Omstreden beursfondsen vragen opnieuw uitstel voor opmaken jaarrekening; Commissarissen Chamotte weg

AMSTERDAM, 11 SEPT. Ir. J.J. Kraaijeveld van Hemert en mr. H.H. Scholten zijn opgestapt als commissarissen van de beursfondsen Chamotte Unie en Bobel. “Ik ben opgestapt omdat ze niet, zoals beloofd Chamotte Unie, maar een ander fonds zullen gebruiken voor de voorgenomen herstrukturering,” aldus Kraaijeveld van Hemert vanochtend desgevraagd.

Met “ze” verwijst hij naar de Zwitserse grootaandeelhouder Sasea, de beleggingsmaatschappij van de Italiaanse zakenman Florio Fiorini. Eind juni had Kraaijeveld de kleine aandeelhouders verteld dat hij werkte aan een herstrukturering van Chamotte Unie (en Bobel). De bedoeling was dat Sasea voor vele honderden miljoenen aan bezittingen in Chamotte Unie zou brengen.

Kraaijeveld wil niet zeggen welke onderneming Sasea nu dan zal gebruiken. Hij zegt slechts dat het een Nederlandse vennootschap is :“Lege NV's zijn hier genoeg te krijgen.” Hij geeft toe dat lege beursfondsen minder courant zijn. “Maar dan breng je hem toch gewoon naar de beurs.”

Chamotte Unie en Bobel meldden gisteravond opnieuw uitstel te moeten vragen voor het opmaken van de jaarrekening. Ze geven daarvoor als reden dat de Sasea Groep hun heeft medegedeeld dat de accountantscontrole over haar geconsolideerde cijfers per 31 december 1990 nog niet is afgerond. Sasea is niet alleen grootaandeelhouder, maar ook de grootste debiteur van beide.

Op de laatste aandeelhoudersvergaderingen van beide fondsen op 28 juni werd uitstel van het opmaken van de eigen cijfers gevraagd omdat de Sasea-cijfers niet voorhanden waren. Toen werd als verklaring daarvoor gegeven dat Sasea een gebroken boekjaar heeft dat eind juni sluit.

Volgens een woordvoerder van de fondsen zit dat “heel ingewikkeld” in elkaar. “Er zijn eigenlijk twee Sasea's, eentje geconsolideerd en een holding. Het boekjaar van de een sluit eind van het jaar, dat van die ander eind juni. Maar het gaat om de vennootschap die eind van het jaar sluit.”

Sasea heeft onlangs bekend gemaakt over 1990 een verlies van 220 miljoen Zwitserse frank te hebben geleden, voornamelijk als gevolg van slecht afgelopen handelstransacties in enkele Westafrikaanse landen. Dit cijfer is niet door accountant KPMG bevestigd.

In die jaarcijfers is evenmin opgenomen de overneming van de Amerikaanse filmstudio MGM-Pathé door Fiorini en diens in opspraak gekomen zakenvriend Giancarlo Parretti. Op aandrang van Crédit Lyonnais Bank Nederland - de huisbankier van het duo - moeten Fiorini en Parretti de noodlijdende filmstudio weer van de hand doen. Daar verzet vooral Parretti zich met hand en tand tegen. Zijn juridische stappen tegen de bank in de VS worden echter wat bemoeilijkt omdat hem de toegang tot de VS dreigt te worden versperd. De Amerikaanse immigratiedienst beticht hem ervan een veroordeling in Italië niet te hebben opgegeven toen hij eerder een visum aanvroeg.

Chamotte Unie en Bobel zijn evenals het beursfonds Melia nauw verbonden met het wel en wee van Sasea. Kraaijeveld van Hemert stond bloot aan zware kritiek van de Vereniging Effectenbezitters (VEB). Die maakte bezwaar tegen zijn lakse optreden dat de minderheidsaandeelhouders zou benadelen. De VEB protesteerde daarom zelfs (tevergeefs) in heel ander verband tegen Kraaijevelds benoeming tot commissaris bij Smit Internationale. (Kraaijeveld is ook commissaris bij verzekeraar Amev). De VEB heeft inmiddels genoeg aanmeldingen om bij de ondernemingskamer om een enquête rond Chamotte Unie te vragen.

Kraaijeveld pareerde die kritiek op twee manieren. In een interview met Elsevier noemde hij de VEB-voorman een “publiciteitsgeile fanaat.” Anderzijds bezwoer hij de kleine aandeelhouders dat hij juist was blijven zitten om hun belangen veilig te stellen in de moeizame onderhandelingen met de grootaandeelhouders uit het Sasea-kamp. Op de vergadering in juni zei hij alles in het werk te zullen stellen om de beoogde herstrukturering van beide beursfondsen door te voeren op een manier die goed was voor kleine aandeelhouders en obligatiehouders.

Veel van de aanwezigen interpreteerden zijn woorden zo dat ze hoopten op een uitkoop van hun stukken door de grootaandeelhouder. Die had plannen om tal van activa onder te brengen in Chamotte Unie. Kraaijveld zegt nu: “Ik heb toezeggingen gekregen dat die kleine aandeelhouders niet benadeeld worden. Ze worden niet in de steek gelaten.”

Kraaijeveld stapt nu op omdat de toegezegde herstrukturering er niet komt. Kraaijeveld: “Het duurt ook allemaal veel te lang. Je bent als commissaris bovendien zo afhankelijk.” Bij beide fondsen resteren nu alleen nog commissarissen uit het Sasea-kamp. In bijzondere aandeelhoudersvergaderingen op 27 september zal opnieuw om uitstel van het opmaken van de jaarcijfers worden gevraagd. Volgens Kraaijeveld zal het op die vergadering “een goede vraag zijn, om te informeren wat er nu met de kleine aandeelhouders gebeurt.” Zal hijzelf op die vergadering zijn? “Jazeker, er is geen enkele reden om nu je kop weg te houden.”

Wat de beurs betreft, is er weinig veranderd. Beide fondsen zitten al op het strafbankje van de niet-officiële notering. “De belegger was dus gewaarschuwd”, aldus de woordvoerder van de beurs. Het beursbestuur heeft aan het eveneens op de strafbank zittende aan Sasea gelieerde fonds Melia International enige inhoudelijke vragen gesteld, maar daar nog geen antwoord op gekregen. In beurskringen houdt men er overigens rekening mee dat de drie fondsen binnenkort geheel uit de notering zullen worden verwijderd.