. Ook al verwacht het Planbureau voor 1992 een gemiddelde contractloonstijging van 3,75 procent.

Naast de diverse complimenten is er in Diligentia toch ook kritiek, stevige kritiek zelfs. Directeur prof. drs. J. Weitenberg van het Nederlands Christelijk Werkgeversverbond verwijt het kabinet een algemene BTW-verlaging achterwege te laten. Daarnaast moet de collectieve lastendruk, die nu vooral op de factor arbeid drukt, drastisch omlaag. Dat kan “misschien” via milieuheffingen, maar niet op eigen houtje, want dat is in economische zin “zelfmoord”.

Weitenberg prijst het kabinet weliswaar voor “de gedurfde ingrepen in de verzuimregelingen”, maar veel bezuinigingen zijn volgens hem slechts window dressing. Hij noemt als voorbeelden de verkoop van schoolgebouwen, het versneld innen van belastingen en het vertraagd afdragen van premies aan de Sociale Verzekeringsbank.

Voorzitter H. Hofstede van het Christelijk Nationaal Vakverbond is al even kritisch, zij het om andere redenen. Snijden in de WAO-uitkeringen mag pas als blijkt dat een beleid om arbeidsongeschiktheid te voorkomen (preventie) en arbeidsongeschikten weer aan werk te helpen (rentegratie) onvoldoende zoden aan de dijk zet. Ook de werkgevers krijgen een veeg uit de pan: als zij de sociale zekerheid willen “afbouwen” kunnen ze rekenen op een harder overlegklimaat.

Veel meer waardering, in het bijzonder voor de WAO-aanpak, is er van forum-voorzitter drs. J. de Koning. “Het probleem wordt nu echt bij de wortels aan gepakt. In geneer me dat ik twaalf jaar commissaris bij die onderneming ben geweest”, aldus de voormalige minister van Sociale Zaken.

De Koning veegt aan het eind van de discussie-middag “nog even alle losse eindjes samen”. De minister van staat waarschuwt het kabinet Lubbers-Kok “dat ieder kabinet dat scheefgroei corrigeert, op grote maatschappelijke weerstand stuit. En met de plannen die het kabinet nu heeft ontvouwd, zijn de grenzen van het mogelijke bereikt.”

Vol lof is hij niettemin over het realiseren van de doelstelling van het financieringstekort. “De subsidiëring van de volkshuisvesting wordt effectief aangepakt, via arbeidspools worden langdurig arbeidsongeschikten uit hun isolement gehaald en het Jeugwerkgarantieplan drukt mensen die de middelbare school verlaten op het feit dat ze moeten werken. Of ze zoeken het zelf, of wij zoeken het voor ze. Het is vrij simpel: werken of werken.”