Solti fel en vlammend voor Concertgebouworkest

AMSTERDAM, 16 SEPT. Sir Georg Solti stond afgelopen zaterdag om vijf uur op in Londen, van half tien tot half een stond hij in het Amsterdamse Concertgebouw te repeteren met het Concertgebouworkest, sprak daarna drie kwartier met de Nederlandse muziekpers, lunchte in bodega Keijzer en reed toen weer naar Schiphol om de rest van het weekeinde weer thuis in Londen door te brengen. Vanmorgen stond Solti echter om half tien weer voor het orkest in Amsterdam, waar hij woensdag, donderdag en zaterdag drie concerten dirigeert met de Eerste symfonie van Sjostakowitsj en Le sacre du printemps van Strawinsky. De live-uitvoering wordt door Decca vastgelegd op de plaat.

Het is voor het eerst sinds de tien concerten in 1955 dat Sir Georg Solti het Concertgebouworkest weer in het openbaar dirigeert. In 1961 nam hij in Amsterdam met het Concertgebouworkest nog de Vierde symfonie van Mahler op met de sopraan Sylvia Stahlman als soliste. Die plaat is nu - dertig jaar later - nog steeds verkrijgbaar, constateerde Solti zaterdag met zichtbaar genoegen. En hij zei blij te zijn weer terug te zijn in Amsterdam, waar hij de laatste decennia een aantal keren optrad met het Chicago Symphony Orchestra, waarvan hij deze zomer na 22 jaar afscheid nam als chef-dirigent. Solti roemde de akoestiek van het Amsterdamse Concertgebouw als “de beste ter wereld.”

Over iets meer dan een maand, op 21 oktober, wordt Sir Georg Solti 79 jaar. Wat leeftijd betreft is hij, sinds het overlijden van Herbert von Karajan, de nestor der waarlijk grote dirigenten. Carlo Maria Giulini, die volgende week maandag met het orkest van de Milanese Scala optreedt in Rotterdam, is anderhalf jaar jonger. Maar veel minder dan aan de nu wat stramme Giulini zijn de jaren af te zien aan Solti.

Hij oogt als een getaande man van midden vijftig en hij gedraagt zich overeenkomstig. Er is in zijn voorkomen en uitlatingen niets ouwelijks te ontdekken. En hij poneert de wijsheid van zijn enorme ervaring met bescheidenheid, als hij met veel plezier vertelt over zijn assistententijd in de jaren "30 aan de opera van Boedapest. In Flotows Martha dirigeerde hij achter het decor een tweede orkestje, eindigde met een maat verschil met het orkest in de bak en vluchtte het theater uit.

Solti's nog jeugdige fysieke en mentale kracht is overigens ook wel nodig als men zijn drukke programma voor de komende jaren beziet. Solti houdt de legendarische traditie van de stokoude maar nog altijd briljante dirigent in stand, maar op geheel eigen wijze. De nestor van deze tijd is zelfs nog niet eens bejaard en lijkt vol zelfvertrouwen een lange en beloftevolle toekomst tegemoet te gaan. En hij zegt dat hij nog steeds verandert: zijn opvatting over Mozart heeft hij sterk gewijzigd, hij is niet van plan ooit zichzelf te herhalen, het verleden dient te worden vergeten, alles moet telkens weer nieuw en fris worden benaderd.

Tijdens de repetitie zaterdagmorgen - met Sjostakowitsj op de lessenaars - was Solti fel en vlammend, gedecideerd en alert. Af en toe liet hij een iets meer ontspannen sfeer toe en de leukste momenten voor de toeschouwer zijn natuurlijk die waarop hij als een diepe bas gromt om de strijkers aan te vuren of "zingt' wat hij van de blazers wil horen: hij klinkt dan als een kakelende kip.

Niettemin: hier staat de wereld-muziekmeester. Na Chicago heeft Solti ruim de tijd voor een van de meest prestigieuze posities in het internationale muziekleven: vanaf volgend jaar is hij muzikaal leider van de Salzburger Festspiele, artistiek geleid door Gerard Mortier.

En op belangrijke ceremoniële momenten wordt de muziek gedirigeerd door Solti. Op 5 december dit jaar - de tweehonderdste sterfdag van Mozart - een uitvoering van diens Requiem in de Weense Stephansdom, van waaruit Mozart destijds werd begraven. Het evenement zal overal ter wereld rechtstreeks worden uitgezonden, cd's en video's zullen vrijwel onmiddellijk in de winkels liggen. Drie dagen later leidt Solti in Stockholm een concert ter gelegenheid van het 90-jarig bestaan van de Nobel-prijzen met Kiri Te Kanawa als soliste - alweer op tv.

Bij de opening van de Olympische Spelen, volgend jaar in Barcelona, dirigeert Solti de Negende symfonie van Beethoven, opnieuw met de rest van de wereld als publiek. Zijn tachtigste verjaardag wordt volgend jaar gevierd met een gala-première van een nieuwe Otello-produktie in het Londense Covent Garden, waarvan Solti van 1961 tot 1971 chef-dirigent was, en met concerten in Chicago. Begin december dirigeert hij dan het Concertgebouworkest weer in Amsterdam, gevolgd door een korte tournee in Spanje. En in september 1993 leidt Solti - samen met Chailly - een tournee van het Concertgebouworkest door Japan.

Met een grote vanzelfsprekendheid is Solti nu de veldheer van de muziek, de uitvoerder die zijn zaakjes even goed op orde heeft als de schepper Strawinsky, wiens werktafel hij eens zag: “Die was strak georganiseerd als een militaire operatie: de pennen scherp in het gelid, de potloden - blauw en rood - geslepen terzijde, recht voor zich wit papier, met schema's en notenbalken.”

Sterke principes en flamboyante emoties gaan samen bij Solti, nu een geridderd Brits onderdaan, als de toestand in Oost-Europa ter sprake komt. Hoewel hij elk jaar werd uitgenodigd zijn geboorteland Hongarije te bezoeken, weigerde hij dat wegens zijn afkeer van de politiestaat, ook al was die daar na de Hongaarse opstand in 1956 iets minder streng dan elders. De economische en politieke toestand baart hem enorme zorgen: “We mogen hopen en bidden dat deze crisis niet ontaardt in een wereldramp.”

Foto: Dirigent Sir Georg Solti (l) met concertmeester Jaap van Zweden van het Koninklijk Concertgebouworkest in het Amsterdamse Concertgebouw (foto NRC Handelsblad-Vincent Mentzel)