Spinoza (2)

Men vaardigde (1659) de oude Saul Levi Morteira af naar het stadhuis om een klacht tegen Spinoza in te dienen (wegens tegen Mozes en de Godheid gerichte denkbeelden).

Het resultaat van hun drijven was, dat Spinoza op het stadhuis werd ontboden. Het vonnis luidde (1660), na advies van de predikanten: "verbanning voor enige maanden buiten Amsterdam' (Theun de Vries in zijn biografie "Spinoza').

En “Als het juist is, dat hij nu door Dirk Tulp werd geholpen, zou hij de gastvrijheid van deze regent genoten hebben op diens buitenhuis Tulpenburg, even buiten de rechtspalen van de stad Amsterdam bij de buurtschap Kostverloren aan de Amstel in de richting van Ouderkerk”.

Van der Tak (Spinoza 1931) noemt dit zeer waarschijnlijk. Hubbeling (Spinoza 1966): “Het is niet vast te stellen of Spinoza inderdaad in Ouderkerk heeft gewoond, voordat hij naar Rijnsburg verhuisde”. (Zoals Colerus in 1704 had geschreven). Ook Sikkes (1976) spreekt over een verblijf in of bij Ouwerkerk in zijn biografie. En A. Vloemans: “hij begaf zich na de ban voor 3 maanden naar Ouderkerk, waar hij blijkbaar bekenden had wonen” (1953).