Prijzen stijgen snel in Kabul

Weinigen zullen de afloop van de staatsgreep in Moskou zo hartgrondig hebben vervloekt als de Afghaanse president Najibullah.

Juist de leiders binnen het Rode Leger, de KGB en het partij-apparaat die het bewind in Kabul gunstig gezind waren, bleken door de mislukte coup ernstig in diskrediet te zijn geraakt. In hoog tempo moesten deze conservatieven het veld ruimen.

Toch liet Najibullah, een politicus met een krachtig overlevingsinstinct, niets van teleurstelling blijken. Het bewind in Kabul had ook niet meteen Janajev en de zijnen toegejuicht. Het bleef doodstil in de Afghaanse hoofdstad tot duidelijk was hoe de machtsgreep in Moskou afliep. Toen zond Najibullah prompt een gelukstelegram aan Gorbatsjov om hem te feliciteren met zijn terugkeer en met de “overwinning van de democratie” in zijn land.

Ook prees hij Boris Jeltsin uitbundig voor zijn optreden. Dezelfde Jeltsin, die al openlijk had verklaard het onzin te vinden om voedsel, broodnodig in de Sovjet-Unie zelf, aan Afghanistan te schenken. Dezelfde Jeltsin ook die vorig jaar al eens direct contact had gezocht met Najibullahs aartsvijanden, de islamitische verzetsstrijders, de mujahedeen.

De gevolgen van de gebeurtenissen in Moskou deden zich onmiddellijk voelen in Kabul. De hoofdstad, voor de oorlog een plaats met zo'n 700.000 inwoners maar door de jarenlange strijd in omvang meer dan verdrievoudigd, is voor zijn voedsel bijna geheel van Sovjet-hulp afhankelijk. Tot grote schrik van de Afghaanse regering stagneerde deze hulp meteen. In de pakhuizen ligt pas een kwart van de afgesproken 200.000 ton graan die Moskou Kabul zou leveren om de strenge winter door te komen. Op het ogenblik worden er vrijwel geen nieuwe goederen aangevoerd en niemand weet of hierin nog verandering zal komen.

Ook de verzekering van een parlementaire delegatie uit de Sovjet-Unie deze week dat de hulp gewoon doorgaat, kan de twijfel niet wegnemen. Parlementariërs zijn immers geen machthebbers, en een vrijblijvende toezegging is gauw gedaan. De prijzen in Kabul voor eerste levensbehoeften zijn intussen bezig aan een steile klim. In allerijl heeft Kabul maar vast bij een andere bondgenoot, India, aangeklopt om aanvullende voedselhulp, tot nu toe zonder succes.

Wat nog wel doorgaat, zijn de leveranties van wapens en munitie. Die kosten Moskou toch niets nu het zich op grote schaal terugtrekt uit Oost-Europa. Hoe lang deze militaire hulp nog genade kan vinden in de ogen van Jeltsin, moet echter worden afgewacht. In elk geval zal Najibullah ze de komende tijd hard nodig hebben. De mujahedeen putten immers nieuwe hoop uit de plotselinge veranderingen in de Sovjet-Unie. Met steun van de eigenzinnige Pakistaanse geheime dienst ISI willen ze naar verluidt een laatste serieuze poging wagen om de grotere plaatsen Gardez en Kandahar te veroveren. Lukt dat, dan is Kabul het volgende doel.

Toch is het te vroeg om Najibullah af te schrijven. De militaire prestaties van de mujahedeen zijn sinds het vertrek van het Rode Leger, ruim twee jaar geleden, uiterst mager geweest. Politiek gezien hebben de verzetsleiders er zo mogelijk nog minder van terecht gebracht. De helft van de tijd bevechten ze elkaar, in plaats van de gemeenschappelijke vijand. Bovendien zijn ze erin geslaagd verscheidene belangrijke bondgenoten geheel van zich te vervreemden, voorop de Verenigde Staten die hun militaire hulp aan de mujahedeen zelfs hebben gestaakt. Of ze het dus met succes kunnen opnemen tegen de nog steeds goed bewapende troepen van Najibullah, is zeer de vraag.

Ook staat vast dat de bevolking de intussen al zo'n twaalf jaar woedende oorlog beu is. De meeste Afghanen - en zeker de vijf miljoen vluchtelingen in Pakistan en Iran - voelen geen enkele sympathie voor het bewind van Najibullah, ook al heeft dit het communisme formeel afgezworen en houdt het meer rekening met de wensen van de bevolking dan vroeger. Maar voor het onverzoenlijke fundamentalisme van de belangrijkste verzetsleiders hebben ze evenmin waardering. Het laatste waar ze behoefte aan hebben is een nieuwe ronde van wederzijds bloedvergieten.

Als de Sovjet-Unie of wat daarvan over is inderdaad haar handen aftrekt van Afghanistan en de Amerikanen komen niet terug van hun besluit de mujahedeen aan hun lot over te laten, dan schept dit een totaal nieuwe situatie. Zonder de dimensie van een confrontatie tussen de supermogendheden "degradeert' de Afghaanse crisis tot een regionaal probleem. Afghanistans buurlanden Pakistan en Iran mogen dan proberen om samen met de mujahedeen en Najibullah de Afghaanse crisis op te lossen.

Of Pakistan en Iran er echter in slagen om harmonieus samen te werken aan een oplossing voor het probleem-Afghanistan lijkt op zijn minst twijfelachtig. Tot nu toe hadden ze een gemeenschappelijk belang, namelijk de communisten uit Afghanistan te verdrijven. Als de Sovjet-Unie zich van Afghanistan afkeert, verandert de toestand drastisch. Zowel Pakistan als Iran gaan vermoedelijk elk proberen zoveel mogelijk invloed te verkrijgen in Afghanistan. En wat de Afghanen zelf willen, speelt geen enkele rol.