Decentralisatie moet Volmac naar herstel van winst leiden

UTRECHT, 11 SEPT. Een naam heeft Dohmen er nog niet voor, maar het veertienpunten-plan van Volmac moet wonderen verrichten.

Volmac-bestuursvoorzitter G.G. Dohmen heeft een nieuw offensief ingezet om de scherp terugvallende resultaten weer op te peppen. De winst staat nu al drie jaar onder druk en de winsterosie neemt toe.

“Het is niet de bedoeling om na drie jaar van winstval er nog een vierde aan toe te voegen”, aldus Dohmen. De al vaak voor verkeerde prognoses afgestrafte bestuursvoorzitter, gaat uiterst omzichtig te werk bij het geven van voorspellingen.

Waarom zou de Volmac-winst niet nog een vierde jaar van winstval laten zien? De kosten van Volmac blijken namelijk niet in de hand te houden. Autonoom stijgen Volmacs personeelskosten al vier procent boven de inflatie, onafhankelijk van de opbrengsten.

Als remedie ziet Dohmen het veertienpunten-plan. “Volmac zal bestaan uit een steeds groter aantal ondernemers”, zo beschrijft Dohmen het belangrijkste doel van het plan. Het bedrijf zal worden opgesplitst in een aantal onderdelen met een eigen strategie en een eigen budgettering. “Haalt de afdeling de prognose niet, dan zal het onderdeel worden gesloten of het management worden vervangen”, zo klinkt het dreigend. Dohmen ontkent echter pertinent dat hij al afdelingen op het oog heeft die moeten worden afgestoten.

Tot een afslanking van de organisatie zal het actieplan niet hoeven leiden. Daarmee lijkt - afgezien van motivatievoordelen - de invloed op het resultaat vrij beperkt.

Het winstherstel moet vooral komen door de markt, zo herhaalt Dohmen elk jaar. In de afgelopen twee jaar moest in het jaarverslag vervolgens worden gemeld dat de markt was tegengevallen. “Ik geloof nog steeds dat de markt gemiddeld met tien procent groeit, maar of dat volgend jaar ook zo zal zijn durf ik niet te zeggen”.

Dohmen gaat er van uit dat als de omzet aantrekt ook de winst zal verbeteren. “Het probleem voor ons is de bezetting. We zijn geen produktiebedrijf waar we op voorraad kunnen produceren. Wanneer wij onze mensen niet aan het werk kunnen houden is dat puur verlies.”

In de gouden tijd 1988 toen Volmac van elke gulden omzet veertig cent aan bedrijfsresultaat overhield werkten alle Volmaccers bijna het hele jaar. “Dat was ook niet gezond. Wij streven naar een frictie-leegloop van 2,5 procent. In de afgelopen tijd was het geen frictie meer maar was het echte leegloop: zo'n tien procent. Nu hebben we vijf procent leegloop”.

Wanneer Volmac er in zou slagen de leegloop te drukken tot 2,5 procent zou dat op jaarbasis meer dan twintig miljoen gulden winst opleveren. Daarmee is Volmac er overigens nog niet. Analisten gingen er percies een jaar geleden nog van uit dat de winst dit jaar uit zou komen op zo'n 87 miljoen gulden. Wanneer de trend van het eerste halfjaar zich voortzet komt Volmac uit op 45 a 55 miljoen gulden. Zelfs met optimale bezetting had Volmac de verwachtingen van beleggers voor dit jaar niet gehaald.

Dohmen: “Betere bezettingsgraad staat nooit op zichzelf. Wanneer de vraag toeneemt stijgen ook de marges.” Daarom zou de winst bij een optimale bezetting met meer dan 20 miljoen gulden kunnen stijgen.

De markt kan Volmac niet beïnvloeden. Tegelijkertijd slaagt de onderneming er nauwelijks in de bezettingsgraad zelf te verbeteren. Dohmen wil niet saneren omdat de leegloop zich steeds op andere plaatsen voordoet. Ontslag betekent slechts omzet- en winstderving en op termijn vernietiging van investeringen in goed opgeleide mensen, verklaart Dohmen.

Een andere manier om Volmac weer perspectief te bieden is het overnemen van bedrijven of het zelf aanboren van groeisegmenten. Daarin is Volmac tot nu toe weinig succesvol geweest. De World Software Group, een project van de grootaandeelhouders van Volmac, zou deelnemen in buitenlandse softwarebedrijven. Daar is weinig van terecht gekomen. “Duidelijk is dat WSG niet aan de verwachtingen beantwoordt. Momenteel wordt ook bekeken of de WSG nog wel het ideale vehikel is”, aldus Dohmen.

Geniet de WSG nog het voordeel van de twijfel, voor de andere diversificatie - systeemhuizen - is het doek al gevallen. “Wij hebben ons vergist. Er is geen synergie. Bij systeemhuizen gaat het om kleinere klanten die kleinere oplossingen willen en wel een beetje willen ritselen”.

Volmac mikt nu op 'facilities management', het onderhoud en beheer van automatiseringscentra van bedrijven en instellingen. Zo heeft Volmac het Rijks Reken Centrum in Heerlen overgenomen. Dohmen is nu naarstig in Nederland op zoek naar een overnamekandidaat. Facilities management is nu nog verliesgevend en zal ook op termijn nooit de marges kunnen evenaren die Volmac gewend is van softwarewerk, aldus Dohmen. “Facilities management geeft meer stabiliteit op termijn”.

Een ander argument voor diversificatie in facilities management is van defensieve aard. Op de Nederlandse markt opereert multinational EDS. Als EDS een contract afsluit, bijvoorbeeld met Heineken, heeft het zo'n bedrijf Volmac niet meer nodig als sofware-ontwikkelaar.

Als het actieplan tegenzit en de markt net als in voorgaande jaren achterblijft bij de verwachtingen, zal Volmac een andere oplossing moeten zoeken. Dohmen: “We worden vaak gebeld voor een overname, maar op dit moment zie ik nog onvoldoende reden”.