Gevangenisdirecties ontkennen groei drugs- en alcoholverslaafden

DEN HAAG, 12 SEPT. “Een explosieve toename van het aantal drugs- en alcoholverslaafden in de gevangenis? Dat is helemaal niet waar!” Dat zegt de voorzitter van de Vereniging van Directieambtenaren bij Penitentiaire en aanverwante Inrichtingen, P. Koehorst. Zijn reactie staat haaks op het gisteren bekend gemaakte jaarverslag over 1990 van de geneeskundig inspecteur Th.J. de Man bij het ministerie van justitie. Daarin wordt gemeld dat het aantal drugsgebruikers in gevangenissen, huizen van bewaring, penitentiaire ziekenhuizen, tbs-inrichtingen en kinderbeschermingshuizen de afgelopen jaren sterk gegroeid is.

Volgens de opgave van 60 gevangenissen, huizen van bewaring en penitentiaire ziekenhuizen was het aantal verslaafden aan heroïne vorig jaar 4863, aan cocaïne 1380, aan rohypnol 1360, aan alcohol 1532 en aan amfetamine 89. In totaal verbleven in 1990 ruim 21.000 gedetineerden in de 66 instellingen in Nederland. Inspecteur De Man schat de groei van het aantal verslaafden tussen de twintig en veertig procent.

P. Koehorst, tevens directeur van de penitentiaire inrichtingen Nieuw Vosseveld, ontkent dat er sprake is van een toename. Hij schat dat het percentage alcohol- en drugsverslaafden al jaren tussen de zestig en zeventig procent ligt. “Dat blijft constant.” Hoe de geneeskundige inspectie van het ministerie van justitie tot een groei van 20-40 procent komt, weet Koehorst niet. “Ik vermoed dat in het verleden verkeerd geteld is.” Het ministerie wil over de uitspraak van Koehorst niets anders zeggen dan dat “Het een reactie van een bond is”. Volgens de woordvoerster van justitie zijn exacte cijfers over de toename van binnengekomen verslaafden niet te geven omdat de registratiemethoden het afgelopen jaar zijn gewijzigd.

Hoe ook geregistreerd wordt, drugsgebruik is een vaststaand gegeven in strafinrichtingen. Koehorst: “Natuurlijk worden de cellen geïnspecteerd, er vindt controle op het lichaam plaats, maar er zijn zoveel manieren om drugs binnen te halen. Het lukt gewoon niet om drugs buiten te houden.” Drugsvrije afdelingen zijn er, aldus Koehorst, voor "junken' die drugsvrij willen raken. Die tekenen een contract waarin ze vastleggen niets te zullen gebruiken. Urinecontroles moeten verder uit wijzen of en wanneer iemand heroïne, cocaïne of marihuana gebruikt heeft. Koehorst heeft daarbij niet de illusie dat hij de gedetineerden van hun verslaving afhelpt. “Verslaving zit tussen je oren. Het kost minstens twee jaar van intensieve begeleiding voor iemand er echt af is. Maar dan zitten ze hier meestal al niet meer.”