Medicijn tegen kanker leidt tot uitroeiing van taxusboom

Bosbouwers stropen op het ogenblik de wouden in het noordwesten van de Verenigde Staten af naar exemplaren van de soort Taxus brevifolia.

Niemand weet hoeveel er zijn, niemand weet waar ze staan, want er was tot nu toe geen commerciële belangstelling voor. De taxus groeide in de houtopslag tussen en naast de produktiebossen en werd daaruit bij het uitdunnen en schonen weggekapt en verbrand. De Pacific yew tree, zoals zijn Amerikaanse naam is, werd altijd beschouwd als een groot onkruid hoewel het een langzame groeier is. Honderd jaar oude exemplaren zijn ongeveer 15 meter hoog.

Taxus brevifolia maakt echter taxol, een stof die toegediend aan patiëntes met een vergevorderd stadium van eierstokkanker bij eenderde van hen de kanker tot de helft van de oorspronkelijke grootte deed afnemen. In enkele gevallen was het gezwel niet meer waarneembaar, wat overigens niet wil zeggen dat de patiënte genezen is.

Dat taxol de groei van kankercellen remt werd al in de jaren zestig ontdekt bij een snelle screening van planten door het National Cancer Institute. Pas in 1979 werd er verder naar gekeken en kwamen de bijzondere eigenschappen aan het licht. In 1982 volgden de eerste proeven bij mensen. In de afgelopen jaren bleek de werkzaamheid bij eierstokkanker en borstkanker. De registratie als medicijn door de Food and Drug Administration volgt waarschijnlijk volgend jaar. Wat het National Cancer Institute betreft is taxol het meest veelbelovende anti-kankermedicijn van de laatste tien jaar. Misschien het beste sinds de ontdekking van cisplatin.

Iedereen is nu op zoek naar Taxus brevifolia. Probleem voor de boom, voor de natuurbeschermers, voor de farmaceutische industrie en voor de bedreigde spotted owl die de boom tot zijn biotoop rekent is dat het taxol vooral in de bast van de boom zit. Een boom zonder bast gaat dood, dus de oogst is eenmalig. Om één patiënte te behandelen zijn er ongeveer zes honderd jaar oude bomen nodig

Het farmaceutische bedrijf Bristol-Myers Squibb heeft het contract voor de produktie van taxol van het National Cancer Institute verworven en wil voorlopig jaarlijks 300.000 kilo bast voor 2,5 dollar per kilo aankopen, genoeg voor 25 kilo pure taxol waarmee 5.000 patiëntes kunnen worden geholpen. Een ervaren bastpeller, die weet waar de bomen staan, kan makkelijk 100 dollar per dag verdienen en dat maakt stropen aantrekkelijk. In de Amerikaanse pers verschenen al reportages over tientallen jaren oude karakteristieke taxusbosjes die in kennelijke haast vanaf en halve meter tot twee meter hoogte waren gestript. De geschokte parkopzichter zag witte stammetjes blinken tussen het stemmige donkergroen en bruin.

Bristol-Meyers Squibb heeft inmiddels het bosbouwbedrijf Weyerhauser (dat 280 miljoen bomen per jaar aanplant) gecontracteerd om de taxussoort aan te planten. Het eerste probleem voor Weyerhauser was het zaad. Kwekerijen, arboreta en bosopzichters werden aangeschreven om zaad te sturen. Medewerkers moesten hun eigen verzamelingen afgeven. De firma heeft nu 70 genotypen bij elkaar, zodat de veredeling, gericht op een dikke bast met veel taxol erin, kan beginnen.

Een biotechnologisch bedrijf in Californië, ESCA-genetics, heeft inmiddels taxol uit een weefselkweek gewonnen en denkt binnen enkele jaren door genetische manipulatie hoogproduktieve cellijnen in handen te hebben die voldoende taxol maken om aan de jaarlijkse behoefte voor tienduizenden patiënten te kunnen voldoen.