Fidelity voorspelt economisch herstel

AMSTERDAM, 17 SEPT. De Amerikaanse economie zal zich tegen het einde van dit jaar herstellen. Daarna zullen achtereenvolgens ook de economieën van het Verenigd Koninkrijk, de rest van Europa en Japan weer opleven.

Dit althans is de verwachting van Fidelity Investments, met bijna 280 miljard gulden onder beheer de grootste onafhankelijke vermogensbeheerorganisatie ter wereld.

In de komende jaren fungeren de Verenigde Staten als motor van de wereldeconomie, aldus de in Boston gevestigde beleggingsadviseurs.

De aandelenmarkten zullen daarbij ondanks een matig ondernemersklimaat profiteren van dalende inflatie en lagere rentestanden. Ook zullen de effectenbeurzen minder heftige koersschommelingen laten zien dan in het vorige decennium het geval was.

Volgens Fidelity zijn de gevolgen van beurscrashes overigens niet zo desastreus voor beleggers als menigeen denkt. Een belegger had het resultaat van zijn portefeuille in de afgelopen vijf jaar niet kunnen verbeteren indien hij vóór de "oktober'beurscrises in 1987, 1989 en 1990 al zijn aandelen had verkocht.

Veel belangrijker namelijk dan tijdig verkopen, is op het juiste moment "volbelegd' zijn. Op Amerikaanse aandelen bijvoorbeeld werd in de jaren tachtig gemiddeld een totaalresultaat - dividend plus waardestijging - van 17,6 procent per jaar behaald. De belegger echter die op de "veertig beste beursdagen' van de meer dan 2.500 beursdagen gedurende deze tien jaar toevallig geheel "uit de markt' was, behaalde slechts een schamel rendement van gemiddeld vier procent per jaar.

“Trying to time the market does not pay”, menen de Fidelity-managers. Aangezien niemand er in slaagt op het juiste moment te verkopen, en ook nog precies op het juiste moment terug te kopen, doen beleggers er maar verstandiger aan beurscrises gelaten te ondergaan.

Na de koersval van meer dan 500 punten op de Dow Jones-index op 19 oktober 1987 waren de koersen tegen het einde van dat jaar alweer 5 procent in herstel. In de drie daarop volgende jaren bereikte de Dow Jones nieuwe recordniveaus.

Fidelity heeft bij het beheer van portefeuilles nimmer de omstreden Moderne Portefeuille Theorie toegepast. Volgens deze door veel pensioenfondsbeheerders aangehangen theorie kan een optimaal beleggingsresultaat worden behaald indien het belegde vermogen maar steeds in de juiste percentages over de verschillende bedrijfstakken is verdeeld. De keuze van de individuele fondsen zou daarbij nauwelijks van belang zijn.

Volgens de "Modern Portfolio Theory'-adepten kan men zelfs volstaan met eenvoudig beleggen in de index. Daarbij zij aangetekend dat veel vermogensbeheerders er inderdaad niet in slagen een beter beleggingsresultaat te bereiken dan de als maatstaf gehanteerde betrokken index. Dit verschijnsel heeft over de hele wereld dan ook geleid tot de oprichting van talloze "index-beleggingsfondsen'.

Fidelity, met kantoren in Londen, Amsterdam en het Verre Oosten, en meer dan 200 fondsmanagers en beleggingsanalisten in dienst, gelooft echter nog steeds in het ouderwetse "stockpicking'.

Met een selectie van ondergewaardeerde kansrijke fondsen kan volgens Fidelity een veel beter beleggingsresultaat bereikt worden dan met een "mechanische' procentuele verdeling over diverse bedrijfstakken.

Overigens heeft Fidelity voor de managers van haar internationaal beleggende fondsen wel een "top down' advies ten aanzien van de procentuele geografische verdeling. Voor belegging in Europa buiten het Verenigd Koninkrijk is momenteel 7 procent van het totaal belegde vermogen gereserveerd. Dat is slechts de helft van het percentage dat vigeert in de Wereld Index van de Financial Times (FTA World Index).

Vanzelfsprekend willen de Fidelity-managers hun researchgeheimen, mede gebaseerd op bijna 15.000 bedrijfsbezoeken per jaar, niet zomaar prijs geven.

Maar ter illustratie van haar "stockpicking-approach' tipten zij voor de bezoekers van haar jaarlijkse Europese roadshow enige kansrijke ondergewaardeerde aandelen in de VS, Europa en het Verre Oosten. Daaronder bevindt zich ook een Nederlands aandeel: VNU, wegens zijn belangen en interesse in commerciële televisie en de daaruit verwachte advertentie-inkomsten.

Voor Europese beleggers heeft Fidelity bijna een jaar geleden een groot aantal in Luxemburg genoteerde beleggingsfondsen - waaronder op landen gespecialiseerde aandelenfondsen en obligatiefondsen - gentroduceerd. Deze staan in Nederland vermeld in de koersrubriek "Niet genoteerde beleggingsfondsen'.

In november komen daar twaalf geldmarktfondsen in diverse valuta's bij. Daaronder bevindt zich ook een fonds in gulden-deposito's.

Kennelijk zijn deze nieuwe fondsen bedoeld voor beleggers die op gezette tijden toch maar liever geheel of gedeeltelijk in liquiditeiten beleggen dan in aandelen. En dat zijn veelal institutionele cliënten als pensioenfondsen en verzekeringsmaatschappijen, tegenover wie Fidelity uiteraard niet graag met lege handen wil staan.