Robson is er klaar voor, PSV nog niet

EINDHOVEN, 16 SEPT. PSV-coach Bobby Robson is er klaar voor. Klaar voor de eerste Europa-Cupwedstrijd van woensdag tegen het Turkse Besiktas. Hij zegt dat hij weet hoe Besiktas zal spelen. Hij durft zelfs de opstelling te voorspellen. En hij weet ook hoe de Turkse landskampioen onderuit gehaald kan worden. Zijn ogen versmallen zich als hij over strategie spreekt. Als bij Wellington voor Waterloo.

Robson is er klaar voor, maar zijn ploeg nog lang niet. Hoeft ook niet, want eerst moest zaterdagavond nog de lastige thuiswedstrijd tegen Roda JC worden gewonnen (2-1). Voetballers, zegt Robson, kunnen maar met één zaak tegelijk bezig zijn.

Pas vanavond, na de eerste training in het Inüon-stadion in Istanbul, zal hij de spelers in grote lijnen vertellen wat ze te wachten staat. In grote lijnen, want hij hoedt zich voor “overinstructie”. “Als je ze te veel informatie geeft, dan breng je ze maar in verwarring. Je zegt niet alles, houdt altijd iets achter, ook om ze niet ongerust te maken. Je vertelt ze alleen wat ze nodig hebben om hun opdracht te kunnen uitvoeren. Dat is belangrijk: dat ze weten wat ze moeten doen. Hun het vertrouwen geven dat ze dat ook kunnen.

“De meeste spelers vinden het wel best als een ander hen vertelt wat ze moeten doen.” Robson weet het al lang, maar het verbaast hem nog altijd. Toen Besiktas begin augustus zes oefenduels in Nederland speelde, had hij zijn elftal uitgenodigd om de toekomstige tegenstander in Oss te bekijken. Geen interesse. Ook voor de videobeelden van Besiktas bleek in de groep geen belangstelling te bestaan. Robson twijfelt niet aan de professionaliteit van zijn spelers. Maar hij zou het nog professioneler vinden als ze zich beter zouden voorbereiden op hun tegenstanders. “Dat levert altijd voordeel: als je weet wie je tegenover je hebt. Als je zijn kracht kent en zijn zwakte.”

Robson heeft zich met zijn trainersstaf uitgebreid voorbereid op het treffen met Besiktas. Samen hebben ze Besiktas zeven keer zien spelen: tweemaal in Turkije, vijf keer in Nederland. Voor PSV was het een gelukkig toeval dat de Turkse kampioen al voor de loting tegen de Eindhovenaren had besloten zich in Nederland op de competitie te prepareren. “Een buitenkansje dat we niet mochten laten lopen”, zegt Robson. “We hadden ons tot een of twee van de Nederlandse oefenwedstrijden kunnen beperken. Maar dat zou onprofessioneel zijn geweest.”

Want in de eerste fase van de voorbereiding gaat het erom zo veel mogelijk van je tegenstander te weten te komen. En in elke wedstrijd zie je weer iets anders, zegt Robson. Je vormt je een beeld van elke afzonderlijke speler, je maakt een sterkte-zwakte-analyse, je kent zijn favoriete manoeuvres, je weet wat zijn belangrijkste kenmerken zijn. Tegelijkertijd krijg je een idee van de spelpatronen, van de formatie waarin wordt gevoetbald. Besiktas zweert bij een Britse 4-4-2 formatie, zonder libero, in Turkse stijl, zegt Robson. Hij gaat er vanuit dat dit woensdag niet anders zal zijn.

Robson wenst niets aan het toeval over te laten. Hij vindt het belangrijk “om zijn huiswerk in orde te hebben”. Daarom is hij blij dat hij vorig weekend nog samen met rechterhand Frank Arnesen de uitwedstrijd van Besiktas tegen Altay Izmir bezocht heeft. Daar werd hij plotseling geconfronteerd met twee spelers, die hij niet eerder gezien had. Een van hen, Mehmet, beschouwt hij als het grootste gevaar van Besiktas. Samen met spitsspeler Ali. Dit duo scoorde afgelopen woensdag zes keer in de bekerwedstrijd tegen aartsvijand Galatasaray.

Toch vindt Robson dat Besiktas geen echte sterspelers heeft. Geen Romario, geen Vanenburg, Geen Popescu. De kracht van de Turken, zegt hij, ligt hem in de ploeg als geheel. “Het team kent geen echte zwakke schakels.” Wel zwakkere schakels. En op een van die zwakkere schakels in de defensie zal Kieft zich moeten richten. Voor Kieft heeft Robson een bijzondere rol in gedachten. Hij zegt het als een samenzweerder. Een rol die bij voorkeur tot een snelle voorspong moet leiden. Want dat is een andere zwakte van Besiktas, meent Robson. De ploeg is kwetsbaar bij een achterstand.

Nog een paar andere spelers zullen speciale opdrachten krijgen, zegt Robson. Valckx zal worden gekluisterd aan spitsspeler Ali. “Stan zal een belangrijke avond krijgen. Hij mag zijn tegenspeler geen seconde uit het oog verliezen.” En Vanenburg zal de opkomende rechtsback van Besiktas moeten stoppen, een gretige verdediger die door Robson wordt omschreven als “een jonge Erik Gerets”.

Na de algemene informatieronde over Besiktas, die voor vanavond op het programma staat, krijgen de spelers morgen pas te horen hoe ze moeten spelen. Dan ook maakt Robson pas het basisteam bekend. De ploeg heeft dan al twee keer kunnen trainen in het Inüon-stadion, kunnen wennen aan de entourage waarin ze straks moet spelen. Dat is ook belangrijk, zegt Robson: de afmetingen van het speelveld kennen, zien hoe lang het gras is, voelen hoe de bal over de bodem rolt.

Volgens Robson is dat de essentie van een goede voorbereiding: weten wat je te wachten staat, weten wat je te doen staat. Zo krijg je respect voor je tegenstander. Maar ook vertrouwen in eigen kracht.