Europa nogal sceptisch over sturen vredesmacht

BRUSSEL, 18 SEPT. De landen van de Europese Gemeenschap hebben verdeeld en overwegend sceptisch gereageerd op het voorstel van minister Van den Broek van buitenlandse zaken om een vredesmacht van de Westeuropese Unie naar Joegoslavië te sturen.

Een aantal landen is zeer huiverig voor een dergelijke stap, omdat het een grote rechtstreekse militaire betrokkenheid van de Europese Gemeenschap bij de oorlog in dat land zou kunnen betekenen. Een woordvoerder van de Britse regering zei dat Groot-Brittannië tegen was: “Vredestroepen zouden in het conflict verstrikt raken en hun interventie zou de zaak alleen maar erger maken.” Ook Portugal is tegen. De Portugese minister van buitenlandse zaken, Joao de Deus Pinheiro, zei: “De Europese Gemeenschap moet aandringen op een dialoog. Hoewel we wat dat betreft maar relatief succesvol zijn geweest, zie ik geen alternatief.”

De Deense minister van buitenlandse zaken, Uffe Ellemann-Jensen, ziet niets in een militaire interventie: “Het zou een riskant avontuur zijn, waarvan moeilijk is in te zien hoe het in de praktijk kan worden uitgevoerd.” Mochten alle Joegoslavische partijen instemmen met een vredesmacht, dan willen de Denen hun standpunt heroverwegen.

De Franse regering is in principe wel voorstander van het sturen van een vredesmacht, maar dan moeten de strijdende partijen in Joegoslavië met hun komst instemmen. De woordvoerder van het Franse ministerie van buitenlandse zaken, Daniel Bernard, zei: “Voor Frankrijk is het ondenkbaar dat Europa met de armen over elkaar blijft zitten nu de situatie in Joegoslavië zo'n dramatische wending heeft genomen. Maar voordat Europa zich daadwerkelijk militair met Joegoslavië kan bemoeien, moet het wel duidelijk zijn dat alle partijen daarmee instemmen, omdat anders de juridische basis voor zo'n interventie zou ontbreken.” Voor Frankrijk is zowel een vredesmacht van de Verenigde Naties denkbaar als een gecombineerde vredesmacht van VN en WEU.

Onze correspondent in Bonn meldt: Het bijeenroepen van de vergadering van de Westeuropese Unie door minister Genscher betekent, volgens een woordvoerder van het Duitse ministerie van buitenlandse zaken, dat de Bondsrepubliek instemt met Van den Broeks voorstel. Dat voorstel “houdt een optie open die de moeite van het bespreken zeker waard is”. Wat Bonn betreft zal voor de besluitvorming morgen in Den Haag mede van belang zijn wat Lord Carrington, als voorzitter van de vredesconferentie over Joegoslavië, rapporteert naar aanleiding van zijn bezoek aan dat land en of het staakt-het-vuren dat hij heeft bereikt ook effectief is.

Voor de Duitsers kan een WEU-macht alleen een vredeshandhavende en niet een vrede afdwingende taak hebben. Overigens wijst de woordvoerder erop dat de WEU een defensief bondgenootschap is, dat eigenlijk slechts coördinerende taken heeft. Desgevraagd gaf hij toe dat de lopende discussie in de Bondsrepubliek over de vraag of Duitse militairen buiten het verdragsgebied van de NAVO inzetbaar zijn voor vredesacties het onzeker maakt of Duitse troepen ook daadwerkelijk kunnen bijdragen aan vrede bewarende operaties in Joegoslavië. Tot zover onzer correspondent.

De woordvoerder van het Italiaanse ministerie van buitenlandse zaken, Giovanni Castellaneta, bevestigde dat Italië bereid is troepen naar Joegoslavië te sturen als de landen van de Westeuropese Unie daartoe zouden besluiten. “Het lijkt me logisch dat ze lichte wapens zouden dragen en dat ze samen zouden werken met de waarnemers van de Europese Gemeenschap.”

De Amerikaanse ambassadeur bij de NAVO, William H. Taft IV, zei dat de Verenigde Staten “zeer genteresseerd zijn in alles wat gedaan kan worden om de vooruitzichten voor een vreedzame oplossing” van het conflict in Joegoslavië te bevorderen. Een standpunt over het sturen van een WEU-vredemacht hebben de Amerikanen nog niet, aldus Taft. “We hebben het gevoel dat de manier waarop de EG de zaak benadert en het feit dat de EG het voortouw neemt het meest belovend is.” (Reuter, AP, AFP)