Russen tussen macht van de hoop en kracht van de angst

De augustus-crisis in Moskou markeerde het einde van het communisme en de overwinning van een cultuur van hoop op een cultuur gebaseerd op angst. Ik was in Moskou tijdens de coup, onder andere voor een "Congres van Landgenoten' , gesponsord door culturele leiders van Jeltsins Russische Republiek. Dit congres, dat emigranten in contact bracht met Russen uit alle delen van de uitgestrekte republiek, begon op 19 augustus, de dag van de coup.

Tijdens de kennismakingsbijeenkomst deed een functionaris van een federaal ministerie die met de coup sympathiseerde, een nogal botte poging om de mensen gerust te stellen.

Tijdens de openingszitting die avond hield een Amerikaan van Russische afkomst echter een bewogen redevoering tegen de coup, waarbij hij de aanwezigen vroeg op te staan om op die manier solidariteit te betuigen met de vermiste Michail Gorbatsjov en de belegerde Boris Jeltsin.

Onze Russische gastheren werden plotseling geconfronteerd met een publieke keuze: wel of niet opstaan. Voor mij was het was een diepe teleurstelling dat een aantal zogenoemde intellectuele en culturele Russische voorlieden niet alleen bleven zitten, maar bovendien kwaad waren dat ze hiermee werden geconfronteerd en zich vijandig gedroegen tegenover degenen die wel overeind kwamen.

Degenen die opstonden maakten al snel nog een keuze: ze besloten naar het "Witte Huis' te gaan, het parlementsgebouw, waar Boris Jeltsins regering standhield en niet naar het voor hen georganiseerde programma met muziek en dans.Toen kleine groepjes het congres verlieten en in de regen aankwamen bij het parlementsgebouw, troffen ze daar een verbijsterend aantal anderen die dezelfde individuele keuze hadden gemaakt en bezig waren barricaden op te werpen.

Russen die op de barricaden stonden, maakten een morele keuze op leven en dood die maandagnacht en de nacht daarop, toen iedereen rekening hield met een gewelddadige aanval op het Witte Huis. Maar veel belangrijker dan deze ingrijpende momenten is, dat de tweeënzeventig uur die de coup duurde een omvattende - en nog lang niet beëindigde - strijd heeft losgemaakt tussen de macht van de hoop en de kracht van de angst, die woedt in instellingen en families en individuen zelf.

Russen worden heen en weer geslingerd tussen hun aloude angst dat ze een sterke dictatuur nodig hebben om hen uit de ellende te helpen en hun nieuwe hoop dat ze daar misschien wel zelf toe in staat zijn - op democratische wijze dus.

Het leek wel of er bij de massale samenkomsten voor het "Witte Huis' uit deze historische ambivalentie een nieuwe Russische identiteit werd geboren, samengesteld uit zowel liberale Westerse verworvenheden als uit conservatieve Russische overtuigingen.

In een lezing voor een Moskous publiek vlak voor de coup, sprak ik de verwachting uit dat de toekomst van de Sovjet-Unie zou worden bepaald door de aard van de catharsis die de Russen zouden beleven tijdens de opbouw van hun land. Zou het een traditionele catharsis zijn, gebaseerd op zuiveringen, zondebokken en negatief nationalisme? Of een grondiger, morele catharsis in individuele mensen zelf die tot nieuw vertrouwen zou leiden en tothet overwinnen van geweld?

In de drie dagen die de coup duurde bewoog Rusland zich van een brute poging tot de eerste optie, naar de onwaarschijnlijke maar beslissende overwinning van de tweede. Rusland en een groot deel van de overige Sovjet-Unie, hebben nu de morele basis gelegd voor een nieuw soort maatschappij waarin angst vervangen is door hoop en die misschien wel de grootste mogelijkheden biedt aan democratische hervormers in de hele geschiedenis van het Russische rijk.

Maar op dit moment is er vrijwel geen ervaring met of structuur voor het creëren van de economische, politieke of wettelijke processen die horen bij een open, verantwoordelijke democratie.

Slechts een fractie van het enorme aantal partijbonzen en militaire- en politiefunctionarissen die hebben gecollaboreerd of gesympathiseerd met de coup zijn ontslagen. En de combinatie van een snel verslechterende economie en een ruim scala aan etnische en sociale spanningen vormen een ideale voedingsbodem voor een tweede poging tot een reactionaire machtsovername, die zonder twijfel gedisciplineerder en gevaarlijker zal zijn dan de eerste.

Deze negatieve factoren maken de noodzaak duidelijk van actievere Westerse betrokkenheid bij bij de poging om een democratie te vestigen in het Russische hart van de voormalige Sovjet-Unie. Na te hebben gedaan wat alleen zij konden doen - het vernietigen van het communisme - moeten de Russen zich nu snel op gebieden begeven waar ze het opdoen van Westerse ervaring nodig hebben.

In de eerste plaats is het nu van belang dat grote aantallen Sovjet-burgers voor korte tijd in de Verenigde Staten gaan wonen en werken om ervaring op te doen. De ervaring leert dat buitenlanders er veel meer aan hebben als zij naar Amerika komen en oppikken wat ze kunnen gebruiken dan dat Amerikanen hun in hun eigen land komen adviseren.

The Washington Post-NRC Handelsblad