Kroatische troepen geven Kostanjica prijs

LJUBLJANA, 13 SEPT. Kroatische troepen hebben zich vannacht teruggetrokken uit de fel omstreden stad Kostajnica in het oosten van Kroatië. Dat heeft Radio Zagreb vanochtend gezegd.

Volgens het Joegoslavische persbureau Tanjug hebben ongeveer 370 leden van de Kroatische nationale garde en de politie zich overgegeven aan Servische nationalisten met wie zij al wekenlang in zware gevechten verwikkeld zijn. Volgens het persbureau wordt in het centrum van Kostajnica nog sporadisch gevochten. In Zagreb werd het Tanjug-bericht ontkend.

Het verlies van de strategisch gelegen stad aan de grens met de Joegoslavische deelrepubliek Bosnië betekent dat het door Kroatië beheerste gebied opnieuw kleiner is geworden. Servische nationalisten, gesteund door federale troepen hebben hiervan grote delen veroverd. Uit bijna alle grote steden in oostelijk Kroatië worden gevechten gemeld. Het gebied is door de afsluiting van spoor- en wegverbindingen vrijwel geheel geïsoleerd. Ook het zuiden van de kuststreek Dalmatië lijkt geïsoleerd te zijn door het ondermijnen van een belangrijke brug.

De president van Bosnië, Alija Izetbegovic, heeft gisteren voorgesteld de grensgebieden met Kroatië tot gedemilitariseerde zones te maken om te voorkomen dat de gevechten overslaan naar Bosnië. In deze zones zouden slechts gewone politie-eenheden mogen patrouilleren. Waarnemers van de Europese Gemeenschap zouden er op moeten toezien, dat geen troepenversterkingen via Bosnië Kroatië worden binnengebracht.

Pag 5:

"Leger geeft onderdak aan opstandelingen'

Kroatië heeft het federale leger ervan beschuldigd Servische opstandelingen onderdak te geven in legerkampementen aan de Adriatische kust van Kroatië. Volgens Radio Zagreb worden de opstandelingen massaal in het geheim overgebracht vanuit de deelrepublieken Montenegro en Servië naar de steden Sibinek, Benkovac en Split aan de Dalmatische kust.

Twee ministers in de Joegoslavische federale regering van Kroatische afkomst hebben gisteren hun ontslag ingediend uit protest tegen “de besluiteloosheid van de regering bij het oplossen van de vernietigingsoorlog in Kroatië” en “de economische incompetentie”. Het onstlag van de twee - minister Branimir Zekan van financiën en minister Bozo Marendic van ontwikkeling - wordt beschouwd als een vitale uitholling van de resterende autoriteit van de federale regering.

De Joegoslavische minister van defensie Veljko Kadijevic heeft gisteren gezegd dat het leger niet bereid is zich terug te trekken, zoals de federale president Stipe Mesic, een Kroaat, woensdag had bevolen. “Het leger opereert buiten de wet en biedt zodoende een dekmantel voor misdaden die erger zijn dan die van de Tweede Wereldoorlog”, zei Mesic vervolgens gisteren in reactie daarop tegen het persbureau Tanjug. Kadijevic heeft die reactie vandaag weer van de hand gewezen, door te zeggen dat “het leger geen verantwoording schuldig is aan individuele leden van het presidentieel comité zoals Mesic.”

De premier van Krajina, Milan Babic, heeft er in een brief aan de Europese Gemeenschap voor gewaarschuwd dat, wanneer de vertegenwoordigers van de 600.000 tellende Servische minderheid in Kroatië uitgesloten blijven van de vredesconferentie in Den Haag, dit “ernstige gevolgen kan hebben”. “De Serviërs zullen dat voor geen enkele prijs accepteren”, aldus Babic.

Krajina is een regio in het westen van Kroatië waar voornamelijk Serviërs wonen, die zich augustus vorig jaar afscheidden van Kroatië. Babic liet er gisteren op een persconferentie geen misverstand over bestaan, dat de gebieden in Kroatië en Bosnië waar Serviërs wonen bij Krajina aangesloten moeten worden.

De Joegoslavische troonpretendent, prins Alexander II zal op 5 oktober een bezoek brengen aan Joegoslavië. De Servische oppositie leider, Vuk Draskovic maakte dit gisteren bekend. Een woordvoerder van de prins heeft het bezoek bevestigd. Draskovic zei dat de prins geen afstand doet van zijn aanspraak op de Joegoslavische troon. “De prins is van mening dat de Joegoslavische bevolking per referendum moet kunnen beslissen of zij opnieuw een koninkrijk wil”, aldus Draskovic. Hij zei dat de prins van plan is zich voor goed in Joegoslavië te vestigen. De prins woont nu in Londen waar de Joegoslavische koninklijke familie Karadjordjevic tijdens de Tweede Wereldoorlog haar toevlucht zocht.

Alexander II is de kleinzoon van de in 1934 vermoorde Joegoslavische koning Alexander. Zijn vader, Peter II, stierf in 1970. In 1946 spraken de Joegoslaven zich tijdens een door de communistische partij georganiseerd referendum uit voor een republiek. Wanneer de prins inderdaad naar Belgrado komt, zou dat de eerste keer na de Tweede Wereldoorlog zijn dat een lid van de koninklijke familie het land bezoekt.

Volgens de Nederlandse generaal J. Kosters waren Kroaten verantwoordelijk voor het beschieten van de helikopter waarmee de EG-afgezant H. Wijnaendts woensdag naar de Kroatische stad Okucani vloog. Daarbij werd een brandstoftank van de helikopter - een Mil Mi-8 "Hip' van het federale leger - getroffen. Volgens Wijnaendts blijft de aanwezigheid EG-waarnemers in de omstreden gebieden noodzakelijk.