Amsterdam creëert weer een "bloopers-marathon'

AMSTERDAM, 16 SEPT. En toen begon het nog te regenen ook. De Amsterdam City Marathon was gisteren de zoveelste poging in de hoofdstad een topatletiek-attractie van de grond te helpen. In de nacht van zaterdag op zondag had de organisatie nog medewerkers moeten ronselen omdat de politie twijfels had over de afzetting van het parkoers. En gisterochtend liepen heel wat deelnemers scheldend over het Museumplein waar elk aanwijzingsbord ontbrak; een half uur na het startschot stortte op de Dam de lichtmetalen finishbrug in en kwamen vrijwilligers in opstand omdat ze de hele dag nog geen hap te eten hadden gekregen. Maar de lopers kwamen van A naar B en dus sprak de organisatie van een geslaagde dag.

“Het is dat dit Nederland is, anders was ik er al lang mee gekapt”, verzuchtte atleten-bemiddelaar Jos Hermens. Hij kondigde daarom opnieuw aan "Amsterdam' nog één jaar de kans te geven, “Als het volgend jaar niet lukt is het afgelopen. Dan blijft deze marathon doorkneuteren.” Zeven weken geleden hoorde Hermens pas hoe hoog het budget was dat hij had te besteden aan startgeld: 100.000 gulden. “Maar zaken als reclame en rijdende billboards stonden al drie, vier maanden vast. De zakelijke belangen hebben de sportieve verdreven.”

Het geld voor de Amsterdamse marathon kwam bij de organiserende stichting via ARC Sports & Events, een onderdeel van Alrecon. Daardoor werd het bestaan voor drie jaar verzekerd. Maar vanaf dat moment heeft het reclamejargon de taal van de sporter overstemd. En met de snelheid die bij die wereld schijnt te horen werd ook een marathon uit de grond gestampt. Het resultaat was gisteren een aan alle kanten rammelende organisatie met elkaar tegensprekende woordvoerders.

“Berlijn is na de val van de muur een fun-marathon geworden, New York is er een die je gelopen moet hebben en Amsterdam moet een loop-happening worden met tienduizend deelnemers”, propageert Alex Kampmeijer, voorzitter van de Stichting Amsterdam City Marathon, zijn idee van breedtesport-evenement. “Het moet een topmarathon worden, waar een tijd wordt gelopen van beneden de 2 uur en tien minuten”, vindt echter Wim Verhoorn, ex-marathon bondscoach en thans werkzaam bij ARC Sports & Events. Zijn superieur mr. Ed van der Feer gewaagde zelfs te spreken van een parkoers waar over één of twee jaar een wereldrecord kan worden gelopen.

Met welke slogan Amsterdam voor volgend jaar sponsors bestormd is dus nog onduidelijk, maar als er wordt geschermd met een mogelijk wereldrecord is de grens tussen voorlichten en voorliegen wel flinterdun geworden. Met het nieuwe parkoers dat helemaal door de stad voerde heeft de organisatie zich vertild aan de klus. Het is bewerkelijk en eist een enorme inzet van menskracht, ook al om dat de hoofdstedelijke mentaliteit een andere heet te zijn. Wie in Rotterdam een dranghek neerzet ziet dat publiek erachter gaat staan, in Amsterdam klimmen ze er overheen. “Dit is een parkoers voor het publiek”, merkte deelnemer Gerard Nijboer op nadat hij zijn werk als tempomaker halverwege had beeindigd. De atleet had in zijn ogen een minder hoge prioriteit gehad bij het uitstippelen van de route.

Te veel scherpe bochten waardoor moeilijk te bepalen valt hoe de stand van zaken is. En ondanks de inzet van politie en 700 vrijwilligers, reden op bepaalde gedeelten de trams en bussen door en werd op enkele plaatsen het verkeer doorgelaten. De gemeente Amsterdam mag dit jaar dan bijzonder coöperatief zijn geweest, volgens Hermens gaat ze nog lang niet ver genoeg. Er moet een professionele kracht met een ondersteunende staf komen, zoals die in Rotterdam bestaat. Anders blijft het tobben en kan Amsterdam hooguit de status van bloopers-marathon consolideren. Met atleten die kort voor de finish verkeerd afslaan, honden die naar benen happen, overstekende oude vrouwtjes en instortende finishbruggen. Het holle gekwaak van reclamebureaus kan dat niet wegpoetsen.

Wim Visser, ex-voorzitter van het Amsterdamse organisatiecomité die gisteren namens de Atletiek Unie de wedstrijd moest keuren, hekelde die zogenaamde professionele aanpak zoals die nu werd uitgevoerd. “Ik heb liever tien goed werkende amateurs dan een professional die niet weet waar hij mee bezig is. Vier jaar geleden had ik voor 70.000 gulden een prachtig deelnemersveld en als ik zie wat er nu met een veel groter budget bij elkaar is gebracht. Dan denk ik: Is die strijkstok zo groot geworden?” Van een afstand heeft hij toegezien hoe datgene wat toch enigszins zijn geesteskind was een facelift onderging en met gemengde gevoelens ging hij op pad om het resultaat te beoordelen. En toen begon het nog te regenen ook.