Om elf uur telt niemand de bommen nog

OSIJEK, 11 SEPT. Nee, hamburgers kan de kiosk aan het centrale plein van Osijek vandaag helaas niet leveren. Het vlees is er, maar de broodjes zijn vandaag niet gebakken in deze al tien dagen lang door Serviërs bestookte Kroatische stad.

Vandaag begon het bombardement om vijf uur 's ochtends, vlak nadat voor het eerst in Osijek een avondklok van kracht was geweest. Binnen een uur landden er veertig granaten op de stad, meestal op burgerdoelen. En dit ondanks de aanwezigheid van vijf waarnemers van de EG, die moeten toezien op de naleving van het staakt-het-vuren.

Om acht uur 's ochtends volgde een nieuwe ronde mortiervuur, en om half elf nog eentje. Inmiddels was iedereen de tel kwijt. Bij een van de laatste salvo's kwam een oude vrouw om en werden twee mensen gewond. Daarna hernam het leven zijn min of meer normale loop in Osijek. Je kunt tenslotte niet altijd binnen blijven. Het is betrekkelijk geanimeerd op straat, maar de glimlach op de gezichten ontbreekt.

Aanvankelijk bleven de mortierbombardementen beperkt tot de nachtelijke uren en sommige buitenwijken van deze 150.000 inwoners tellende stad. Nu echter komt het vuur uit het noorden, waar op één dorp na de Serviërs een hele streek, de Baranja, hebben veroverd. De granaten bereiken nu dus ook het negentiende-eeuwse centrum van de stad, waar een voltreffer op het centrale plein vanochtend de meeste winkelruiten heeft doen springen.

Voorbijgangers kijken met verbijstering naar de krater die het projectiel in het plaveisel heeft geslagen. De schade aan de naburige kathedraal is al van vorige week donderdag - nog voordat de Nederlandse diplomaat Henri Wijnaendts naar Osijek was gekomen om het onder auspiciën van de EG afgesloten staakt-het-vuren door een lokaal akkoord tussen de strijdende partijen kracht bij te zetten.

Pag.5 : Kroatië; Ook vredestichters onder vuur

“Wij zijn hier om de naleving van de gemaakte afspraken te controleren, niet om nieuwe initiatieven te ontwikkelen”, zegt Gilles Edens, in het dagelijks leven overste bij de Nederlandse infanterie maar hier een van de vijf EG-waarnemers. Het is de overste aan te zien dat hij zich, na de controle op de naleving van het akkoord over Slovenië, nu met grote inzet aan de heel wat ingewikkelder taak in het verscheurde Kroatië wijdt. In witte auto's rijden de waarnemers af en aan bij het restaurant in het centrum van de stad, dat zij tot hun commandocentrum annex lunchadres hebben gemaakt.

Rond het middaguur komt de "liaison-officer' van het Joegoslavische leger aan. Kolonel Marko Nikolic heeft het niet eenvoudig, want hij weet niet waar hij de waarnemers moet vinden: in het gebouw van de gemeenteraad, of in het restaurant, of in Hotel Centrum, waar ze wonen. Zoekend loopt de kolonel over het plein, gevolgd door een allengs aanzwellende, scheldende menigte. Veel inwoners zijn er vast van overtuigd dat het leger de bombardementen uitvoert. Maar tenslotte arriveert de kolonel toch te bestemder plaatse en al spoedig zien wij hem in druk overleg met waarnemers en leden van de Kroatische Nationale Garde.

Zo was het voorzien in het akkoord dat Van den Broeks speciale afgezant Wijnaendts, die in Kroatië van front naar front reist om het staakt-het-vuren praktische inhoud te geven, vorige week sloot met de Kroaten, het Joegoslavische leger en de Serviërs. Alle partijen beloofden niet als eerste te schieten en, wanneer er toch wordt geschoten, niet terug te schieten maar contact op te nemen met de verbindingsofficieren van de andere partijen.

Getuige de vandaag op Osijek gevallen granaten is men van realisatie van het akkoord nog ver verwijderd. Kroaten en leger ontkennen beiden met schieten te beginnen en dus moeten de granaten afkomstig zijn van de Serviërs aan de overkant van de rivier. Contact met hen is niet eenvoudig. Er is ook nog geen liaison-officier voor de Serviërs benoemd: alle communicatie verloopt door bemiddeling van het Joegoslavische leger.

Intussen gaan de waarnemers, begeleid door Kroatische politie en - in door Serviërs gecontroleerd gebied - het leger, naar de plaatsen waar incidenten hebben plaatsgevonden. “Het is belangrijk het gezicht van de EG te laten zien”, meent overste Edens. De waarnemers kunnen drie bezoeken per dag afleggen, waarvan de informatieve waarde voorshands bescheiden lijkt: “Veel tijd gaat heen met vertalen. En beide zijden beschuldigen elkaar er steeds van als eerste te zijn begonnen en het vooral gemunt te hebben op burgerobjecten als kleuterscholen en ziekenhuizen”, aldus Edens.

Een ploeg waarnemers vinden wij terug in Tvrdja, de uit 17de- en 18de-eeuwse gebouwen bestaande oude stad van Osijek. Eén van die gebouwen huisvest een militair hospitaal en daaromheen hebben de gehele nacht vuurgevechten plaatsgevonden tussen Kroatische Gardisten en de wacht. Een militaire ambulance voor de ingang is daarbij half kapot geschoten. De oude gevels rondom hebben door de vijandelijkheden sterk geleden. Bewoners zijn bezig de resten van een barokstandbeeld weg te dragen.

Bij ten minste één tocht van de EG-waarnemers heeft de stelling van de Kroaten, dat zij nooit als eersten schieten, gisteren geen stand gehouden. Tussen Osijek en Sarvas opende een Gardist met artillerie het vuur op de andere zijde, juist toen de waarnemers voorbijreden. Een waarnemer stapte uit en riep naar de Kroatische commandant “dat zij hun mensen beter in de hand moeten houden”.

De waarnemers, die zondag zijn gekomen, hebben nog geen sporen gevonden van de 150 mm granaten die het leger volgens de Kroaten afvuurt vanaf een naburig schietterrein. Bij de bombardementen van de laatste dagen zijn 81 mm en 120 mm granaten gebruikt, die kunnen worden afgevuurd uit de mortieren waarover de bewapende Serviërs beschikken.

Dat ook deze derde dag van aanwezigheid van de EG-waarnemers nog geen vrede heeft gebracht, blijkt al om half vier 's middags. Doffe klappen duiden aan dat het mortierbombardement is hervat, ditmaal op het industrieterrein aan de oostkant van de stad. In een oogwenk zijn de straten weer leeg, de winkels gesloten. Rond acht uur licht de hemel boven de verduisterde stad op van de explosies, zowel aan het front ten zuiden van de stad als bij de brug naar het noorden, waar de Kroaten nog maar zo'n twee kilometer min of meer onder controle hebben. Het schieten gaat de hele avond door. Even na middernacht scheren in het pikkedonker twee straaljagers over de stad en bombarderen iets in een buitenwijk. Een half uur later volgt een langzamer type vliegtuig, dat in het centrum het vuur opent, maar door luchtdoelgeschut van de Kroaten onder vuur wordt genomen.

Met grote regelmaat vallen inmiddels mortiergranaten neer op de buitenwijken. Als het geluid zo rond vier uur dichterbij lijkt te komen en behalve de doffe dreunen ook het fluitend naderen en de inslag van de granaat te onderscheiden zijn, acht deze verslaggever het moment gekomen een schuilkelder op te zoeken.

Tientallen mensen liggen in een ondergrondse garage op matrassen, bewaakt door een man met een machinepistool. Het gaat voor een deel om bewoners van de vluchtelingenopvang op de hoek - dorpelingen die al twee maanden geleden door Serviërs zijn verdreven.

Rond zes uur wordt iedereen als bij toverslag tegelijk wakker. “Wordt er nog geschoten”, vraagt een vrouw, maar dat valt mee. “Buiten rijden normaal de autobussen”, vertelt iemand die net binnenwandelt. Op straat zijn de gebeurtenissen van de afgelopen nacht, die volgens een eerste balans geen doden en gewonden hebben geëist, het voornaamste gespreksonderwerp. “Het viel erg mee vannacht”, lijkt de algemene opvatting. Ten slotte zijn er geen granaten op het centrum gevallen. Het leven herneemt zijn normale loop in Osijek. Nou ja, wat je normaal noemt. En de EG-waarnemers beginnen aan hun vierde dag van vredestichten.